NaschriftMarjan de Reus 1956-2020

Extravert als Marjan de Reus was, haar binnenste hield ze voor zichzelf

Marjan de Reus (35) met op de achtergrond eigen werk.Beeld Privécollectie

Als geen ander kon ze contact maken met mensen met autisme. Ze overwon haar beperkingen door slechtziendheid en viel op met haar gevatheid. Maar haar gevoelige binnenwereld bleef privé.

Marjan voelt zich altijd aangetrokken tot mensen die ‘niet doorsnee’ zijn. Die eigenschap komt haar van pas wanneer ze tijdens haar studie aan de pedagogische academie, de voorloper van de pabo, stage loopt op een basisschool.

In de klas zit een jongetje dat weinig contact maakt met de juf en kinderen. Wel gaat hij naast Marjan zitten en praat honderduit, zonder haar aan te kijken. Ze weet niet precies hoe het komt, maar ze begrijpt hem en weet zijn woorden en gedrag te vertalen naar klasgenoten. Het is de kiem voor haar latere begeleiding van kinderen en volwassenen met een autismespectrumstoornis.

Marjan de Reus op het strand als zesjarige.Beeld Privécollectie

Marjan is zelf ook niet doorsnee. Als meisje in een gezin met drie oudere broers wordt ze verwelkomd als een kadootje. Haar ouders beschermen haar niet alleen omdat ze een meisje is, maar ook omdat hun dochtertje slechtziend blijkt te zijn. Op de rooms-katholieke meisjesschool in Noordwijkerhout moet Marjan vooraan zitten om de letters op het bord te kunnen lezen. Door haar visuele handicap wordt ze soms als minder intelligent ingeschat dan ze is.

Marjans vader is eigenlijk timmerman, maar wanneer er in de jaren dertig nog maar nauwelijks werk is in de bouw, gaat hij aan de slag als verpleger in de rooms-katholieke psychiatrische instelling Sint Bavo in Noordwijkerhout. Dat bevalt zo goed dat hij er zijn hele leven zal blijven werken. Naast zijn gewone werk maakt hij met de cliënten houten speelgoed dat wordt verkocht. Het gezin wandelt regelmatig door de parkachtige tuinen rondom het gebouwencomplex en soms gaan de kinderen in het grote bad op de afdeling waar vader werkt, thuis is er immers alleen maar de teil.

Het gezin de Reus in Noordwijkerhout in 1964.Beeld Privécollectie

Haar moeder, die van oorsprong Limburgse is, zwaait thuis de scepter, bijgestaan door de regels van de rooms-katholieke kerk. Elke dag zitten de kinderen nog voor schooltijd in de kerk. Op vakantie gaat het gezin niet vaak, maar het ouderlijk huis tussen de bloembollenvelden is op een kwartiertje fietsen van de zee.

Een voor een verlaten de broers het nest. Marjan voelt zich steeds benauwder onder de vleugels van moeder en kerk, ze verlangt naar vrijheid. Ze heeft gemerkt dat na de mavo het leren haar prima afgaat, al moet ze door haar slechte zicht net een stap harder lopen dan haar leeftijdsgenoten, maar het kweekt ook doorzettingsvermogen.

Op de pedagogische academie die ze na de havo doet, ontdekt ze haar talent om te kunnen communiceren met kinderen met autisme. Misschien is haar antenne verscherpt door het werk van haar vader waardoor ze al jong kennismaakte met mensen die anders communiceren of heeft ze door haar eigen visuele beperking ervaren hoe het is als je niet gezien wordt.

Marjan de Reus als student.Beeld Privécollectie

Na haar opleiding werkt Marjan eerst een tijd als juf op een gewone basisschool. Na een verdiepende studie orthopedagogiek vindt ze op haar 26ste haar plek in het spe­ciaal onderwijs. Na verloop van tijd bouwt ze een opberghok om tot spreekkamertje waar ze leerlingen een op een behandelt. Het is haar een gruwel dat kinderen met een autismespectrumstoornis op één hoop gegooid worden. Zelf doet ze aan maatwerk. Met het ene kind communiceert ze terwijl ze een spelletje doen, een ander heeft weer baat bij ontspanningsoefeningen. Marjan zoekt net zolang tot ze contact krijgt.

Ze woont in Utrecht, een stad die haar bevalt omdat ze het gevoel heeft dat ze er zichzelf kan zijn. Ze is een opvallende verschijning. De brillen die ze draagt, zijn duidelijk aanwezig, net als haar kleurige kleding met grote prints, sjaaltjes en sieraden. Als ze lacht, verschijnen er kuiltjes in haar wangen. Ze praat graag en is een warme persoonlijkheid die zich zowel voor haar werk als in haar vriendschappen volledig inzet. Ze onthoudt wat mensen zeggen en kan goed luisteren. Met Marjan kun je lachen en gieren, totdat er iets is dat haar niet bevalt. Dan kan ze omslaan en compromisloos zijn. Zo heeft ze per brief een aantal vriendschappen verbroken.

Op de school waar ze werkt, raakt ze verwikkeld in een conflict en Marjan vertrekt. Het is een moeilijke tijd, want het gaat slecht met haar vader. Hij heeft longkanker en ze is vaak bij hem in Noordwijkerhout te vinden. Om haar zinnen te verzetten geeft ze zich op voor een toneelcursus in Utrecht. Een van de andere deelnemers is Bert, een ingenieur. Het valt hem op hoe enthousiast ze is en hij bewondert hoe gemakkelijk ze contact maakt met vreemden, zelf vindt hij dat moeilijker. Samen schrijven ze liedjes voor een uitvoering. Bert voelt wel dat het met Marjan niet altijd goed gaat. Hij luistert naar haar verhalen en houdt haar vast als ze verdrietig is. Het contact groeit uit tot een relatie, haar vader is dan al overleden. Ze hebben het goed samen, gaan naar jazzconcerten en naar de film, dansen op feestjes en voeren eindeloze gesprekken.

Maatschappelijk geëngageerd als ze is besluit Marjan sociologie te gaan studeren. Ze maakt gebruik van hulpmiddelen zoals leesloeps en de tentamens en examens maakt ze op extra groot papier. Op haar 45ste studeert ze af met een scriptie over het imago van ICT’ers.

Als aanvulling op de intellectuele arbeid schildert en tekent Marjan. Ze gebruikt grote rollen behang die ze over de deur slingert, waar de verf in felle kleuren afspat, soms grote afbeeldingen, soms verfijnd werk vol details. Ook tekent ze stripverhalen met grappige figuren die avonturen beleven in verre landen of op planeten. Het is voor haar ook een manier om dingen te verwerken. Wanneer ze bijvoorbeeld een conflict heeft met iemand, kan ze dat helemaal uittekenen, soms gaan de tekeningen vergezeld van kort geschreven commentaar. Deze kleurige, soms heftige en gevoelige binnenwereld houdt Marjan vooral voor zichzelf.

Na haar studie zet Marjan haar eigen bedrijf op en begeleidt ze opnieuw mensen met autisme en hun naasten, zoals ouders of werkgevers. Daarnaast geeft ze trainingen in gespreksvoering. Bij een eigen bedrijf horen natuurlijk ook ondernemersborrels die ze trouw afgaat en waar ze weer vrienden maakt. “Hebben jullie al lichaamssappen uitgewisseld?”, vraagt ze een gescheiden netwerkvriendin wanneer die met een leuke man staat te praten. De vriendin moet lachen, maar anderen schrikken soms van haar directe manier van doen. Met drie broers boven je leer je wel om stoer te zijn, is een van de verklaringen van Marjan over haar eigen gevatheid.

In 2005 gaat ze met Bert naar New York. Hij heeft een verrassing voor haar en neemt haar mee naar café Carlyle waar Woody Allen als klarinettist met zijn jazzband op maandagavond optreedt. Wat genieten ze van zulke momenten.

Marjan de Reus vorig jaar in haar tuin. Beeld Privécollectie

Het goede leven komt abrupt tot stilstand wanneer Bert een auto-ongeluk krijgt en na een scan wordt ontdekt dat hij een hersenaneurysma heeft, een verwijding van de hersenslagader, met als gevolg epilepsie en afasie waardoor hij verkeerde woorden zegt. Marjan, dan 54 jaar, wijkt niet van zijn zijde en blijft tegen hem praten en met hem oefenen. Het wordt een lange en zware revalidatieperiode, maar Marjan blijft geloven dat het beter zal gaan en dat gebeurt ook. Het leven komt weer in een goede stroom. Ze geeft trainingen en cursussen, begeleidt haar cliënten, schildert, bezoekt netwerkborrels, legt als altijd contact met vreemden en struint tweedehandswinkeltjes af voor bijzondere kleding.

Dan komt er een nieuwe beproeving op haar pad in de vorm van burenoverlast. Marjan, die niet houdt van pappen en nathouden, gaat de strijd vol aan. Een strijd die een paar jaar zal duren en veel vraagt van haar energie en aandacht. Uiteindelijk besluiten zij en Bert om binnen Utrecht te verhuizen.

Moe van alle turbulentie laten ze tijdens de kerstvakantie de ingepakte dozen even achter zich om uit te blazen in een hotel in Zuid-Holland. Op Eerste Kerstdag lijkt er iets mis met Marjan. Ze gebruikt steeds verkeerde woorden. Bert is bezorgd, het lijkt op de afasie waar hij zelf last van had. Ze keren eerder terug naar huis. Na onderzoek blijkt dat Marjan een hersentumor heeft die niet geopereerd kan worden. In die intensieve periode moet er ook nog verhuisd worden. Tijd om alles uit te pakken hebben ze nauwelijks, want de ziekte slokt alles op.

Aan de muur heeft Bert een paar vrolijkgekleurde waaiers opgehangen van Marjans verzameling, daar kan ze later vanuit haar bed in de woonkamer naar kijken. De mondelinge communicatie waarvan ze haar vak heeft gemaakt, lukt haar zelf niet meer. Door haar ziekte en de medicijnen kan ze erg boos worden. Ze is aan het verliezen waar ze zo van hield. Behalve Bert. Die blijft. Ze kunnen niet meer praten zoals ze dat zo graag deden. Maar hij kan wel haar hand vasthouden – en dat doet hij.

Marjan de Reus werd geboren op 25 mei 1956 in Noordwijkerhout en overleed op 31 augustus 2020 in De Bilt.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden