Ik heb een droom Marente de Moor

Marente de Moor: Had ik maar meer nachtmerries

Marente de Moor Beeld Jorgen Caris

In deze interviewrubriek vraagt de redactie van Trouw aan bekende én minder bekende mensen waar ze over dromen, overdag of ’s nachts. Vandaag: Marente de Moor.

“Laatst droomde ik dat ik een revolver pakte en mijn hond doodschoot – heel naar. Ik werd wakker en ging meteen kijken: de hond lag in zijn mand en droomde zijn eigen droom. Mijn dromen zijn vaak nogal prozaïsch en onsamenhangend; als je ze navertelt, boeit het niemand. Waarschijnlijk zijn ze zo sober omdat ik alle ­lyriek en verbeelding al in mijn werk heb gegoten. Mijn boeken leunen niet op de ontknoping, ik vind de stemming minstens zo belangrijk. Dat geldt ook voor mijn dromen. Fascinerend vind ik dat je soms wakker wordt met een heel zwaar of triest gemoed, of bevangen door angst zonder dat je er de vinger op kunt leggen waarom het zo eng was.

Die instinctieve, onberedeneerbare angst wil ik grijpen. Het is mijn ambitie nog eens een intens griezelig boek of toneelstuk te schrijven, maar je glijdt algauw weg in clichés. Had ik maar meer nachtmerries, denk ik weleens. Helaas ben ik een slechte slaper: overdag droom ik meer dan ’s nachts. De grens tussen waken en slapen en droomwerkelijkheid is bij mij tamelijk vaag.

Als ik aan een boek werk, droom ik weinig. Misschien omdat je bewustzijn verandert, het hier en nu vervlecht zich met de wereld die je beschrijft. Daar word je enigszins raar van in je hoofd. Ik heb dan ook affiniteit met Nadja, de hoofdpersoon in mijn roman ‘Foon’. Ze is een beetje een mopperig, sikkeneurig mens van wie gezegd wordt dat ze een heks is. Zij en haar man zijn zoölogen en wonen al jaren afgelegen in de Russische bossen. Ze loopt daar met haar hond en zegt: ‘Stedelingen denken vaak bij de natuur aan horizon, maar als je echt in de natuur leeft, zie je vooral je eigen voeten in de modder omdat je je baan moet houden’.

Refuge bij een fabeldier

Uit mijn jaren in Rusland herinner ik me dat: hoe de natuur je kan dwarszitten. Ik vind het een geruststelling dat er nog heel veel natuur is die zich niks van ons aantrekt. We willen alles onder controle hebben en kunnen verklaren, maar Nadja schurkt gerieflijk aan tegen de mysteriën die haar omgeven. Ze hoort in het bos geluiden die ze niet kan duiden. Veel mensen worden daar angstig en onzeker van, maar zij, ooit een wetenschapper, hoeft niet meer alles te weten.

We leven in een tijd van ontraadseling. Kunst, en zeker literatuur, moet verklaarbaar zijn. De bestsellerlijsten staan vol met waargebeurd en herkenbaar. Mij boeit dat minder. Ik vind het leuk als ik verrast word, soms gebeurt dat in een vervreemdende droom over een groot aaibaar wezen. Nadja vindt uiteindelijk troost bij een mammoetachtige, een godsdier dat we hebben uitgeroeid. Dat spreekt mij aan: juist nu we alles kunnen ontraadselen, je refuge vinden bij een fabeldier.”

Jan Wolkers Prijs

‘Foon’ van schrijfster Marente de Moor (1972) kreeg onlangs de Jan Wolkers Prijs voor het beste natuurboek en staat op de shortlist van de Bookspot. Volgens de jury opent de roman ‘je de ogen voor de schoonheid en de raadsels van de natuur’. 

Lees ook:

Marente de Moor duikt een Russisch bos in

Marente de Moor duikt in een Russisch bos, in het leven tussen mens en dier.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden