Kinderwens

Nog altijd is het verdriet van de kinderloze man een taboe. ‘Is mijn verdriet minder erg omdat het niet om mijn lijf gaat?’

Bas Janse (links) en Joost Kadijk. Beeld Judith Jockel
Bas Janse (links) en Joost Kadijk.Beeld Judith Jockel

Het verdriet om (nog) ongewenste kinderloosheid heeft grote impact. Onder mannen is het onderwerp vaak taboe. Toch laten ze steeds meer van zich horen. Op Vaderdag vertellen twee mannen over het gemis en hun verdriet.

Op het terras zitten een paar vrienden met een biertje. Opgetogen en met de nodige bravoure kondigt één van hen zijn aanstaande vaderschap aan. “We waren er nog niet echt mee bezig, gewoon een beetje oefenen. Wat denk je? In één keer raak. Superzaad, ik zeg het je. En bij jullie? Wordt het ook niet eens tijd om een baby te maken?”

Joost Kadijk verging het lachen bij dit soort jolige zwangerschapsaankondigingen van bekenden. “Ik had het met bijna niemand over onze kinderwens.”

Het kwam als een mokerslag

Hij vertelde dus niet dat hij een laag testosteron en een slechte spermakwaliteit had. Hij vertelde ook niet dat zijn vrouw Karin waarschijnlijk in de vervroegde overgang was en dat ze in het ziekenhuis terechtkwamen voor een IVF/ICSI-traject. En hij vertelde niet dat daar ondanks alle moeite helaas geen zwangerschap uit ontstond.

Kadijk: “Op een zondagochtend kwam de mokerslag, toen de laborant van het ziekenhuis ons belde met de mededeling: je hoeft zo niet te komen voor een terugplaatsing, want er heeft geen bevruchting plaatsgevonden.”

Kadijk en zijn vrouw hadden al besloten dat ze na drie pogingen zouden stoppen met behandelingen. En nu werd deze laatste poging onverwacht in de kiem gesmoord. “Dat telefoontje van de laborant, die waarschijnlijk dacht dat hij ons nu lekker een vrije zondagochtend cadeau gaf, markeerde het einde van onze kinderwens. Wat voelden we ons verdrietig, boos, wanhopig. Alles tegelijk. Zo heftig.”

 Joost Kadijk. Beeld Judith Jockel
Joost Kadijk.Beeld Judith Jockel

In de periode na hun behandelingen besefte Kadijk steeds vaker hoe beperkt zijn rol als man was geweest. “Alle aandacht was gericht op mijn vrouw. In de spreekkamer, maar ook daarbuiten. Ik was nagenoeg onvruchtbaar, maar dat werd bijna afgedaan als een gegeven waar toch niets aan te veranderen was. Er is nooit iets voorgesteld waarmee ik mijn vruchtbaarheid zou kunnen verbeteren. Ondertussen werd bij Karin van alles onderzocht en geprobeerd.” Ook op emotioneel vlak was er nauwelijks of geen aandacht. Kadijk: “Het duurde maanden voordat we na dat bewuste telefoontje van de laborant een nagesprek hadden in het ziekenhuis. Laten we zeggen dat het inlevingsvermogen beperkt was.”

Eén op de zes stellen heeft te maken met vruchtbaarheidsproblemen, één op de vier stellen krijgt ooit een miskraam waarbij een vroege zwangerschap misloopt. Het verdriet rondom een (nog) onvervulde kinderwens kan veel impact hebben. “Dat geldt voor de vrouw, maar net zo goed voor de man”, zegt Didi Braat, hoogleraar obstetrie & gynaecologie alsmede voortplantingsgeneeskunde bij het Radboudumc. Braat gaat op 23 juni met emeritaat. In haar afscheidsrede vraagt ze nadrukkelijk aandacht voor de mannelijke kant van onvruchtbaarheid. Iets dat ze ook al deed als opleider van jonge artsen, en als praktiserend gynaecoloog in haar eigen spreekkamer. Braat: “We hebben binnen de voortplantingsgeneeskunde lang de neiging gehad om vooral naar de vrouw te kijken. Zij ondergaat de echo’s en de eventuele punctie, zij wordt zwanger of niet. Het gebeurt allemaal in haar lichaam.”

Samen een kinderwens

Maar dat is geen reden om de man te vergeten, zegt Braat. “Het gaat natuurlijk om beide partners, ze hebben samen een kinderwens. Als een poging is mislukt, raakt het verdriet hen allebei. Ga je verder met behandelingen of trek je een grens? Dat is een keuze die zij moeten maken. Hoe ga je samen verder als er geen kinderen komen? Ik heb meerdere keren meegemaakt dat een man in de spreekkamer in tranen uitbarstte op mijn eenvoudige vraag: hoe gaat het eigenlijk met jou? Trek jij het nog? Lichamelijk is de belasting van een fertiliteitstraject voor vrouwen over het algemeen zwaarder, maar op emotioneel vlak is het voor allebei even zwaar.”

Bas Janse (40) en zijn vriendin Femke willen ook graag kinderen en kwamen hiervoor in het ziekenhuis terecht. Na drie inseminatiepogingen (IUI) raakte Femke zwanger. Een paar weken later stapten ze vol verwachting de kamer van de echoscopiste in, zonder zich te realiseren dat het ook weleens niet goed kon zijn. Janse: “Zij vertelde ons vrij kortaf dat ze geen hartactie zag, terwijl ze dat bij deze termijn wel had verwacht. Misschien was het naïef maar ik zat al helemaal in de euforie van het aanstaande vaderschap en nu hoorden we dat het niet goed was. We voelden ons overrompeld en intens verdrietig.”

Bas Janse. Beeld Judith Jockel
Bas Janse.Beeld Judith Jockel

Gelukkig raakten ze snel opnieuw zwanger. “Deze keer was er hartactie bij de eerste echo, dus we durfden blij te zijn.” Maar bij volgende echo bleek het weer mis. “Het was een vuistslag in ons gezicht. Mijn vrouw moest opnieuw een curettage ondergaan, we waren weer terug bij af.”

Van nazorg was nauwelijks sprake. “Ik had behoefte aan meer uitleg van onze fertiliteitsarts. Wat was er misgegaan? Het maakt het verdriet niet minder, maar als ik meer uitleg krijg over het hoe, wat en waarom kan ik het beter accepteren”, vertelt Janse. Hij merkte dat zijn vriendin meer begrip en erkenning kreeg vanuit hun omgeving. “Dat was fijn. Tegelijkertijd voelde het alsof ik vergeten werd. Is mijn verdriet minder erg omdat het niet om mijn lijf gaat? Zo ervaar ik het niet, het is ook mijn verlies. Ik worstelde daarmee.”

Inmiddels ligt het kinderwenstraject voor Kadijk en zijn vrouw zo’n vijftien jaar achter hen. “Eerst hoop je dat er toch nog een wonder gebeurt, maar die vlieger ging niet op. We doorliepen samen een rouwproces. Het was niet iets dat ik graag met vrienden deelde, die allemaal kinderen kregen. Ik wilde zo graag vader worden en Karin zo graag moeder. Hoe geef je het kinderloze leven dan vorm? Dat wat anderen in onze omgeving wél meemaakten, zou bij ons nooit gebeuren. Vaderdag met ontbijt op bed, Sinterklaas bij opa en oma waar alles draait om die blije koppies, vrienden die trots vertellen over de eerste schooldag van hun kind, een vader die zijn zoon een knuffel geeft nadat hij van zijn fiets is gevallen.

“Dat deed pijn. Maar onder mannen is het een taboe om het daar over te hebben. Al doe ik tegenwoordig mijn best om dat te doorbreken.”

De ongewenst kinderloze man

Noem het de emancipatie van de (nog) ongewenst kinderloze man. Zowel Janse als Kadijk gingen op zoek naar andere mannen om mee te praten. Kadijk: “Zo’n gesprek hoeft echt niet altijd zwaar of verdrietig te zijn, met humor kom je ook een heel eind. Maar het zou zo fijn zijn als het onderwerp gewoon bespreekbaar was.”

De lotgenoten waren moeilijk te vinden. Janse: “In kleine hoekjes verscholen op internet, terwijl je weet dat dit veel meer mannen overkomt. Vrouwen kunnen op allerlei plekken terecht, zoals op fora en in Facebookgroepen, bij therapeuten of miskraambegeleiding. Het is niet zo dat ik daar als man niet welkom ben, maar alles lijkt gericht op de vrouw. Misschien komt dat doordat vrouwen hun verdriet makkelijker bespreken? Mannen slaan elkaar een keer op de schouders, zeggen dat het balen is en gaan weer verder.”

“Wij zijn er voor iedereen, dus ook voor mannen”, zegt Marjolein Grömminger van Freya, vereniging voor mensen met vruchtbaarheidsproblemen. “Maar het is inderdaad lastig om de mannen te bereiken. Hoe dat komt? Geen idee. Misschien hebben ze de neiging om sterk te blijven voor hun partner en hun verdriet opzij te schuiven. Voor mannen die graag in contact komen met anderen in hetzelfde schuitje, is het belangrijk dat er een plek is waar ze terechtkunnen.”

Een plek voor mannen

“Ons leven heeft zich geplooid rondom onze kinderloosheid, het is inmiddels goed zoals het is”, zegt Kadijk. “We zijn okay met ons kinderloze bestaan. Er blijft onwijs veel ruimte over voor andere dingen, zoals sporten en vrijwilligerswerk.” Zo is hij betrokken bij de vorig jaar opgerichte mannengroep van Freya. “Eerst voelde ik me daar niet zo thuis, maar uiteindelijk dacht ik: als vrouwen elkaar daar treffen, dan moet het toch ook een plek zijn waar mannen elkaar weten te vinden?”

Inmiddels ontmoeten zij elkaar via social media, zoals de Freya Facebookgroep voor mannen, en de online only for men sessies. Kadijk herkent veel van de emoties bij andere mannen. “Schaamte omdat je onvruchtbaar bent, een schuldgevoel omdat je je vrouw geen kind kon geven en zij alle behandelingen moest ondergaan. En natuurlijk het gemis dat je nooit vader zult worden.”

Janse richtte onlangs het platform devergetenvader.nl op, omdat hij geen geschikte plek kon vinden om met andere mannen de ervaringen en emoties rondom de miskramen te bespreken. “Het voelt echt als een opluchting om je gevoelens te delen. Er sluiten zich ook mannen aan voor wie het verlies soms jaren is geleden, maar die er amper over hebben gesproken. En zo komen we voorzichtig tevoorschijn uit dat donkere hoekje op het internet.”

Voor Janse en zijn vriendin is hun kinderwenstraject nog niet voorbij. Binnenkort starten ze met hun eerste ICSI-behandeling. Janse: “We weten dat het zwaar gaat worden, ik hoop dat ik mijn vriendin tijdens het traject kan steunen. We hebben inmiddels hulp gezocht bij een coach. De miskramen hebben ons ondanks het verdriet dichterbij elkaar gebracht. Nu proberen we vol goede moed vooruit te kijken.”

Nu Braat stopt met werken, hoopt ze dat haar jarenlange missie niet voor niets is geweest en dat de mannen zelf de aandacht opeisen. “De fertiliteitsarts moet de man zien. Maar de man mag zijn verdriet, zijn vragen en zijn onzekerheden ook zelf bespreekbaar maken. Het werkt twee kanten op.”

Mannelijke onvruchtbaarheid

In de helft van de gevallen waarbij een zwangerschap uitblijft, blijkt de oorzaak bij de man te liggen, aldus Didi Braat, hoogleraar Voortplantingsgeneeskunde in het Radboudumc in Nijmegen. Het Radboudumc is sinds 2020 officieel erkend als Expertisecentrum voor mannelijke vruchtbaarheid en is net als een aantal andere Nederlandse ziekenhuizen hierin gespecialiseerd.

Er is sprake van verminderde vruchtbaarheid (subfertiliteit) als de man te weinig, te trage of afwijkende spermacellen heeft. Soms worden er helemaal geen gezonde spermacellen gevonden. Oorzaken zijn onder meer aangeboren of genetische afwijkingen, de behandeling van kanker of leefstijl (zoals stress, overgewicht, roken, drugs- of alcoholgebruik). Slechts in een kwart van de gevallen is de oorzaak bekend.

Bij verminderde vruchtbaarheid, kan een ICSI-traject uitkomst bieden. Bij ICSI wordt de productie van eicellen bij de vrouw gestimuleerd met hormonen. De eicellen worden via een punctie ‘geoogst’ en in het lab wordt elk eitje bevrucht met een zorgvuldig geselecteerde zaadcel.

Als er geen spermacellen worden gevonden in de zaadlozing, zijn er tegenwoordig ook opties om deze operatief te verkrijgen uit de bijbal (PESA/MESA-behandeling) of teelbal (TESE-behandeling). Als er tijdens deze ingrepen zaadcellen worden gevonden, worden deze ingevroren en later gebruikt bij een vruchtbaarheidsbehandeling. Normaal gesproken komen er bij een zaadlozing zo’n 200 miljoen zaadcellen vrij, bij een PESA of TESE-behandeling is dit het aantal gezonde spermacellen soms slechts op twee handen te tellen. Desondanks zorgt dit in combinatie met ICSI voor een kans op een zwangerschap, ongeveer even groot als bij een reguliere IVF of ICSI-behandeling. Afhankelijk van de leeftijd van de vrouw ligt dit gemiddeld rond de 25 procent per behandeling.

Lees ook: De Nederlandse vader blijkt vooral te worstelen met een dominante vrouw

Vaderdag is een goed moment om de balans op te maken, want de Nederlandse papa komt er niet zo best van af. Hij is de welwillende oen dan wel de man die geen zin heeft in zorgen. Worstelen vaders echt zo met hun rol, of ligt het ergens anders aan?

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden