null Beeld

Het einde van de bijrijder

Geen navigatiesysteem kan je laten dromen als een vouwkaart van papier

Nu navigatiesystemen ons gedachteloos van A naar B brengen kan de kaartlezende bijrijder, zoals voormalig Trouw-columnist Wim Boevink altijd was, begraven worden. Maar die kaarten. Die spreken nog steeds tot de verbeelding.

Wim Boevink

Rijbewijsloos ben ik door het leven gegaan. ­Tegelijkertijd was ik decennia (mede)eigenaar van auto’s. Een Rover, een paar Renaults. Ik heb als bijrijder geleefd. Het kan op mijn grafsteen. Hij was bijrijder. De vraag is of intussen niet alle bijrijders begraven zijn. Bestaat deze figuur nog? De bijrijder is in brede zin de persoon die naast de chauffeur zit. En natuurlijk wordt er nog heel veel naast chauffeurs gezeten.

Van daaruit wordt uit het raam gestaard, of op de ­telefoon en misschien wordt er eens een greep in het handschoenenvak gedaan naar zuurtjes of pepermunt. Maar hebben die personen nog een functie? Nemen ze actief aan het rijproces deel? Als ik naar mezelf kijk en naar het verloop van mijn eigen bijrijdersschap, dan moet ik zeggen: nee.

WimWim

Met de komst van TomTom, in de beginjaren van deze eeuw, was het met WimWim gedaan. Want zo definieer ik bijrijderschap: als de persoon die met behulp van opengevouwen kaarten de bestuurder helpt met navigatie.

Oké, er waren ook belangrijke nevenfuncties, zeker in de jaren met jonge kinderen, zoals het voeren van de achterbank met gesmeerde boterhammen, doosjes rozijnen en drinkpakjes (waar je met precisie een rietje in moest schuiven en moest smeken bij de overdracht niet te hard in het karton te knijpen), maar kerntaak was toch wel het gidsen van E- en A-wegen naar B- en C- en D-wegen die correspondeerden met nummers op de openliggende kaart op schoot.

Het vak in de deur van de bijrijders was gevuld met die kaarten of kaartenboeken met ringbanden; half Europa klemde zich in dat vak. En alsof dat niet genoeg was lag in het dashboardkastje nog het dikke ANWB-wegenboek.

Maar hier gaat het me vooral om die landkaarten. Van papier.

Oplopende spanning, ‘je zei toch rechts’

Je moest ze goed lezen, en scherp op de borden letten, en op het juiste moment je aanwijzing geven, vooral niet te laat, hier links, daar rechts, bij Autobahnkreuz richting Dortmund volgen, aah afslag gemist, of neeeee, deze was te vroeg. Oplopende spanning, ‘je zei toch rechts’, ‘ik kan hier niet keren’, het dreinende ‘hoe lang nog’ van de achterbank – de bijrijder moest alle antwoorden paraat hebben.

Hij wist niet veel, die bijrijder. Hij worstelde met die kaart, ondersteboven openvouwen, niet goed dichtvouwen, stress, hield een vinger op de kaart om de weg niet kwijt te raken en een bril op de neus om de borden te lezen en als hij heel veel moeite deed en de symbolen (de rode pinnen!) op de kaart goed combineerde kon hij bij benadering uitrekenen hoeveel kilometer er nog af te leggen was.

De bijrijder was een stuntelaar.

Maar zijn tijd is voorbij.

In het vak van de autodeur steken nauwelijks nog kaarten.

De tweede rechts is nu meestal gewoon rechtdoor

TomTom kwam, Google Maps verdrong TomTom, maar de gesproken aanwijzingen zijn strak en helder en perfect getimed, op de rotonde de tweede rechts is meestal gewoon rechtdoor, en de geschatte aankomsttijd is al bij het vertrek gegeven. ETA is een begrip.

Een scherm toont de weg die voor je ligt.

De wereld vernauwd tot een tunnel. In het midden een rode lijn.

De bijrijder heeft zijn intussen verouderde papieren kaarten bewaard in een doos.

Herinneringen zijn het geworden, en soms droom gebleven.

null Beeld

Met balpen aangebracht cirkeltje

Op Michelinkaart 342 van de Hautes-Pyrénées kan hij aan een met balpen aangebracht cirkeltje nog aflezen waar de vakantiewoning lag, even buiten Saint-Palais in Frans Baskenland, bijna direct aan het Pelgrimspad en ook kan hij de tocht vervolgen via Saint-Jean-Pied-de-Port en de D933 over de grens met Spanje naar Burguete, waar Hemingway logeerde in een hotel, dat hij beschreef in The Sun Also Rises.

Hij herinnert zich ook zijn enige echte wandelvakantie en de Grande Randonnée-detailkaarten rond Monistrol-d’Allier in de Haute-Loire, en het gevreesde moment waarop Rudy van den Hoofdakker elke ochtend een raderwieltje over de kaart liet lopen om exact de af te leggen wandelkilometers te kunnen bepalen: de dichter was een man van discipline en precisie.

En daar is de eilandkaart van het dierbare Griekse Skyros, mythisch eiland waar Thetis haar zoon Achilles probeerde ver te houden van de Trojaanse oorlog; alles eraan oogt maagdelijk, de heuvels, de baaien, de zeldzame gehuchten. Slapen pal onder de kerk boven op de rots. Uitzicht over de kleine witte stad.

Geen systeem kan je laten dromen als een vouwkaart van papier.

De Navo-basis waaraan het eiland zijn vliegveld dankt is niet ingetekend.

En naast herinnering, de droom.

Er zijn geweldige navigatiesystemen.

Perfecte gps-coordinaten.

Tunnels van abstractie.

Maar geen systeem kan je laten dromen als een vouwkaart van papier.

null Beeld

Zoals de kaart in de doos van het Australische Northern Territory.

Het wit van de woestijnen, Sandy, Gibson, Simpson, het beige van de Aboriginal-gebieden (met bijgaande aanwijzingen dat voor een bezoek een permit moet worden aangevraagd), het groen van nationale parken, en tussendoor als een rode slagader een eenzame highway, dwars door dit lege, verzengende land.

Hier en daar een blauw haarlijntje voor een creek, een stipje voor een waterhole.

Een kaart waarin de allerlaatste bijrijder voorgoed zou kunnen verdwijnen.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden