Déjà vuEnkelband

Hoe een musical en een superheld aan de basis stonden van de enkelband

Rechter Jack Love met zijn enkelband.Beeld Getty Images

Ralph Kirkland Schwitzgebel nam zijn dates begin jaren zestig van de vorige eeuw graag mee naar de film ‘West Side Story’. Het romantische verhaal over de liefde tussen Tony en Maria maakte meisjes vatbaarder voor zijn avances, merkte hij.

Zelf kwam hij juist steeds meer los van de plot en begon hij anders naar de musical te kijken. Bijvoorbeeld met een psychologische bril. Zou het mogelijk zijn om bendeleden van The Jets en The Sharks met een ­signaal te weerhouden van ­fatale misdaden, was een van de ­gedachten die door zijn hoofd schoot.

Zo kwam de psycholoog Schwitzgebel op het idee voor elektronisch toezicht via een zogenoemde behaviour transmitter reinforcer. Dat was een verre voorloper van de enkelband met alcoholmeter die minister Ferdinand Grapperhaus (CDA, justitie en veiligheid) nu landelijk wil invoeren.

Schwitzgebel begon midden ­jaren zestig proeven met de behaviour transmitter reinforcer op Harvard in Boston. Delinquenten op proefverlof konden een zendertje aan hun riem krijgen, zodat op een centrale plek toezicht kon worden gehouden op hun handel en wandel.

Dat had ook voor de proefkonijnen voordelen. Onterecht beschuldigd van misdaden konden ze nu bewijzen dat ze ergens niet waren geweest. Schwitzgebel geloofde – in lijn met zijn eerste ideeën tijdens zijn zoveelste bezoek aan West Side Story– ook dat degenen met de zender door opdrachten via de zender in positieve richting konden worden bijgestuurd.

Koeien en Spider-Man

Schwitzgebel kreeg weinig handen op elkaar. Het deed mensen te veel denken aan de Big Brother-achtige toestanden uit Orwells ­roman ‘1984’. Typerend was het antwoord van een redacteur van een wetenschappelijk tijdschrift waaraan Schwitzgebel een artikel had gestuurd. Die had de indruk dat de psycholoog machines wilde maken van delinquenten. Cynisch suggereerde hij dat misschien ook kinderen konden worden gezenderd. “Bij gebrek aan geweten om goed van kwaad te onderscheiden kunnen ze dan de moeder-knop ­induwen. Zij kan de verantwoordelijkheid van hen overnemen bij het nemen van beslissingen.”

Pas in de jaren tachtig kregen ontwikkelingen een nieuwe ­impuls door Jack Love, een rechter in New Mexico. Die vond gevangenissen een slechte plek voor niet-gewelddadige criminelen en zocht naar mogelijkheden voor huisarrest onder toezicht. Hij sloeg aan op berichten over boeren die via een onder de huid geplaatst zendertje de gangen en behoeftes van hun koeien in de gaten konden houden. Zijn andere inspiratie was een strip waarin een boef via een aangebracht apparaatje Spider-Man precies kon volgen.

Love probeerde bedrijven ­enthousiast te krijgen om zoiets te ontwikkelen voor justitiële doeleinden. Het lukte hem uiteindelijk bij een medewerker van Honeywell, die ontslag nam bij dat bedrijf en met een flinke lening van de bank voor zichzelf begon. In het voorjaar van 1983 kon Love zijn eerste drie verdachten veroordelen tot huisarrest onder elektronisch toezicht. Slechts een van hen bracht het tot een goed eind.

Discussie over privacy

Toch won het idee in de Verenigde Staten en internationaal terrein. De gevangenissen zaten vol. Dit alternatief was goedkoop. En ook op andere gebieden vond automatisering plaats.

Nederland begon pas eind jaren tachtig van de vorige eeuw over elektronisch toezicht te praten. Een door de toenmalige minister van justitie ingestelde studiecommissie concludeerde eind 1988 dat het voor beperkte duur en onder strenge voorwaarden een mogelijk alternatief voor celstraf kon opleveren, maar dat het nog niet wenselijk was. Er moest eerst een principiële discussie komen over onder meer privacyaspecten.

Ook uit andere hoeken klonken bedenkingen. ­Halverwege de jaren negentig was het denken veranderd en achtte de politiek de tijd wel rijp voor een ­experiment met elektronisch huisarrest. Dat begon op 11 juli 1995.

Paul van der Steen bekijkt wekelijks het nieuws door een historische bril.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden