Beeld Trouw

Klein VerslagWim Boevink

Huidhonger, je zou een wildvreemde willen omhelzen

Zo stil in het stadje. De nieuwe maatregelen zijn van kracht, de mensen bewegen, meest los van elkaar, als figuren in een wereld van animatie. Of als in een compositie. Ze vullen het doek, maar zo gerangschikt dat ze het landschap groter doen lijken.

De hemel erboven is van een surrealistisch blauw. Het licht tekent spat-scherpe contouren.

Langs de rivier is het bijna oogverblindend; het schittert op het water, maakt van de wandelaars op de kade zwarte silhouetten. Ze zijn niet met velen. Daar waar maar even verdichting dreigt begint een wijken, een afbuigen, een duiken in vrije ruimtes. We zijn allemaal erfgenamen van Cruijff. ‘We laten niet het achterste van onze long zien.’

In de zon zit een vrouw voor haar huis. Ze heeft een opengeslagen boek op schoot. Ze is in gesprek met een passante, die op twee meter afstand staat. Burgerzin, volmaakt uitgevoerd.

En zo gaat het verder, om de hoek, waar enkele kleine winkels zijn. Weer die compositie. Wachtenden op stoepen, op twee meter van elkaar. Ze wachten op een plaats in de winkel. Je hoort het virus stuk vallen op het plavesel, als zaad op de rotsen, zo stil is het.

Aan alle deurposten handgeschreven aanwijzingen. Hier maximaal drie, daar maximaal twee. Oh intelligente lockdown, je ontroert.

Bij de bakker koop ik een brood. De vloer voor de vitrine is met behulp van tape in vlakken verdeeld. We zijn pionnen in een dobbelspel. De wereld een groot ganzenbord.

Bij de grote supermarkt aan de rand van de binnenstad is de plattegrond complexer, vrijer, open voor interpretatie. Men improviseert een dans. Bestudeert gangpaden. Neemt een iets langere pauze bij de melk. Voegt zich bij een vrij schap bij de schoonmaakmiddelen. Versnelt de pas naar de drank. Kiest een route, vrij van objecten, ontwijkt personeel in lichtblauwe jasjes dat hoge karren voortduwt.

Bij de kassa’s zijn op de vloer weer vakken aangebracht, daar is men terug bij het bordspel. De meisjes achter hun schilden van plexiglas. Alleen de teksten zijn nog van een vorig tijdperk. Heeft U een bonuskaart?

Heel even is tijd voor een blik in de ogen van een vrouw een vak verderop. Het is een woordenloze blik van verstandhouding, van weemoed ook, van verlangen naar andere tijden. We hebben met elkaar van doen. Met ons risico zijn en risico mijden.

Je zou een wildvreemde willen omhelzen.

Op de radio, tegen de nacht, hoor ik de schrijfster Alma Mathijsen. Ze is single. En zit thuis. Zoals zovelen. Opgelegde isolatie. Ze zegt: ‘Het eerste wat ik dacht toen ik het hoorde was: wie gaat mij nog aanraken de komende tijd? Het antwoord? Niemand. Niemand gaat mij nog aanraken. Dat ik dat zo vreselijk zal missen.’

Er is een woord voor dat verlangen naar aanraking.

Huidhonger.

Er is zoveel onthouding nu. Beneden mij heeft een buurvrouw zich hoestend en niezend opgesloten op haar verdieping. Iemand deed al boodschappen voor haar.

Zonder aanraking.
Ze is nog jong. 
De lucht is blauw.
Het zonlicht fel.
De stad is stil. 

Met het oog van een antropoloog en de pen van een dichter doet Wim Boevink dagelijks verslag over de grote en kleine wereld om hem heen. Abonneer je op zijn column in onze mobiele app en lees hem als eerste.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden