ColumnRob Schouten

In je eentje maar toch niet alleen

De kansen dat we op het EK voetbal komend jaar iets zouden bereiken waren behoorlijk geslonken, zeg maar tot nul gedaald nu Memphis Depay zo zwaar geblesseerd was geraakt dat hij waarschijnlijk niet kon meedoen, aldus de geleerden in het programma ‘Studio Voetbal’. Kennelijk toch een individuele sport, dat voetbal. Even later bespraken ze de kansen van AZ om kampioen te worden. Niet groot, dachten ze, de selectie was niet breed genoeg ondanks de aanwezigheid van talenten als Stengs en Boadu. Kennelijk toch een collectieve sport, dat voetbal.

Ik luister altijd gespannen als het gaat om collectiviteit en individualiteit. Ikzelf heb weinig met collectiviteit te maken, geen kantoorbaan, geen duidelijke collega’s, de kerk waar ik vroeger kwam heb ik verlaten, als ik een boek lees doe ik dat in m’n eentje, bij het schrijven van een gedicht duld ik niemand om me heen. Ieder jaar ga ik met een stelletje vrienden op vakantie en ik hoop dat collectieve solidariteit ervoor zorgt dat ik een goed bed krijg als ik ziek wordt, maar daar houdt het wel zo’n beetje mee op. Toch verlang ik er bij vlagen naar om op een groot verzekeringskantoor te werken, met een kantine en collega’s die vragen of ik ook koffie wil. Het is er nooit van gekomen en gezien mijn leeftijd gaat het ook niet meer gebeuren.

De beklimming van de Christoffelberg

Onlangs was ik bij mijn zus op Curaçao, alwaar ik de plaatselijke Christoffelberg wilde gaan beklimmen, de hoogste berg op het eiland. Van mijn zus en zwager hoefde ik het niet te hebben, die hadden de tocht, al wonen ze al jaren op het eiland, nog nooit gemaakt, zoals ik ondanks een meer dan veertigjarig verblijf in Amsterdam nog nooit naar het Anne Frankhuis ben geweest. Maar het gidsje vertelde dat je voor tienen die berg op moest anders werd het te heet. Ik ging, alleen. Zo’n expeditie in je eentje heeft iets romantisch, in de negentiende eeuw deden ze het graag, schrijvers als Goethe en Stendhal beschrijven hoe ze zonder gezelschap door bossen en vreemde steden liepen, op zoek naar sublieme ervaringen, en die kregen ze ook. Massatoerisme was er nog niet.

De beklimming van de Christoffelberg viel me, ondanks de gering hoogte van nog geen 400 meter, niet mee, het was warm, ik moest moeizaam klauteren. Gelukkig was ik de enige niet, geregeld kwam ik een daler tegen of een rustende stijger, we wilden allemaal hetzelfde, de top. Op zeker moment stopte ik bij een man van mijn leeftijd die daar met zijn twee dochters uitrustte. Hij pufte en zweette en had het zo te zien net zo zwaar als ik, we wierpen elkaar een blik van verstandhouding toe. Een van de dochters riep ‘Kom op pa, we gaan weer’. Met gespeelde tegenzin stond hij op om verder te trekken. Zoiets wilde ik ook, dochters die mij aanmoedigden, maar mijn dochters zaten thuis en op hun werk. Daarom leende ik voor even de dochter van die man en hees me op aan hun collectieve dadendrang. Want anders, maakte ik mijzelf wijs, was ik omgedraaid en gedesillusioneerd vóór de top afgehaakt. Maar niemand die iets van mijn innerlijke overwegingen in de gaten had en even later kwam ik boven.

In m’n eentje zogenaamd.

Eerdere columns van Rob Schouten leest u hier

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden