ProfielKiki van Eijk

Kiki van Eijk wil wel spullen, maar geen prullen maken

Kunstenares Kiki van Eijk in haar atelier en werkplaats in Eindhoven.Beeld Roos Pierson

In grote steden wil ontwerper Kiki van Eijk niet wonen. Wel in Eindhoven: industrieel, en toch naast de natuur. 

Ontwerper Kiki van Eijk (41) wilde net afreizen naar Amerika, toen corona de wereld stillegde. In Californië zou ze de laatste hand leggen aan drie grote sculpturen voor het jaarlijkse muziekfestival Coachella, dat nu is uitgesteld tot april 2021. Tot dan moet geheim blijven hoe haar kunstwerk er uitziet. Maar het past heel goed in deze tijd, vertelt ze in haar werkplaats in Eindhoven. Alsof ze toch onbewust de tijdgeest heeft aangevoeld. De installatie gaat over ‘verbinding tussen mensen, ongeacht cultuur en huidskleur’. En ‘natuurlijk’ zitten er ook elementen in uit de natuur, haar grote inspiratiebron.

De natuur lijkt ver weg in de werkplaats waar Van Eijk met een team van zes mensen werkt aan haar fantasierijke, speelse en poëtische ontwerpen. Er wordt geboord en gezaagd aan onder meer de inrichting van de winkel­etalages van het luxe modehuis Hermès. Achter de freesmachine, die snerpende geluiden produceert, staat ontwerper, en echtgenoot, Joost van Bleiswijk (43). Ze kennen elkaar van de Design Academy in Eindhoven. Beiden hebben een eigen ontwerpstudio, al werken ze ook samen aan projecten onder de naam Kiki & Joost.

‘Als je niet verder komt, toch nog een extra stap zetten’

Toch is de natuur hier, aan de rand van het terrein van de voormalige zuivelfabriek van Campina, dichterbij dan je denkt. Op tien minuten fietsen ligt natuurgebied de Gijzenrooise Zegge. Sinds zeven jaar wonen ze daar ook, in een zelf gerenoveerde monumentale boerderij. Van Eijk legde ook zelf de tuin en moestuin aan, met ‘heel veel stekjes’ uit de tuin van haar ouders, allebei gymleraar op een middelbare school.

Beeld Roos Pierson

Die hebben haar opgevoed met de mentaliteit om niet snel op te geven, vertelt ze. “En als je niet verder komt, toch altijd nog een extra stap te zetten.” Haar vader weet uit eigen ervaring dat je altijd meer kunt dan je denkt. Als speler in het Nederlands hockeyteam haalde hij de top: de Olympische Spelen. Ook bepalend voor haar ontwikkeling is de natuur. Als kind speelt ze eindeloos in de bossen en helpt ze haar vader met tuinieren. Dan al droomt ze ervan om ooit op een boerderij te wonen. Ze heeft tijdens haar stage in Parijs gewoond, is vaak in New York geweest en in andere wereldsteden, maar hoe groter de stad, hoe minder aantrekkelijk, vindt ze.

Daarom vertrekt ze na de Design Academy niet naar Amsterdam, Londen of Berlijn, maar blijft ze in Eindhoven, de stad die ‘voelt als een dorp’, met een mooie mix van hip en industrieel, naast natuur om in weg te vluchten. Net zoals haar werk ook een mengeling is van industriële technieken met de natuur als inspiratiebron.

Samen met Joost hopte ze de afgelopen decennia van de ene plek in de stad naar de andere, kraak en antikraak en vooral huur, tot ze vorig jaar eindelijk een permanente locatie vonden: een oude werkplaats van de gemeente aan het kanaal. Ze hebben het vervallen pand grotendeels zelf duurzaam gerenoveerd en uitgebreid, zodat er ook ruimte is voor een showroom om hun producten te laten zien. Haar ontwerpen waaieren alle kanten uit: van meubels, lampen, vazen en klokken tot tapijten en vloertegels.

Zonnepanelen, maar dan mooi

Haar meest recente ontwerp – een gezamenlijk project met Joost – zijn zonnepanelen. Ze kwam op het idee toen die op het platte dak van hun werkplaats werden gelegd. Het viel haar op hoe lelijk ze zijn, wat in dit geval niet uitmaakt omdat ze vanaf de straat toch niet zijn te zien. Maar omdat het zoveel mooier kan, ontwierp ze panelen van ‘gesandwicht’ glas met een print voor toepassing op schuine daken en ook op gevels. Voor de prints liet ze zich onder meer inspireren door de muren van vakwerkhuizen, geoxideerde regendruppels op staal en vallende bladeren. Als creatieveling weet ze niets van de techniek van zonnepanelen. Maar ze kan er wel iets aan toevoegen om onze omgeving aantrekkelijker te maken.

Kunstenares Kiki van Eijk in haar atelier en werkplaats in Eindhoven.Beeld Roos Pierson

Al op de academie wordt ze opgemerkt als een grote belofte. Ze loopt stage in Parijs bij de studio van trendvoorspeller Lidewij Edelkoort, die van 1999 tot 2008 directeur is van de Design Academy. Waarin ze zich onderscheidt volgens haar docenten, is dat ze zo breed en veelzijdig is, wat je ook terugziet in haar opdrachtgevers. Ze werkt voor designmerken als Hermès (mode), MOOOI (meubels, accessoires, verlichting) en Nodus (tapijten), maar ook voor het ijsmerk ­Häagen-Dazs, het Zuiderzeemuseum en kunstgaleries.

Een dag per week werkt ze thuis en dan ‘mag’ ze van zichzelf in het bos wandelen of in de tuin zitten. Dan komen de ideeën vanzelf, zoals voor de lamp Free Form met zijn geschubde snoer, geïnspireerd op de takken van een struik. Zoals ze als kind kon dagdromen in de natuur, doet ze er ook nu prachtige ‘ontdekkingen’. Heel lang kan ze de details van een blad of tak bekijken, om er vervolgens schetsen van te maken en een tekening die ze ‘inkleurt’ met lapjes textiel.

Kamerscherm vol paardebloemenpluis

Dozen vol lapjes stof heeft ze. Die vormen de basis van het grote geweven kamerscherm dat meteen de aandacht trekt in de showroom. Heel lang heeft ze eraan gewerkt. Dit najaar is het te zien op haar eerste solotentoonstelling, in het Textielmuseum in Tilburg.

Beeld Roos Pierson

Het idee voor het kamerscherm, dat de jaargetijden verbeeldt, ontstond toen ze kennismaakte met de buren, nadat ze met haar gezin in de boerderij was getrokken. Die vertelden haar hoe mooi het landschap er is, in élk jaargetijde. Zo beleeft zij dat ook, maar één week springt er toch wel uit. Dat is die ene week in het jaar dat de velden wit zijn van de pluisjes van uitgebloeide paardebloemen.

Sensationeel om te zien, maar hoe geef je dat vorm op een kamerscherm? Laat dat nou een vraag zijn die ze zichzelf nooit stelt. Ze maakt zich nooit druk of er wel een machine bestaat of materiaal om haar ideeën en gedachtenspinsels uit te voeren. “Ik denk altijd: ik kom er wel uit. Je moet niet bang zijn om nieuwe technieken uit te proberen en vrij durven te experimenteren.”

Ze laat zich ook nooit leiden door trends, maar vertrouwt op haar creativiteit om spelenderwijs oplossingen te vinden. Zoekend in de dozen met lapjes stof vond ze stukjes kant. En toen zág ze het: het lijkt wel of de velden met pluisjes met kant zijn bedekt. Met haar collages van lapjes stof ging ze naar EE Labels: ja, dat meer dan honderd jaar oude familiebedrijf in Heeze, dat alle labeltjes in de kleding van modemerken maakt – mag ook wel eens genoemd worden, vindt ze. Na de ontwikkeling van een nieuwe machine die heel breed kan weven, werkt het bedrijf onder de naam EE Exclusives nu ook samen met kunstenaars, onder wie viltkunstenaar Claudy Jongstra en modeontwerper Walter van Beirendonck.

Verpakkingsloze supermarkten en mooi gereedschap

Aan ideeën heeft ze nooit gebrek, maar wat ze nog heel graag zou willen ontwerpen is een supermarkt. Want ze ergert zich mateloos aan al die wegwerpverpakkingen, met de bio-komkommer in plastic folie als dieptepunt. “Daar moet toch een ander systeem voor te bedenken zijn.” Maar ook tuingereedschap staat op haar lijstje. Natuurlijk moet een schoffel functioneel zijn, maar een mooi ontwerp maakt dit klusje wel aantrekkelijker. Zo werkt het echt, weet ze, want haar zoontjes helpen graag mee in de tuin, omdat hun gereedschap er zo leuk uitziet. “Dat moet toch ook kunnen met gereedschap voor volwassenen?”

Toen ze naar de Design Academy ging, was ze bang dat ze daar stofzuigers leerde ontwerpen. Nu, twintig jaar later, zou ze dat best willen. Of een strijkijzer, waterkoker, fiets, step of ander gebruiksvoorwerp. “Dus bedrijven, als jullie dit lezen, kom maar op”, zegt ze lachend. Het lijkt haar een uitdaging om gewone spullen te ontwerpen, die niet alleen mooi zijn maar ook lang meegaan en gerepareerd kunnen worden.

Want één ding wil ze in ieder geval niet maken en dat is ‘troep’, ‘prullen’ die je gemakkelijk afdankt. Haar ontwerpen mogen dan duurder zijn dan bij Ikea, ze maakt geen spullen die na verloop van tijd in de afvalbak belanden. Er is nog steeds vraag naar objecten die ze twintig jaar geleden al ontwierp. ”Duur? Ja, maar je kunt toch sparen voor iets heel moois dat het na dertig jaar nog waard is om doorgegeven te worden.”

Kiki van EijkBeeld Roos Pierson

Als kind knutselt en tekent Kiki van Eijk (Tegelen, 1978) graag. Dus gaat ze naar de Eindhovense Design Academy. Daar studeert ze in 2000 cum laude af met het vloerkleed Kiki Carpet. Ze ontwerpt meubels, tapijten, klokken en lampen, maar ook sculp­turale objecten. Internationaal tonen musea en galeries haar werk. Met ontwerper Joost van Bleiswijk en hun twee zoontjes woont ze in Eindhoven.

De expositie ‘Gedachtespinsels’ over Kiki van Eijks werk opent 26/9 in Textielmuseum Tilburg. Te zien t/m 12/9 2021.

Lees ook:

De kunst van het tafelen

Designbeurs Object Rotterdam en kunstbeurs Art Rotterdam zijn een gouden tandem. De eerste heeft zelfs de wereldprimeur van Total Table Design.

Een kunstenaarsblik op onze voedselproductie

Kunnen kunstenaars nog iets toevoegen aan het verhitte debat over de herkomst van ons eten? ’Menu 2010’ vindt van wel. 

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden