null

InterviewMaurice de Hond

Maurice de Hond: ‘Mijn mentaliteit van overlever is vast genetisch’

Beeld Jörgen Caris

2020 was voor Maurice de Hond het jaar waarin hij zijn zoon verloor en waarin hij de strijd aanbond met het RIVM, het kabinet en de pers. De opiniepeiler maakt zich er niet populair mee. ‘Ik vind dat autoriteiten hun gezag moeten verdienen.’

Maurice de Hond had een ‘hectisch jaar’, zegt hij. De opiniepeiler en ondernemer, opgeleid als sociaal geograaf, vocht zich een weg omhoog als kritische stem in het coronadebat. En in juni verloor hij zijn zoon Marc, bekend als presentator, ondernemer en speler in het Nederlandse rolstoelbasketbalteam. Marc overleed op 42-jarige leeftijd aan kanker.

Dagelijks fileert De Hond de Nederlandse virusaanpak in artikelen op zijn website maurice.nl. Belangrijkste twistpunt: volgens De Hond zijn aerosolen, zwevende deeltjes die grote afstanden kunnen overbruggen, de voornaamste besmettingsbron. Het RIVM gaat ervan uit dat het virus zich vooral via grotere druppels verspreidt, die binnen anderhalve meter op de grond vallen – vandaar de bekende afstandsregel.

De Hond hamert al sinds dit voorjaar op goede ventilatie in afgesloten ruimtes, om besmetting via de lucht te voorkomen. Als dat niet goed mogelijk is, pleit hij voor het gebruik van mondkapjes. Het beleid lijkt op die punten zijn kant op te schuiven; er geldt sinds kort een mondkapjesplicht in publieke gebouwen, en het RIVM wijst nu ook op het belang van ventilatie.

In Trouw kwam De Hond dit jaar twee keer zelf aan het woord met zijn kritiek. Te weinig, vindt hij. “Ik ben blijkbaar wél populair voor het einde van het jaar”, zegt hij wat cynisch. “Sommige media komen nu, omdat ze de rest van het jaar geen aandacht aan me schonken.”

Denkt u niet: laat dan nu ook maar zitten?

“Bij jullie heb ik dat wel een beetje. Ik vind dat jullie, en vrijwel alle kranten, ontzettend tekort zijn geschoten. Journalisten volgen klakkeloos wat het RIVM zegt.

“Als het gaat over de politiek, gaan journalisten nooit af op wat de woordvoerder van bijvoorbeeld de VVD zegt. Dan speuren ze door tot ze het kritische verhaal vinden. Maar bij dit onderwerp is de houding: een deskundige heeft het gezegd, dan zal het wel zo zijn. Het lijkt wel of ze geïmponeerd zijn! Interviews met Jaap van Dissel zijn minder kritisch dan Erica Terpstra bij de dalai lama.”

Arts-microbioloog Jan Kluytmans heeft juist kritiek op het debat over corona in de media. Hij stelt dat mensen daardoor in verwarring raken.

“Dat was ook het standpunt in de Sovjet-Unie.”

Waarom bent u de juiste persoon om de corona-aanpak te bekritiseren?

“Ik ben, anders dan virologen en epidemiologen, niet belast met het verleden. In hun vakgebied is het dogma dat je de meeste infectieziekten oploopt via druppels. Als je bent opgeleid met dat idee, is het een behoorlijke shift om te onderkennen dat het via de lucht gaat.

“Ik ben heel nieuwsgierig naar heel veel onderwerpen. Ik houd van rekenen, van wiskunde, logica is de kern van hoe mijn brein werkt. Als een redenering onlogisch is, krimpt mijn maag ineen. Van Dissel en minister De Jonge zeggen steeds: ‘De maatregelen van maart hebben geholpen. Dat waren maatregelen waarbij we geen rekening hebben gehouden met aerosolen. Dus spelen aerosolen geen rol.’ Dat is een basale fout, een cirkelredenering. Als je overal in Nederland bijeenkomsten verbiedt, hebben aerosolen toch ook geen kans meer om te zweven?”

Kunt u op basis van logica iets zeggen over elk onderwerp?

“Ik kan wel zien dat in een argumentatie een logica-fout zit. Ik ben wetenschappelijk opgeleid, ik heb methoden en technieken van onderzoek gedoceerd. Er worden grote fouten gemaakt. De onderbouwing van de anderhalve meter bleek bijvoorbeeld gebaseerd op werk van William Wells uit 1955. Dus ik op zoek naar dat boek…”

Wacht even. Waarom?

“Niet dat ik a priori twijfel, maar ik wil het wel even lezen: hoe is dat bewijs dan? Het was even zoeken, maar uiteindelijk heb ik dat boek ergens gevonden. Wat bleek: Wells heeft alleen gemeten hoe ver een druppel uit je mond komt, niet hoe groot de kans is dat je daardoor ook besmet raakt. En, fascinerend: hij deed ook onderzoek naar griep bij muizen. Daarbij bleek dat die dieren veel zieker werden als ze het virus inademden, dan wanneer ze het via druppels via hun neus binnenkregen. Toen dacht ik: game, set en match voor de aerosolen.”

Hoeveel tijd heeft u dat gekost?

“Twee, drie dagen.”

U bent zelf in elk geval niet geïmponeerd door deskundigen. Hoe komt dat?

“Ik vind dat autoriteiten hun gezag moeten verdienen. Ik ken de verhalen van mijn vader uit de oorlog, waar veel autoriteiten en functionarissen geen helden waren. Een rechter veroordeelde mijn vader – die een fruitstal had – tot zes maanden voorwaardelijk, omdat hij een mud aardappelen naar de Jodenbuurt bracht.”

Maurice de Hond: Beeld Jörgen Caris
Maurice de Hond:Beeld Jörgen Caris

Er is nog een reden dat De Hond niet blind vertrouwt op experts, vertelt hij. Zijn eerste vrouw Jasmin overleed in 1980 aan borstkanker. De Hond kwam er tijdens haar ziekte achter dat hij soms zelf beter op de hoogte was van nieuwe behandelmogelijkheden dan haar arts. Zijn zoon Marc liep in 2002 door een medische misser een dwarslaesie op. Maar wat volgens De Hond ‘pas echt onthutsend’ was, is dat artsen pas relatief laat doorhadden dat Marc in 2019 aan blaaskanker leed.

“Hij had al een hele tijd problemen met zijn blaas. Pas later hoorden wij dat blaaskanker veel vaker voorkomt bij mensen met een dwarslaesie, door hun katheter. Eigenaardig dat ze iemand zoals hij, bij wie kanker in de familie zit, dan niet elk jaar controleren. En dat op het moment dat-ie klachten heeft, niet meteen de alarmbellen afgaan.”

Maurice de Hond (Amsterdam, 1947) werd in de jaren zeventig bekend als opiniepeiler en marktonderzoeker. Hij doet dat werk nu bij zijn eigen bedrijf Peil.nl, en mengt zich daarnaast veel in het publieke debat.

Eerder deed hij onderzoek naar de Deventer moordzaak, en kwam naar buiten met een scenario dat de veroordeelde, Ernest Louwes, vrijpleit. Een coldcaseteam in Amsterdam onderzoekt die zaak. De Hond wees een andere dader aan, over wie hij zich van de rechter niet meer mag uitspreken. Die veroordeelde hem wegens smaad.

De Honds zoon Marc overleed in juni op 42-jarige leeftijd. De Hond heeft uit zijn eerste en tweede huwelijk nog twee zoons en een dochter. Hij woont in Amsterdam, samen met zijn derde vrouw en hun dochter van 11.

Hebben de coronaregels de laatste weken met Marc lastiger gemaakt?

“Een stuk. Marc was erg bang dat hij Covid zou krijgen. Hij dacht dat hij dan misschien niet meer geholpen zou worden, omdat hij kanker had. En hij was bang dat hij zijn familie in het ziekenhuis niet maar kon zien. Hij is zes weken met zijn gezin in quarantaine gegaan. Als ik er was zaten we in de tuin, op twee meter afstand. Of hij zat achter een kantelraam, en wij buiten op straat.

“In de periode waarin hij hoorde dat het kansloos was, hebben we elkaar niet omhelst. Dat kwam pas toen-ie niet meer bang was voor besmetting, de laatste drie weken.”

U vindt de anderhalve-meterregel niet zo nuttig. Was het moeilijk u eraan te houden?

“Ik respecteerde zijn insteek. En: afstand houden is niet per definitie een slecht advies. We hebben desondanks zo veel mooie dingen gedaan. Hij heeft mij een afscheidsbrief geschreven en voorgelezen – dat deden we in de tuin. Ik heb hem een brief geschreven en voorgelezen, op zijn slaapkamer, op behoorlijk grote afstand. We hebben allebei verteld wat we voor elkaar betekend hebben.”

In zijn laatste interview, in Volkskrant Magazine, zei Marc dat het voor u waarschijnlijk een goede afleiding is geweest, om in de coronacijfers te duiken. Is dat zo?

“Nee hoor, ik ben altijd druk. Ik zit niet om bezigheden verlegen.”

Hoe was de uitvaart?

“Op de begraafplaats kon niet veel. Maar een week na zijn begrafenis hadden we een door hem opgezet programma in een theater met dertig mensen, online keken driehonderd mensen mee.

“Je kunt bij alles wel pijn voelen, maar je kunt ook genieten van wat je hebt meegemaakt en trots zijn.” De Hond is zichtbaar geroerd. “Ik heb mezelf erop getraind als ik aan Marc denk, te denken aan de positieve aspecten van zijn leven. Dat heb ik ook gedaan na het overlijden van Jasmin. Met haar heb ik gehuild, maar na haar dood heb ik niet meer gehuild. Mijn ouders vonden dat verbazingwekkend. Ik zei: ‘Ik geloof niet in een hiernamaals, maar stel dat Jasmin vanaf een wolk naar mij kijkt, hoe denk je dat ik haar gelukkiger maak? Als ik denk: ik wil niet meer verder? Of als ik sterk ben en naar de toekomst kijk?’ Zo heb ik ook gerouwd om Marc: samen met hem. Niet daarna.”

Waar haalt u de kracht vandaan om door te gaan?

“Ik denk dat meespeelt dat mijn ouders het concentratiekamp hebben meegemaakt. Mijn moeder heeft 83 van de 85 directe ­familieleden verloren. Haar grootvader, haar broers en zusters, al hun kinderen, haar ouders, haar eerste man. Dat wist ze in het kamp al. Ze was mentaal zo sterk, dat ze ondanks die kennis overleefde. Mijn vader heeft een vergelijkbaar verhaal. Waarschijnlijk heb ik die mentaliteit genetisch meegekregen. En ik had een voorbeeld van mensen die zwaar leed hadden doorstaan, en toch positief naar de toekomst keken.

“Ik had ook nooit ruzie met mijn ouders. Ze zeiden nooit: ‘Had ik je niet gewaarschuwd voor…’ Er was zo veel vertrouwen. Daarvan krijg je zelfvertrouwen, denk ik.”

Maakt dat uw strijd met de gevestigde orde mogelijk?

“Het is ook dat ik me weinig aantrek van wat anderen van me vinden. Als je uit angst voor persoonlijke consequenties dingen doet waarvan je vindt dat ze moreel niet deugen, dan doe je het verkeerd. Dat kreeg ik mee van mijn vader.”

U noemt de coronacrisis ‘de grootste uitdaging sinds 1945’. Zet corona in uw ogen de zaken moreel op scherp, net zoals de oorlog deed?

“Jazeker. Mensen zijn bang voor persoonlijke consequenties. Ik heb een goede relatie met een burgemeester, hoofd van een van de veiligheidsregio’s. Nee, ik zeg niet wie. Die schreef me: ‘Het is goed wat jij doet, blijf doorgaan’. Toen kon ik niet nalaten om te reageren: ‘Potverdorie, jij bent burgemeester, jij kunt naar de media met wat jij vindt. Als je dat niet doet, vind ik je een burgemeester in oorlogstijd’. Als-ie daar moeite mee had gehad: jammer maar helaas. Ik wil hem die morele spiegel voorhouden. Zo zit ik in elkaar.

“Ons beleid moet erop gericht zijn om kwetsbaren maximaal te beschermen. Maar de eerste lockdown had veel sneller versoepeld kunnen worden. Daardoor hebben we extra schade geleden. We zijn uit balans geraakt. Kijk hoeveel mensen in Spanje financieel tot een ongekend niveau worden teruggeworpen. De spanningen tussen groepen in de samenleving zullen toenemen. Groeperingen met makkelijke oplossingen kunnen dan bij verkiezingen de macht krijgen.”

Vindt u dat de media u hebben genegeerd?

“Ja.”

U bent toch in talkshows geweest?

“Ik ben met veel pijn en moeite voor het eerst bij ‘Op1’ geweest in april. Met Ab Osterhaus.” Met een ironische glimlach: “Ik kreeg daar altijd een chaperon. In mei was ik nog een keer bij Op1, en later had ik daar een debat met Andreas Voss. En ik was er in oktober. Bij Radio 1 was ik dit najaar pas. Terwijl ik in het voorjaar alle belangrijke dingen over hoe het virus zich verspreidt, heb gemeld. Maar de enige die de media uitnodigen zijn de usual suspects.”

Kunt u zich niet voorstellen dat journalisten virologen serieuzer nemen dan u?

“Ja, in het begin zeker. Maar als je dan merkt dat veel van wat ik zeg steeds vaker internationaal ook gezegd wordt...”

U zei dit voorjaar dat een interview met Willem Engel, nu voorman van Viruswaarheid, het beste was dat u over corona had gezien. Heeft dat u niet beschadigd?

“Dat interview vind ik nog steeds sterk. Daarna zijn ze een kant op gegaan die ik niet opgegaan zou zijn. Maar ik vind niet dat ik afstand zou moeten nemen. Wie mij in die hoek plaatst, is toch al niet bereid me serieus te nemen.”

Ik wil u nog een citaat van Marc voorleggen.

“Ik weet al welke.”

Marc zei: “Mijn vader vergeet soms dat je een publiek ook voor je moet winnen. Hij gaat op een berg staan en roepen: ‘Ik heb gelijk, ik heb gelijk’. Terwijl het helpt als je ook een beetje sympathiek overkomt.”

“Ik snap waarom hij het zegt. Dit is mijn manier, hij had een andere manier. Ik ben overigens niet meteen op een berg gaan staan. Ik heb in het begin veel achter de schermen gewerkt, heb allerlei mensen mails gestuurd, zonder enig effect.”

Op uw blog spreekt u sommige experts en journalisten hard en direct aan.

“Dat deed ik pas na een tijd, hè.”

Is dit een manier om alsnog iets te bereiken?

“Het maakt nu toch niets meer uit. En ik denk niet dat als ik vriendelijker geweest was tegen het RIVM, dat ze dan volmondig de rol van aerosolen hadden erkend. Dat zou ik een belediging vinden voor de wetenschap, als dat niet van de argumentatie maar van de toonhoogte zou afhangen.”

null Beeld Jörgen Caris
Beeld Jörgen Caris
Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden