Beeld Trouw

ColumnBert Keizer

Euthanasie bevond zich altijd op het gevreesde hellend vlak

In een gesprek met Steven Pleiter in Trouw van 11 september kwam het hellend vlak weer eens langs. Pleiter is de scheidend directeur van het Expertisecentrum Euthanasie en in die hoedanigheid werd hij geïnterviewd. Ik moet hier een mogelijke belangenverstrengeling melden, ik werk zelf bij het Expertisecentrum als arts. Mijn overwegingen gaan niet over deze werkkring maar over het begrip ‘hellend vlak’. De interviewer, Marten van de Wier, probeerde een antwoord te krijgen op een aantal fascinerende vragen rond euthanasie: Zoekt het Expertisecentrum de randen van de wet op? Is het niet een hellend vlak? Gaan we niet verder dan we zouden moeten gaan?

Ik vind zijn vragen zo fascinerend omdat ze op te vatten zijn als een omtrekkende verkenning rond een ethisch probleem. Wat is Het Goede? En als we het weten, hoe kwamen we dan aan die kennis?

Zelfs de meest kortzichtige blik op de geschiedenis leert je dat weinig dingen zo veranderlijk zijn als Het Goede. In de jaren vijftig van de vorige eeuw vonden veel fatsoenlijke mensen het goed om homoseksualiteit als iets viezigs af te doen. We vonden het toen zeer beslist niet goed als twee mensen die daar allebei zin in hadden zich lichamelijk op een prettige wijze aan elkaar te buiten gingen. 

Geneuzel over lichamelijkheid

Godsdienst, gelovig zijn, moreel deugen, bestond, zo lijkt het, voornamelijk uit je neerleggen bij een aantal uitzinnige regels met een opvallend hoog treitergehalte. H.L. Mencken definieerde het protestantisme als: ‘De alles verlammende angst dat iemand het ergens weleens naar zijn zin zou kunnen hebben’. Ook het katholicisme zat helemaal volgepropt met onwerelds geneuzel over lichamelijkheid en een gretig verwerpen van alle andere godsdiensten.

Dit minachtende, zelfgenoegzame toontje over wat we toen als Het Goede beschouwden is typisch voor iemand die weet wat we nu, in 2020, op dat altaar hebben geplaatst. Onze achterkleinkinderen zullen op vergelijkbare wijze een aantal van onze altaarstukken triomfantelijk in zee gooien. ‘Altaarstukken’ wil zeggen dat ze zo vanzelfsprekend hun onomstotelijke positie innemen dat we ze niet eens als zodanig in de gaten hebben. Hoelang denken we nog rond te kunnen rijden in benzineauto’s zonder dat dat gezien wordt als een misdaad tegen de komende generaties? Maar dit soort voorspellingen is link. Je weet gewoon niet wat de toekomst brengt.

Inmiddels moeten we zien te leven met de onbegrijpelijke tegenstrijdigheid dat Het Goede helemaal niet onomstotelijk vaststaat, zich altijd op een hellend vlak bevindt. Dat is zo tegenstrijdig omdat Het Goede meteen zijn indrukwekkende gezag verliest als het later kan blijken niet Het Goede te zijn. Kan iets in 1957 wél goed zijn en in 2020 niet meer? De feiten bewijzen het: ja dat kan. Het Goede is eigenlijk ‘wat we nu goed vinden’.

Een ziek mens doden

Waarmee we bij het hellend vlak zijn aangekomen. Het zelfgekozen levenseinde en de maatregelen daaromheen die wij aanvaardbaar vinden, is een perfect voorbeeld uit de menselijke praktijk van een steeds verschuivend oordeel over de aard van Het Goede. Euthanasie bevond zich altijd op het gevreesde hellend vlak. In 1955 werd het opzettelijk doden van een ziek mens op zijn of haar verzoek beschouwd als moord. Ergens rond 1970 begon alles te schuiven. En nu verlenen we euthanasie aan mensen tegen wie we nog geen tien jaar geleden zeiden: kom nou zeg, als we daaraan gaan beginnen … We zijn zelfs zo ver gekomen dat we in sommige trieste gevallen vinden dat een ziek mens gedood mag worden, ook al weet hij of zij niet eens meer waar het over gaat.

Het is kenmerkend voor de hele sfeer waarin we hierover praten met elkaar dat we in de metafoor langs een hellend vlak omláág schuiven, richting, ja richting wat eigenlijk? Een onhoudbare slachting? Ik zie het niet gebeuren. Het Goede is wel veranderlijk, maar het zal denk ik één ding altijd in zich bergen: een regelpoging om de groep te laten voortbestaan. Ik denk dat Frans de Waal en vele andere biologen die diergedrag in groepen bestudeerden afdoende hebben aangetoond dat je schikken binnen een groep de enige manier is om jezelf en de groep in stand te houden. Helaas hebben we nog geen regeling weten te vinden voor een Goed dat boven alle groepen uitgaat.

Bert Keizer is filosoof en arts bij het Expertisecentrum Euthanasie. Voor Trouw schrijft hij wekelijks een column over zorg, filosofie, en de raakvlakken daartussen.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden