InterviewVluchtelingenkinderen

Familie De Beer nam een Afghaanse jongen (15) op: ‘Het is iedere keer uitleggen, pleiten, vechten’

Beeld Suzan Hijink

Nederland gaat vluchtelingenkinderen uit het afgebrande kamp Moria opnemen. Die worden bij voorkeur bij gezinnen geplaatst met dezelfde cultuur. Echtpaar De Beer nam twee jaar geleden een Afghaanse jongen van vijftien jaar op. “Dat hij uitgezet kan worden hangt als een zwaard van Damocles boven ons geluk.”

Vader Jan de Beer wil namens de familie wel vertellen wat hen twee jaar geleden overkwam: naast twee kinderen van twaalf en veertien kwam er ook een Afghaanse ‘opvangzoon’ in de familie. “We hebben elkaar eerst leren kennen, gingen op zondag samen naar de kerk. Dat moest vooral leuk zijn en gezellig”. In het opvanggezin waar de jongen woonde, ging het niet goed, het gezin besloot het stokje over te nemen. “Onze kinderen zien hem inmiddels als een broer.”

Maar er komt heel wat kijken bij het opvangen van een vluchtelingenkind, weet De Beer nu. Allereerst heeft hun opvangzoon het nodige meegemaakt. “Ik kan niet te veel zeggen over zijn persoonlijke situatie omwille van zijn veiligheid, daarom noemen we hem liever ook niet bij naam. Maar er zijn wel dingen in het verleden gebeurd die je af en toe inhalen. Je probeert naar de toekomst te kijken, maar dat gaat niet altijd.” Ook mist de opvangzoon van het echtpaar De Beer zijn familie. Hulp van buitenaf vragen is bij al deze problemen vaak nodig, maar ook lastig voor opvanggezinnen, zegt De Beer. “Je moet bedenken: wat kan ik zelf, en wanneer vraag ik hulp, en aan wie? Dat is niet altijd even helder.”

Verbazing bij ‘eerste keren’

Het gezin De Beer is van autochtone Nederlandse komaf en dus geen ‘cultuurgezin’ zoals de meeste opvanggezinnen. De cultuurverschillen tussen de ouders en de opvangzoon worden daarom soms extra duidelijk. “Je ziet de verbazing bij ‘eerste keren’: de eerste keer dat onze opvangzoon mijn vrouw zag autorijden bijvoorbeeld. En je merkt dat hij gewend is om bijvoorbeeld financiën met mij te bespreken, en niet zo snel naar zijn opvangmoeder stapt.” De cultuurverschillen hebben gevolgen voor de manier waarop het gezin met elkaar omgaat, zegt De Beer. “Je moet als opvangouder bedenken: welke afspraken, welke waarden zijn voor mij belangrijk, en waar kan ik juist ruimte creëren, zodat de culturele eigenheid van het kind gerespecteerd kan worden?”

Maar de grootste moeilijkheid vormen de instanties, zegt De Beer. “Of het nu bij de sportclub is, op school of bij de orthodontist, zonder formele status is alles wat je wilt regelen voor een kind ingewikkeld. Dat is iedere keer weer: uitleggen, pleiten, vechten.” 

Overstelpen met liefde

De opvangzoon van de familie is officieel uitgeprocedeerd, maar de familie is een nieuwe procedure gestart omdat er volgens hen geen adequate opvang voor de jongen in het land van herkomst is. Alhoewel De Beer een petitie opstartte om meer kinderen naar Nederland te halen, heeft hij door zijn ervaring met die procedures soms zelf twijfels over de haalbaarheid van dat doel. “Als ik zie hoe de instanties functioneren, weet ik niet of Nederland klaar zou zijn voor vijfhonderd kinderen.” De onzekerheid over de status van hun opvangkind eist voor alle gezinsleden zijn tol. “Dat hij uitgezet kan worden hangt als een zwaard van Damocles boven ons geluk.”

Want geluk, dat kent het gezin nu er één familielid is toegevoegd. “Als ik zie hoe onze opvangzoon onze andere zoon zegt dat hij zijn telefoon moet wegleggen en even aan zijn huiswerk moet, dan vind ik dat zo waardevol. En voor ons als christenen is het van groot belang om er op deze manier te kunnen zijn voor een ander. Dat we dit kind mogen overstelpen met liefde.”

Welke kinderen mogen uit Moria naar Nederland komen?

Niet iedere minderjarige, alleenreizende asielzoeker uit Griekenland kan onder de ‘Moria-deal’naar Nederland komen. Staatssecretaris Ankie Broekers (asiel) wil alleen kinderen opnemen die jonger zijn dan veertien. Bovendien moet hun asielprocedure een grote geschatte slagingskans hebben. Als die eis in acht genomen wordt, zijn het vooral Syrische kinderen die in aanmerking komen.

Maar het wordt nog knap lastig om vijftig kinderen te vinden die aan die kenmerken voldoen, waarschuwt Vluchtelingenwerk. Alhoewel er geen specifieke cijfers over de kinderen uit Moria bestaan, zijn de meeste alleenstaande kinderen in Griekenland Afghaans en zo’n vijftien tot zeventien jaar oud, zegt de organisatie. Er bestaat daarom een kans dat het werkelijke aantal opgenomen kinderen lager zal uitvallen. 

Kinderen worden het liefst in gezin met dezelfde cultuur geplaatst

Ook Hanneke van Vuren (33) en haar man leek het een goed idee: een vluchtelingenkind opvangen nu er zoveel minderjarigen vastzitten in Griekenland. “We hebben een huis met ruimte we dachten er al langere tijd om iemand een plekje te geven. Vanuit ons geloof vinden we het onze plicht om kwetsbare mensen, zoals vluchtelingen te helpen. Die hebben zo weinig rechten en kansen in deze samenleving. Terwijl: we zijn allemaal Gods kinderen.” Afgelopen week benaderde Van Vuren daarom het Nidos, de organisatie die opvang in gezinnen regelt voor minderjarige vluchtelingen. Konden ze niet een kind in huis nemen en zo iets betekenen voor hun medemens?

Van Vuren blijkt niet de enige te zijn met dit idee. Het Nidos kreeg na de branden in Moria ‘heel veel’ aanmeldingen en mails zoals die van Van Vuren. “Dat zien we vaker als er iets gebeurt waar minderjarige vluchtelingen bij betrokken zijn”, aldus de woordvoerder. “Toen het aantal vluchtelingen piekte, zo’n drie jaar geleden, was dit bijvoorbeeld ook het geval.” Hoeveel aanmeldingen er na ‘Moria’ kwamen, kan de organisatie niet zeggen. Wel kwamen er het afgelopen jaar ‘honderden’ mails zoals die van Van Vuren binnen. Bij Vluchtelingenwerk zijn de afgelopen dagen ook tientallen mails binnengekomen van mensen die de vluchtelingenkinderen uit Moria willen helpen, zegt de organisatie.

Alleen ‘cultuurgezinnen’

Het extra kamertje van Van Vuren zal echter niet zo snel bezet worden door een vluchtelingkind, zegt het Nidos. De organisatie wil alleen zogenaamde ‘cultuurgezinnen’ aantrekken, die dezelfde achtergrond hebben als het opvangkind. “Die mensen weten hoe het is om gevlucht te zijn, koken hetzelfde eten, misschien hangt er dezelfde geur als thuis.” Nederlandse gezinnen zonder migratieachtergrond worden alleen bij uitzondering ingezet.

Maar eigenlijk hebben ze bij het Nidos nooit een tekort aan cultuurgezinnen voor kinderen die naar Nederland komen. Die gezinnen regelt de organisatie zelf, via sleutelfiguren in bepaalde gemeenschappen. Het Nidos zegt ook niet snel voor verrassingen komen te staan. “We zijn altijd voorbereid op een nieuwe piek.” Over een maximum aantal vluchtelingenkinderen dat de organisatie zou kunnen plaatsen doet de woordvoerder geen uitspraken.

Van Vuren en haar man zijn door het Nidos wel uitgenodigd om af en toe een dagje met een minderjarige vluchteling op te trekken. Waarschijnlijk gaat het echtpaar op dat voorstel in. 

Lees ook: 
We behandelen vluchtelingen niet meer als mensen met rechten’

Volgens hoogleraar publieksfilosofie Marli Huijer schiet het kabinet tekort door puur cijfermatig te denken na de ramp in vluchtelingenkamp Moria.

‘Moria-akkoord tast de rechtspositie van asielzoekers aan’

Asielzoekers moeten straks meteen over hun asielmotieven vertellen, zonder hulp van een advocaat.

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden