Ik heb een droomMartijn van Rheenen

Martijn van Rheenen: Ik verhuis veel, misschien verklaart dat mijn dromen

Beeld Jorgen Caris

“Al jong leerden mijn oudere broer en ik voor onszelf te zorgen. Mijn vader ken ik niet: hij was een flierefluiter die in de ban van een religieuze beweging naar Brazilië is vertrokken. Met mijn moeder ging het daarna bergafwaarts: ze zakte weg in een drankverslaving. Mijn broer ontvluchtte het huis op zijn veertiende. Ik was vijftien toen ik met bonje vertrok. Ik heb haar een paar maanden later nog één keer gezien - nadat ze zelfmoord had gepleegd. Het beeld van mijn overleden moeder achtervolgt me, overdag en ook in nachtmerries die in verschillende varianten terugkeren.

Jarenlang ben ik thuisloos geweest. Ik verwaarloosde mezelf, ging niet meer naar school, sliep bij vriendjes thuis op de slaapbank en belandde in een opvanghuis. Daar werd ik opgelapt, ik ging ook weer naar school, maar steeds had ik een gevoel van dreiging: ‘uiteindelijk halen ze me weg’. Op een dag ben ik zelf weggelopen, waarna ik van slaapplek naar slaapplek trok. Het idee opgejaagd te zijn heeft me rusteloos gemaakt. Ik verhuis veel en ben altijd aan het hollen. Misschien verklaart dat mijn rare, terugkerende droom waarin ik aan het lopen ben terwijl iemand vóór mij achteruit- loopt. Is het mijn moeder? In elk geval loopt deze persoon altijd achteruit met me mee, welke kant ik ook op ga.

Op straat heb ik nooit hoeven slapen, maar het lijntje tussen thuis- en dakloos zijn is dun. Als je door omstandigheden lange tijd geen huis meer hebt, kun je makkelijk buiten op een bankje belanden. Ik ben de dans ontsprongen omdat ik een paar keer het geluk had dat iemand op een cruciaal moment een hand naar mij uitstak. Uiteindelijk ben ik erbovenop gekomen, ik heb een eigen bedrijf opgericht en ben altijd bezig met nieuwe ideeën, stilzitten kan ik niet. Maar ik herinner me nog goed hoe ik me vroeger voelde: ongewenst, buitengesloten. Het is het naarste wat ik ooit heb ervaren.

De afgelopen tijd lag ik er ’s nachts wakker van dat nu in de coronacrisis zo weinig aandacht is voor dak- en thuislozen. Er is een groot tekort aan opvang: waar moeten ze heen als onder hen een uitbraak is? Ze zijn een vergeten groep en door de crisis komen er alleen maar meer bij. Ik vond dat ik iets moest doen en bedacht een plan om met medestanders belangeloos een zorglocatie neer te zetten in Den Haag. Je merkt: pas door een acuut probleem krijg je snel iets voor elkaar: vier weken later stond het gebouw er.

Als tiener al probeerde ik mijn dromen te realiseren, er was niemand om mij tegen te houden. Ook dit project was een sprong in het diepe, een tikje waanzin misschien, maar ik zet wel door. Als meer grote gemeentes dit plan nu oppakken heb ik het goed gedaan.”

Ondernemer Martijn van Rheenen (42) is initiatiefnemer van DoneerEenDorp.nl. Hij realiseerde een zorglocatie voor vijftig dak- en thuislozen op het terrein van het Cars Jeans Stadion in Den Haag.

Lees ook:

Als de coronacrisis iets laat zien, is het hoe belangrijk goede huisvesting is

Met de oproep om thuis te blijven is huisvesting de frontlinie tegen het coronavirus. Dat vraagt om vergaande maatregelen, aldus Lilian Marijnissen en Sandra Beckerman, fractievoorzitter en Tweede Kamerlid van de SP.

Dit is de impact van corona op de kwetsbaren van onze samenleving

De crisis raakt ook kwetsbaren zoals psychiatrisch patiënten, verstandelijk beperkten en dak- en thuislozen. Hoe komen zij deze tijd door, en welke zorg is er voor hen beschikbaar?

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden