null Beeld
Beeld

ColumnRosita Steenbeek

Het wonderbaarlijk gewone van een bomvol Teatro di Roma

Rosita Steenbeek

Als ik mijn oren spits hoor ik pistoolschoten­­. Het is weer volle bak in het Teatro di Roma dat evenals mijn palazzo met kloostercel rust op het Theater van Pompeius. In dat theater uit de eerste eeuw voor Christus werd Julius Caesar vermoord­­. Het gelijknamige toneelstuk van Shakespeare zag ik op die plek. Vanavond ga ik naar een ander drama, dat van Ubu Roi, ­geschreven door Alfred Jarry, voorloper van het surrealisme. In 1896 deed dit toneelstuk de deftige Parijse theaterbezoekers, die een onbezorgd avondje uit dachten­­ te gaan, in woede ontsteken, waarschijnlijk­­ doordat ze werden geconfronteerd met hun laagste driften­­, hebzucht, egoïsme, ijdelheid. Decor en kostuums zijn van Luigi Serafini die ik ­tijdens de pandemie heb leren kennen in mijn stambar waar toen alleen nog buurt­bewoners kwamen.

Braaf toont de rij de green pass, terwijl kortgeleden de boel hier escaleerde vanwege diezelfde pas. De roodpluchen balkons vullen zich weer, zes rijen hoog, maar in de zaal hebben de stoelen plaatsgemaakt voor zand. Op die grote lege vlakte vecht Ubu samen met zijn vrouw om land, om geld, om aanzien, om heel veel lekker eten, want zijn buik is zijn afgod.

Een kroon van messen, lepels en vorken

Langzaam gaat het toneeldoek op en daar verschijnt de koning, reusachtig, in hermelijnen mantel, onderdanen in zijn zakken, zijn hoofd tot in de nok met een kroon van messen, lepels, vorken. Ubu slaat hem de kop in, wordt de nieuwe koning, gezeten op een draaiende wasmachine als troon, zijn malende ingewand. Regeren kan hij niet, geweld­­ gebruiken wel. Hij bakent land af met kolossale stokbroden, gebruikt een ‘ontherseningsmachine­­’ om mensen van dat ergerlijke orgaan te ontdoen. Als alles aan gruzelementen ligt, kiezen koning Ubu en zijn vrouw het hazenpad, de schatkist onder de arm. Ook schrijver Alfred Jarry duikt op als personage, de poète maudit met zijn ­guitenstreken, zoals het lossen van pistoolschoten om het verkeer te regelen. Hij was zélf literatuur, schreef zijn volgeling Guil­laume Appolinaire.

Proosten op volle theaters

Na afloop stap ik een nieuwe, opgewektere droomwereld binnen, want er is een feestje ten huize van Luigi Serafini, vlak bij het Pantheon­­. Kleurige wanden hangen vol surrealistische kunstwerken, een bibliotheek met rood-wit gestreepte boekenkasten gaat over in zijn atelier, zelfontworpen stoelen staan rond een kanariegele schouw waar we proosten op volle theaters en op alle kunsten, die ons de ogen openen voor eeuwige waarheden en voor het wonderbaarlijke van het gewone.

Als ik na middernacht naar huis loop, kijk ik naar de muur waar Luigi tijdens de pandemie tomaten plantte, die hij elke avond ­water gaf. Toen alles weer ‘normaal’ werd is de tomatenplant gerooid. Luigi was er kapot van. Tussen de zuilen van het Pantheon ligt de dakloze Claudio zoals al vele jaren, vredig te slapen. Ik wandel terug naar mijn plekje op het Theater van Pompeius waar ik de ­komende avonden de pistoolschoten zal ­horen van Alfred Jarry.

Rosita Steenbeek is schrijfster en woont deels in Rome. Meer van haar columns leest u hier.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden