Relatie-DNAHet verhaal van Julia

Mijn man en ik legden het na ruzies vaak bij in bed, net als mijn ouders

Beeld Brechtje Rood

Tijdgeest verkent het DNA van de liefde: hoe werkt de relatie van je ouders door in je eigen relatie? Julia (75) kreeg op jonge leeftijd kinderen, net als haar moeder. ‘Ze heeft me voorgeleefd dat kinderen leuk zijn en dat je ernaast prima een leven van jezelf kunt hebben.’

‘Op haar achttiende solliciteerde mijn moeder stiekem op een baan als boekhoudster. Het ­waren de jaren twintig van de vorige eeuw, vrouwen moesten het huis­houden in, maar dat wilde zij niet. Na drie maanden vroeg haar baas: ‘Als u een man was en u zou iemand heel leuk vinden, hoe zou u dat aanpakken?’ Ze zei: ‘Dan vraag je: Juffrouw, wilt u misschien met mij naar de film?’ Mijn vader volgde haar advies meteen op.

Dat uitje is er nooit van gekomen. De eerstvolgende keer dat er ‘overgewerkt’ moest worden, brandde in de kamer naast mijn vaders kantoor de open haard. Er stonden rode rozen en een schaaltje met bonbons. Anderhalf jaar later raakte ze, nog ongetrouwd, zwanger. Ze kregen tien kinderen – ik ben de negende.

Ik weet nog dat mijn vader een keer enorme ruzie had met mijn moeder en daarna met rozen thuis kwam. Mijn moeder kwakte de bos op de grond. ‘Zo snel gaat dat niet’, riep ze. Waarop mijn vader een geknakte tak oppakte­­ en zei: ‘Maar daar kan dit roosje toch niets aan doen’. M’n moeder begon te giechelen, ze verdwenen in de keuken. Mijn broer keek door de kier van de deur en riep triomfantelijk: ‘Ze zoenen!’

Erotiek en lijfelijkheid zijn ons met de paplepel ingegoten, op een vanzelfsprekende manier. Mijn moeder zei weleens: ‘Kind, neem later maar een man die wat ouder is, die hebben ervaring’ – ze was tien jaar jonger dan mijn vader. En na een ruzie vertrouwde ze me ooit toe: ‘Je vader en ik maken het altijd weer goed hoor, in bed’.

Ze was dol op kinderen. In haar dagboek schreef ze vlak na de geboorte van een van mijn broers: ‘Deze baby is zo leuk. Ik ga er extra van genieten, want misschien is het wel de laatste’. Nou, er kwamen er nog zes, onder­­ wie ik, in 1945.

Ik was bijna zestien toen mijn vader overleed na een lang ziekbed. ‘Er moet wat gebeuren’, zei mijn moeder, ­‘anders moeten we het huis uit’. Ze ­besloot pleegkinderen te nemen. Er was behoefte aan opvang, het leverde geld op en er stonden toch kamers leeg. Ze heeft dat gedaan tot ze 75 was.

Mee naar Afrika

Ik ontmoette mijn man op een tennisfeestje toen ik twintig was. Het eerste wat hij zei was: ‘Ik ben op zoek naar een blonde verpleegster die met mij naar Afrika wil’. Die vent is nuts, dacht ik. Ik voelde me niet aangesproken: ik was schooljuf en had donker haar. Maar we hadden lol. We dansten samen, lekker swingen, dat was leuk – dansen is een grote passie van me.

Toen ik hem voor het eerst zoende, wist ik meteen: dit is het. Hij had dat gevoel ook. Twee weken later zei hij: ‘Ik wil met je trouwen’. Ik dacht: dat Afrika-plan praat ik nog wel uit z’n hoofd. In datzelfde jaar werd ik zwanger.

Een paar jaar later, in 1968, mijn man was inmiddels arts, kwam er een telefoontje. Een hulporganisatie had mensen nodig die uitgezonden wilden worden naar vluchtelingenkampen in West-Afrika. Of hij over een week kon vertrekken. Ik heb een nacht lang verscheurd liggen woelen in bed. De volgende dag besloot ik: ik ga mee, ons dochtertje van anderhalf ook.

Daar zat ik dan, een piepjonge moeder zonder enige reiservaring, ver van huis. Ik heb daar kinderen dood zien gaan, de kleintjes klampten zich aan me vast. Ik probeerde ze bezig te houden. Mijn leservaring en liefde voor dansen kwamen van pas. Na drie maanden gingen we terug naar Nederland, volledig uitgeput.

Toen ik 24 was en zwanger van de tweede werden we voor drie jaar uitgezonden naar een afgelegen missiepost in Tanzania, bij de grens met Oeganda. Ruim een jaar later pleegde Idi Amin een coup. Er waren gevechten in de regio, het was gevaarlijk, maar wij wisten aanvankelijk van niets, we hoorden het pas later­­.

Onze zoons zijn allebei geboren in Tanzania, verlost door hun eigen vader. Omdat mijn man de enige arts in de buurt was, had hij altijd dienst. Het waren pittige jaren – we hebben ook nog op een paar jaar op een suikerrietplantage gewoond – maar de kinderen hebben er een goede tijd gehad. Altijd buiten. Altijd lekker weer.

Jong zwanger

Als ze mij vroeger hadden gevraagd wat ik later zou willen worden, had ik gezegd: schooljuf, balletdanseres, schrijfster én moeder. En dat is ook allemaal gebeurd. Mijn moeder heeft me voorgeleefd dat kinderen leuk zijn en dat je ernaast prima een leven van jezelf kunt hebben.

Soms vraag ik me af hoe het gelopen zou zijn tussen mijn man en mij als ik niet zo jong zwanger was geworden. We zijn erg verschillend en maakten best veel ruzie, maar we probeerden nooit in een conflict te blijven hangen. We legden het bij in bed, net als mijn ouders. Daarna voel je de verbinding. Dan ben je tenminste weer on speaking terms.”

De namen in deze tekst zijn gefingeerd om privacyredenen. De echte namen zijn bekend bij de redactie.

Heeft u ook een verhaal over uw relatie, de liefde en uw ouders? Mail: relatiedna@trouw.nl

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden