Ama Boahene: ‘De huidige beslissers weten niet hoe het is om nu student te zijn’ Beeld Patrick Post
Ama Boahene: ‘De huidige beslissers weten niet hoe het is om nu student te zijn’Beeld Patrick Post

InterviewAma Boahene

LSVb-voorzitter Ama Boahene: ‘Gelijkheid onder studenten is er alleen op papier’

Sinds deze zomer heeft de LSVb een nieuwe voorzitter: Ama Boahene. Ze staat voor een generatie die de dingen anders wil. Gelijker, vooral.

Het kantoor waar Ama Boahene de afgelopen maanden lange dagen maakt, ligt ingeklemd tussen de cafés, vlakbij de Oudegracht in Utrecht. Heel studentikoos doet het niet aan, het hoofdkwartier van de Landelijke Studentenvakbond (LSVb). Op het vale spijkerjasje dat ze draagt na, en een brandgat in de vloerbedekking dankzij een weggesmeulde sigarettenpeuk, oogt het kantoor opvallend zakelijk. Hier wordt hard gewerkt.

Dat moet ook wel: Boahene en haar collegabestuursleden hebben meteen een flinke klus aan de coronacrisis. Ze staat geregeld het Journaal te woord, en liep dit voorjaar al warm achter de schermen op een demonstratie tegen het leenstelsel op het Malieveld. Het doel: afschaffing. Maar de 24-jarige rechtenstudent lijkt er kalm onder te blijven: met een opgeruimd voorkomen zit Boahene achter een kop thee.

Ongelijkheid is het thema dat haar het meest aan het hart gaat, zegt Boahene. “Die neemt alsmaar toe, doordat er zoveel bezuinigd is op het onderwijs. Mensen die hun leventje op orde hebben, zien het niet altijd. Maar als je studenten spreekt: die hebben er dagelijks mee te maken. Het is de afgelopen jaren, onder meer dankzij het leenstelsel, steeds moeilijker geworden om te studeren als je geen rijke ouders hebt.”

En als het over ongelijkheid gaat, gaat het ook al snel over racisme en discriminatie. Ook dat zijn thema’s die ze als LSVb-voorzitter wil agenderen. “Veel mensen in Nederland hebben nog de reflex: ‘Maar ik ben geen racist’. Het probleem is niet dat één persoon racist is. Ik zou bijna zeggen: was het maar zo, dan was het betrekkelijk eenvoudig op te lossen. Maar het is meer dat racisme onderdeel is van ons, en daarmee zit het nog in veel dingen.”

In het onderwijs zijn er voorbeelden te over, zegt ze. “Kinderen met een migratieachtergrond krijgen structureel een lager schooladvies, bijvoorbeeld. En studenten met een migratieachtergrond missen vaak begeleiding en steun van huis uit, waardoor ze het minder goed doen tijdens hun studie. Die ongelijkheid bepaalt de rest van iemands leven, want wat je misloopt aan onderwijs, haal je niet meer in. Een van de onderwerpen waar ik me hard voor ga maken is stagediscriminatie.”

Heb jij zelf dit soort ongelijkheid ook ervaren?

“Als kind van hoogopgeleiden dat het op school altijd goed deed, heb ik daar persoonlijk niet echt mee te maken gehad. Ik heb wel eens met racisme te maken, bijvoorbeeld als er vervelende opmerkingen gemaakt worden op straat door onbekenden. Maar ik zie racisme in onze samenleving vooral als een systeem waardoor mensen structureel benadeeld worden.

“Mijn ouders hebben allebei gestudeerd, mijn vader aan Oxford – al zijn ze wel allebei de eerste in hun families. Mijn moeder is heel actief geweest in de feministische beweging: ze werkte in de vrouwenboekhandel, en stond met een half been in de krakersbeweging. Maar het is niet zo dat zij me heeft aangezet tot het activistische: het komt wel echt vanuit mezelf. Ik zat als tiener bijvoorbeeld al op de debatvereniging, daar leer je wel nadenken over de samenleving.

“Ik was voor mijn ouders geen moeilijk kind denk ik, maar op school waren er wel fases dat ik bijdehand was. Ik stelde van alles ter discussie, en had overal een sterke mening over, zoveel dat het weleens vervelend werd gevonden. Heel veel dingen kunnen beter en eerlijker, vond ik. Ook mijn zusje is daar van jongs af aan mee bezig.”

Wat kreeg je daarover mee, van huis uit?

“Mijn vader komt uit Ghana. Zijn familie woont daar nog, en we gaan er regelmatig heen. Na de middelbare school ben ik er voor een tussenjaar geweest. Het leven is daar totaal onvergelijkbaar met hoe je hier leeft. Een van mijn nichtjes is even oud als ik, en toen we door gingen praten over wat wij deden en wat er in ons leven speelde, werd ik me woord na woord meer bewust van de enorme vrijheid en mogelijkheden die ik hier heb.

“Ik kan doen wat ik wil, gaan studeren, uit huis gaan, op mezelf wonen, met vrienden afspreken, leuke dingen doen, op een sport zitten, op vakantie gaan. Bij dat alles hoef ik me geen zorgen te maken over of dat qua geld allemaal wel gaat lukken. Het contrast met haar was zo groot. En zij was niet eens echt arm, maar de mogelijkheden zijn daar gewoon veel minder.

“We zijn niet religieus opgevoed, maar wel met het idee dat je open en vriendelijk moet zijn tegen iedereen. Oog hebben voor anderen, en hulp bieden aan wie het nodig heeft. Mijn familie in Ghana is wel christelijk, en ik ben wel eens mee geweest naar een dienst, maar omdat ik de taal niet spreek is dat een stuk minder leuk. Mijn moeder is boeddhistisch, en van haar heb ik het mediteren overgenomen. Op de middelbare school zat ik op een wekelijkse meditatiecursus, en nu zijn er periodes dat ik het ook doe, maar dan zelf thuis. Soms ben je zoveel aan het doen, dat je er niet meer doorhebt wat er allemaal in je hoofd zit: rust of onrust, of wat dan ook. Ik oefen mezelf er dan in om daar wat meer bij stil te staan. En misschien vinden de boeddhisten het heel erg dat ik dit zeg, maar met kickboksen heb ik dat ook. In een training kan ik met niets anders bezig zijn dan wat er op dat moment is. Ik heb daar ook versteld gestaan van hoever je kunt gaan als je je overgeeft aan de instructies van de trainer: je kunt echt altijd nog weer vaker opdrukken dan je denkt.”

Ama Boahene (24) is sinds juni voorzitter en woordvoerder van de LSVb. Ama doet een master rechten aan de Universiteit Utrecht en volgde een vooropleiding beeldende kunst aan de Hogeschool voor de Kunsten Utrecht. Eerder zette ze zich in als initiatiefnemer van de actiegroep #ikwilnaarschool en als voorzitter van haar studievereniging.

Hoe speelt ongelijkheid onder Nederlandse studenten?

“Op papier is er gelijkheid voor iedereen: je hebt de mogelijkheid om op het hbo of de universiteit te gaan studeren. Technisch gezien kun je doorstuderen. Maar in de praktijk geldt voor heel veel studenten dat ze die mogelijkheden niet hebben. Bijvoorbeeld omdat ze in hun familie de eersten zijn die gaan studeren, en heel die wereld van onderwijs niet kennen. Daardoor komen ze er veel moeilijker, en als het eenmaal lukt, dan ben je er nog niet. Het is dan vervolgens ook nog moeilijk om je plek te vinden naar een baan waarin je je verder kunt ontwikkelen. Wat als jij een naam hebt die bedrijven afschrikt, maar je moet een stage lopen om je opleiding af te ronden?

“Studeren is ook gewoon heel duur geworden. Als je geen ouders hebt die veel willen en kunnen bijdragen, dan is het voor veel studenten al lastig. Het leenstelsel is een grote financiële barrière. En in de cijfers van de laatste jaren zie je dat het ook daadwerkelijk het doorstuderen belemmert.

“Bij mijn studie, rechten, is het niet ongebruikelijk dat je in een groep belandt waarin veel medestudenten zitten van wie de vader of moeder ergens rechter of advocaat is. Lukt het je om door de selectie van die opleiding te komen als student met ouders die niet hebben gestudeerd of de taal niet goed machtig zijn, dan sta je niet voor een gelijke race. Om je heen weet iedereen al hoe alles werkt, hoe je moet studeren, hoe je een werkstuk schrijft: want je medestudenten hebben ouders die hen dat kunnen vertellen en hen daarbij kunnen helpen. Ik sprak gisteren nog iemand die vertelde hoe eenzaam dat kan voelen, je bent dan als het ware aan je lot overgelaten. Het wordt onderschat hoe moeilijk het is om je op die plek te ontwikkelen. Je moet je thuis voelen op een onderwijsinstelling, het gevoel hebben dat je daar hoort. Dat hebben veel studenten niet.

“Ik vind dat het probleem van stagediscriminatie nu nog te veel bij studenten wordt neergelegd: zij krijgen cursussen weerbaarheid, of sollicitatietips. De verantwoordelijkheid ligt bij de bedrijven en onderwijsinstellingen. Zij zouden zich moeten afvragen: hoe gaan we ervoor zorgen dat een bedrijf niet discrimineert? Ik kan me ook voorstellen dat een onderwijsinstelling zegt: wij gaan niet meer met dat en dat bedrijf samenwerken omdat ze zich schuldig maken aan discriminatie.”

Was de toegang tot het hoger onderwijs niet expres bemoeilijkt, omdat iedereen maar bleef doorstuderen?

“Dit is hoe dan ook niet oké, omdat mensen hierdoor nog minder dezelfde kansen hebben. We kunnen beter de term ‘hoger onderwijs’ afschaffen. Dat hbo of universitair onderwijs als beter gezien wordt dan het mbo, zorgt ervoor dat mensen door willen blijven studeren. Omdat ze het gevoel hebben dat als je mbo hebt gedaan, dat je minder goed terecht komt. In feite is dat ook zo, maar dat zou niet zo moeten zijn. Als je mbo gedaan hebt, verdien je veel minder geld. Als je wilt dat niet iedereen doorstudeert, moet je de waardering voor mbo-beroepen verhogen. En niet alleen in de zin van een financiële beloning. Het gaat ook om hoe we erover praten.”

‘Wat als je naam bedrijven afschrikt terwijl je wel stage moet lopen?’ Beeld Patrick Post
‘Wat als je naam bedrijven afschrikt terwijl je wel stage moet lopen?’Beeld Patrick Post

Wat moet er dan in de plaats komen voor de term ‘hoger onderwijs’?

“Een nieuwe term is lastig: misschien is het gewoon helemaal niet nodig om het onderscheid te maken tussen ‘middelbaar’ en ‘hoger’ onderwijs? Gewoon ‘onderwijs’ is genoeg. Oké, met sommige beroepen heb je meer verantwoordelijkheid: dat mag best beloond worden in een salaris. Maar soms zijn de verschillen gigantisch terwijl de opleiding of het werk niet minder zwaar is, bijvoorbeeld tussen een verpleegkundige en een tandarts. Zulke dingen mogen gelijk getrokken worden. Maar verder vind ik vooral dat iedereen gewoon een fatsoenlijk salaris moet krijgen. Veel mensen die nu een baan hebben waar je een mbo-opleiding voor nodig hebt, kunnen de eindjes amper aan elkaar knopen. Dan is het niet gek dat iedereen graag wil doorstuderen.”

Op je instagram poseer je met de leus: ‘Rutte, stop met kutte’. Daar klinkt een zekere frustratie in door. Lukt het wel een beetje om de belangen van studenten te behartigen onder het huidige kabinet?

“Nou, laat ik het netjes zeggen. Ik denk dat het voor onderwijsland heel goed zou zijn als andere mensen de macht zouden hebben dan nu het geval is. Eerder deze maand heeft Rutte voor het eerst sinds de coronacrisis echt een stukje gewijd aan studenten. Dat is toch schokkend? Studenten en jongeren zitten al anderhalf jaar in een heel lastige situatie. Maar ze voelen zich niet gehoord of gezien.

“Ik denk dat de mensen die nu de beslissingen nemen geen idee hebben van hoe het is om nu student te zijn. Zij gaan uit van hun eigen studententijd, toen er nog gewoon studiefinanciering was, en mensen zeven of acht jaar studeerden terwijl het ook nog vanzelfsprekend was dat je een vaste baan zou vinden, en een huis kon huren of kopen in een stad.

“Nu is het zo, dat als je een paar extra vakken wilt volgen of een uitwisseling in het buitenland wilt doen, dat al snel 10.000 euro extra schuld betekent. Dat is veel, zeker als je niet weet of je wel een baan gaat vinden om het ooit mee af te betalen. Intussen zie je medestudenten met ouders die meer geld hebben dat wel kunnen, en meer kans maken op goede banen. Zo ontstaat een zelfversterkend effect van ongelijkheid.”

Dat klinkt niet erg hoopgevend allemaal.

“Er is ook iets van verbetering op komst, hoor. Toen het leenstelsel in 2015 is ingevoerd waren zelfs linkse politieke partijen daar vrij enthousiast over. Nu zijn heel veel partijen er van teruggekomen. De VVD is de enige partij die nog voor het in stand houden van het leenstelsel is. Dan zie je het belang van actievoeren. Je kunt er toch weer mensen van doordringen om iets te veranderen.

“Ik ben vooral zeer hoopvol over mijn eigen generatie. Heel veel mensen willen dingen echt veranderen. Ook omdat wij de eerste generatie zijn die het slechter gaan hebben dan hun ouders. Wij voelen meer de urgentie, als het gaat over het klimaat, en ook over racisme en discriminatie. Tegen wie niet blij is met de gevestigde orde, zou ik willen zeggen: ‘Nog even geduld, straks zitten wij aan de knoppen’.”

Lees ook:

Studeren is meer dan op tijd je diploma op zak hebben

Een student die zich niet gezien voelt, presteert ook minder. Dit academisch jaar moet aantonen of hogescholen en universiteiten ook online een leergemeenschap kunnen zijn.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden