Marjolijn van Heemstra.

DelenMarjolijn van Heemstra

Heel erg kinderachtig, maar waar: ik voel eenzaamheid als mensen mij niet liken en delen

Marjolijn van Heemstra.Beeld Martijn Gijsbertsen

Delen klinkt als de ultieme kerstgedachte. Maar is delen altijd iets fijns? We verzamelden ervaringen met het delen van vrienden, auto’s, verhalen, foto’s en eten. Schrijver en theatermaker Marjolein Heemstra wil haar verhalen delen. Het delen leek haar altijd iets moois, maar nu de verhalen die ze voor De Correspondent maakt ‘slecht gedeeld’ worden, kruipt er iets naars onder de huid.

Bij het woord ‘delen’ dacht ik altijd aan goede dingen. De mantel van Sint-Maarten bijvoorbeeld, of schalen met eten. Daar is gaandeweg een nieuwe associatie bij gekomen. Een pijltje met een kromme staart. Het is het deel-icoon onder aan de stukken die ik sinds dit voorjaar schrijf voor De Correspondent. Achter dat kromstaartje staat een getal dat aangeeft hoe vaak het stuk gedeeld is.

Mijn stukken worden slecht gedeeld. Ik schrijf over ruimte en ruimtevaart en klaarblijkelijk vindt mijn fascinatie voor zonsondergangen op Mars niet al te veel weerklank bij de lezers. In principe is dat niet erg. Ik krijg er niet minder om betaald en ben bovendien gewend om dingen te maken voor een relatief klein publiek. Maar toch kruipt die kromstaart in dit geval onder mijn huid, omdat mijn verhalen online verschijnen, tussen verhalen die (en dat is in één oogopslag zichtbaar) wél heel vaak gedeeld worden. Het helpt niet dat er op de homepage een hitlijst staat met de populairste artikelen. Dat vervloekte vergelijken, ik zou willen dat ik er immuun voor was.

Mensen schijnen graag verhalen te delen die op de een of andere manier hun identiteit bevestigen. Verhalen waarmee ze kunnen uitdragen wat hun wereld- en mensbeeld is. De ruimte is daarvoor misschien te abstract. En zo kan ik nog meer redenen verzinnen voor het feit dat mijn stukken weinig verspreid worden maar het verandert niets aan het onprettige gevoel dat het me geeft. Alsof je steeds weer een boot bouwt die haar ligplaats nooit verlaat, blijft dobberen in het riet.

Een gevoel van eenzaamheid

Die beeldspraak is niet toevallig. Mijn vader kocht ooit een zeilboot. Het plan – zijn plan – was de zomers zeilend door te brengen op het meer vlak bij ons Friese huisje. Ik herinner me nog heel precies hoe hij op een dag dat meer in kukelde toen de boot kapseisde terwijl zijn drie dochters en zijn vrouw veilig aan wal stonden toe te kijken. Hij kwam al snel weer boven, proestend en vloekend maar vooral, denk ik, eenzaam. Het was hem niet gelukt ons mee te nemen in wat hem zo betoverde. Zonlicht op het water. Klapperende zeilen. Wind in je oren.

Ik heb zo nu en dan aan dat moment gedacht het afgelopen half jaar. Ik geloof dat ik iets van zijn eenzaamheid voel als de teller achter de kromstaart blijft hangen op een schamel tiental. Maar er is nog iets wat ik voel: het verlangen lezers tegemoet te komen. Mijn spreekwoordelijke zeilboot om te bouwen tot pannenkoekenboot, plezierjacht, veerpont, wat dan ook, als het maar gedeeld wordt.

Allemaal vanwege een teller die achterblijft bij de rest? Helaas wel. Het grootste probleem is denk ik de tastbaarheid van getallen. Een lang stuk over een maan-missie valt niet te vergelijken met een column over gratis geld. Maar die getallen onder die totaal verschillende stukken zijn concreet en concrete dingen kun je wél vergelijken waardoor het dan ineens voelt alsof ik verloren heb.

Heel. Erg. Kinderachtig. Maar waar.

Soms verlang ik naar de jaren dat ik een column had in deze krant en regelmatig handgeschreven brieven ontving van lezers die iets met mij wilden delen. Het soort delen dat niets te maken heeft met het aanklikken van een icoon. Het soort delen waarvoor je aan tafel gaat zitten met pen en papier, waarvoor een postzegel nodig is en een wandeling naar de brievenbus.

Hoe lager de deelbaarheid, hoe dichter bij het onderwerp

Deze zomer stopte ik een paar weken met mijn correspondentschap. Ik was druk met een voorstelling maar wilde mezelf ook bevrijden van mijn hyperfocus op die deelknop. Ik was bang dat de kromstaart een slechte invloed zou krijgen op mijn schrijven.

Op een warme augustusochtend las ik een onderzoek naar de reden waarom mensen dingen online verspreiden. Onder aan het onderzoek stonden tips voor deelbare content. De informatie moet aansluiten bij de leefwereld van de lezer, concreet zijn, urgent voelen en gebracht worden met humor. Er valt weinig te lachen met stoffige planeten, de eindeloosheid van de ruimte staat haaks op aardse urgentie en het universum staat gevoelsmatig ver weg van de leefwereld van de gemiddelde lezer. (In werkelijkheid zijn wij natuurlijk elke seconde van de dag door dat universum omringd en is er niets dat zoveel invloed op ons heeft als het heelal, al is het maar omdat alles daarmee begonnen is en alles daarmee zal eindigen, maar dat is dan misschien weer te weinig ‘concreet’).

Conclusie: alles wat de ruimte als onderwerp ondeelbaar maakt is precies wat ik er zo fijn aan vind. De abstractie, de manier waarop het onze leefwereld in perspectief plaatst, hoe onverenigbaar grenzeloosheid is met ons mens- en wereldbeeld.

En dus begon ik vorige maand weer aan mijn stukken, met frisse moed en het voornemen de kromstaart te negeren. Voorlopig lukt dat, dankzij mijn nieuwe stelregel. Hoe minder mijn stuk voldoet aan de eisen van de deelbaarheid, hoe dichter ik in het hart van mijn onderwerp zit. Ver van ons maar allesomvattend, weinig urgent maar onmisbaar. 

Meer deelverhalen:

Ex-expat Hagar Jobse schrijft over vrienden delen.

Expats weten het al lang. Nederlanders zijn niet zo makkelijk in het delen van vrienden en hun kringetje opengooien. Dat viel journalist Hagar Jobse (32) ook op toen ze na vijf jaar Madrid terugkeerde. Hier houden we vrienden strikt gescheiden. Ongezellig, vindt ze. Of biedt het toch voordelen?

Robert Visscher deelt zijn auto en meer

Al enige jaren doet Robert Visscher driftig mee aan de deeleconomie. Voor zijn gezin was de stap naar een deelauto vanzelfsprekend. Net als het delen van hun tuin, huis en nog veel meer spullen.

Iris Hannema ziet gasten een bruiloft delen

Op een bruiloft ziet Iris Hannema met lede ogen aan dat iedereen met z’n mobiel in de weer is: de bruid is binnen luttele seconden massaal gedeeld op sociale media. Ze neemt zich voor: haar aanstaande baby komt niet op Instagram.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden