null

NaschriftIsmaël Lotz (1975-2022)

Kwetsbare filmmaker Ismaël Lotz wapende zich met zijn camera

‘Maak moois.’ De opdracht op zijn rouwkaart tekent hoe de Groningse filmmaker Ismaël Lotz in het leven stond. Net als die andere oneliner: ‘Dit is Nu.’

Karin Sitalsing

Misschien is het toeval, maar dan wel een heel bijzonder toeval: de eerste keer dat zijn moeder Ismaël in haar buik voelde bewegen, zat ze in de filmzaal van de Groningse bioscoop Camera.

Roem, rode lopers, camera’s. Het trok hem al toen hij nog maar heel klein was. Tijdens een busreis naar Lloret de Mar duwde hij medepassagiers een microfoon onder de neus en thuis in de badkamer maakte hij Douche WC Radio. In Henny Huismans Surpriseshow mocht hij een keer de camera bedienen. Zijn oom had een 8mm-camera waarmee die zijn kleine neefje liet spelen. De drieminutencassettes waren kostbaar, je moest dus goed nadenken voor je iets filmde. Werd daar de kiem gelegd voor zijn latere efficiënte manier van filmen?

Een lieve, rustige, bedeesde, gevoelige jongen die niet van herrie en drukte hield, zo omschrijven zijn ouders Ismaël. Kermissen en pretparken vond hij veel te druk, en als hij naar een kinderfeestje moest, gaf hij het allerliefst het cadeautje af bij de deur om vervolgens weer naar huis te gaan. Een loner was hij nochtans niet. Hij had volop vriendjes, kinderen wilden graag bij hem zijn. Met sommige basisschoolvriendjes had hij veertig jaar later nog contact.

Ismaël was weliswaar zachtaardig, maar niet verlegen. Hij wist goed wat hij wilde en aarzelde niet om daar op af te gaan. Hij schreef brieven naar radio-dj’s en tv-makers, en koesterde de complimenten die hij van muziekzender TMF kreeg voor filmbeelden die hij maakte tijdens een roadtrip langs locaties uit de film Mission Impossible. Tijdens een stage bij RTV Drenthe vertelde hij dat hij filmmaker wilde worden. “Dat willen we allemaal wel”, zei de ander. “Klopt”, zei Ismaël. “Maar ik kán het.”

Ismaël Lotz als 18-jarige. Beeld
Ismaël Lotz als 18-jarige.

Hij had iets over zich: puur, echt, onbevangen

In 1999 werd hij cameraman bij Omrop Fryslân, verhuisde naar Leeuwarden, naar het appartementencomplex waar ook Carolien Fleurke woonde. “Hij liep de trap op, zijn haar in een staartje, een lange leren jas waarin hij wat op Neo leek uit The Matrix. Ik wist meteen: dit is ’m.” Het was, zegt ze, zijn hele zijn. Ismaël had iets over zich: puur, echt, onbevangen. Hij nam iedereen voor zich in. Ontmoetten ze nieuwe mensen, dan herinnerden die zich later altijd hém, nooit haar.

Bij de Omrop maakte hij nieuwsitems, Piets weerbericht, de Friese soap Baas boppe baas. Daar viel belichter Frans Tigchelaar zijn talent op, ze bleven tot het eind samenwerken. “In het eerste shot schrikt de hoofdpersoon wakker uit een nachtmerrie. De camera moet dan met een rotgang van positie veranderen, daar heb je coördinatie en focus voor nodig. Ismaël kon dat gewoon.”

Ismaël ging steeds minder voor de Omrop werken en meer voor zichzelf: films in opdracht, af en toe autonoom werk, en samen met Carolien verhuisde hij naar Groningen. Ze waren tegenpolen. Hij een nachtdier met het liefst mensen om zich heen, zij een ochtendmens en meer op zichzelf. Ze hielden elkaar in evenwicht. Als stel waren ze niet zo familieminded, liever vierden ze Kerst en verjaardagen lekker met zijn tweetjes, dronken ze koffie in de stad of gingen op wandelvakantie.

Op een van hun eerste dates gingen ze naar de bioscoop. Even één ding, waarschuwde Ismaël zijn kersverse vlam: we zijn hier voor de fílm, geen klef gedoe alsjeblieft. Film kijken was een serieuze zaak, tijdens de pauze diende je te blijven zitten en je stond pas op als de aftiteling was afgelopen.

Er was geen filmweetje dat hij niet kende, en zag hij een mooi shot, dan probeerde hij het te reconstrueren. Zo was hij uren met camera’s en lampen in de weer om de ogen van zijn hoofdpersoon te voorzien van lichtstreepjes zoals in de slotscène van Skyfall.

‘Zwitsers zakmes’ werd hij genoemd

Hij kon alles zelf, zegt vriend en collega Alex Pitstra: filmen, regisseren, monteren, en je wist dat het goed kwam – ‘Zwitsers zakmes’ werd hij vaak genoemd: één apparaat met heel veel functies. “Ismaël kon iets alledaags optillen naar een esthetische werkelijkheid, waardoor het groter en indrukwekkender werd. Zijn werk had vaak een Hollywood-vibe. Dat zat ’m in bepaalde hoeken, in bewegingen, een dynamische montage. Hij kon heel goed een bepaald gevoel oproepen.”

Zijn camera – “Mijn wapen”, zei hij zelf – gebruikte hij als verlengstuk van zijn lichaam. Ging hij even door de hurken of wisselde hij van voet, dan kreeg zo’n shot net wat meer sjeu. Hij sjouwde steevast koffers vol spullen mee, want je zult altijd zien dat je net dat ene apparaatje nodig hebt. Carolien zorgde ervoor dat er ook iets te eten meeging naar de set, vaak drukte ze hem, of kompaan Tigchelaar, nog gauw even een banaan in handen, want als Ismaël niet op tijd at, kon hij flink chagrijnig worden.

Hij nam zijn werk erg serieus: geen gepruts. Hij wist welk verhaal hij wilde tonen. Tijdens het filmen was hij in zijn hoofd al bezig met de montage, hij draaide efficiënt, geen scène te veel. Hij was wars van het woord ‘filmpje’: hij maakte ‘films’, ook als die maar drie minuten duurden. Als je hem echt op de kast wilde krijgen, noemde je hem ‘cameraman’ in plaats van ‘filmmaker’.

Hij was vaak van huis om reisprogramma’s te maken. De Valentijnsdagen dat hij elders zat, regelde hij dat Carolien bloemen kreeg op haar werk. Dat was Ismaël ten voeten uit: lief en ongelooflijk zorgzaam.

Met zijn partner Carolien Fleurke in 2021. Beeld
Met zijn partner Carolien Fleurke in 2021.

‘Echt je vriend zijn was zijn natuur’

In de creatieve scene van Groningen leerde hij gelijkgestemden kennen, verzamelde mensen om zich heen met passies en talenten. “Een diepe band met iemand opbouwen kon hij als de beste”, zegt vriend Ritzo ten Cate. “Omdat hij zo écht en kwetsbaar was. Echt je vriend zijn was zijn natuur.”

Als hij publiek had, transformeerde hij. Op feestjes ging hij staan, zijn verhaal vertellen, voorzien van drukke handgebaren. Dat publiek, het podium, dat had hij nodig, dan ging hij aan. Toch was hij altijd zichzelf.

In het jaar dat Ismaël veertig werd, ging hij voor drie maanden naar de VS om acteertrainingen te volgen. Daar leerde hij allerlei acteurs kennen, onder wie Tom Wilson uit Back to the Future – de film die hij als kind tot in detail had uitgeplozen en geanalyseerd. Ze bleven altijd bevriend.

Zijn grootste succes had hij in 2017, toen zijn speelfilm Who is Alice maar liefst 27 prijzen won bij Independent Film Festivals in Hollywood, Miami, New York en Londen, onder meer voor beste film, beste cinematografie en beste komedie.

Spirituele kant

Ismaël had altijd al een spirituele kant gehad, was erg bezig met ‘leven in het nu’, en van daaruit ontstond Are you now, waarin hij mensen vroeg drie minuten in de camera te kijken, om echt even in het moment te zijn. Zo’n driehonderd van deze drieminutenfilms maakte hij, afgelopen zomer toonde het Groninger Museum een selectie ervan.

Toen was hij al ziek. Een naar hoestje dat maar niet overging. Begin 2018 kwam de diagnose: longkanker, terminaal. Ze trommelden familieleden op, Carolien moest het vertellen. Want Ismaël? Die stond hun reactie te filmen.

Positief blijven was vanaf de eerste seconde zijn voornemen. Geen ach en wee, geen verdriet in huis en het woord ‘sterkte’ was uit den boze. Wat hij wél wilde? Blijven leven, blijven filmen. Er iets van maken, heel letterlijk. In de documentairereeks Lotz leeft!, uitgezonden op RTV Noord, nam hij de kijker mee in zijn proces. Serene spreekkamers, woorden als mokerslagen. De scans. De operaties. Moeder Anna die zijn hoofd kaalscheert.

De serie leverde hem een trouwe fanschare op, duizenden kijkers leefden mee. Lieten hem weten dat ze ook zoiets hadden meegemaakt. Of dat ze zijn moed waardeerden. Zijn kwetsbaarheid.

‘Radicale remissie’, daar ging hij voor

Ismaël wilde de uitzondering op de regel zijn. ‘Radicale remissie’, daar ging hij voor. Hij ging gezond eten, fanatiek sporten. Maar de tumor dacht daar anders over en kroop van zijn longen naar zijn hersenen. De pijn was soms niet te doen. Ook dát deelde hij met zijn kijkers. Breekbare beelden, een fluisterstem.

Het openbare afscheid was groots. In de grote zaal van bioscoop Camera lag hij opgebaard, met naast hem een kapstok met de hoed en jas die hij altijd droeg. Verder niets. De zaal donker, hijzelf theatraal uitgelicht, op het witte doek boven hem rolde een montage van zijn mooiste beelden voorbij. Geen gesproken woord, louter beeld en muziek. Rode lopers voor de bezoekers van deze slotvertoning. Op de plek waar hij voor het eerst werd gevoeld, was Ismaël voor het laatst te zien.

Ismaël Lotz werd op 23 oktober 1975 in Assen geboren en overleed op 12 januari 2022 in Groningen.

Trouw beschrijft het leven van onlangs overleden heel gewone of bekende mensen. Heeft u zelf een tip voor Naschrift? Mail ons via naschrift@trouw.nl.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden