Het graf van Karoline Schlösser en Mozes Groenhijm op de Joodse begraafplaats in Delden. Beeld Wim Boevink

Klein Verslag Wim Boevink

Een struikelsteentje, een grafsteen en een namenmonument verbonden in herinnering

Soms is het verleden ineens overal. Een struikelsteentje in een steeg, een grafsteen in een bosrand, een namenmonument in de hoofdstad. Het steentje lag in de binnenstad van Zutphen, de grafsteen in de Hof van Twente. Het namenmonument komt langs de Weesperstraat.

Ze zijn hier, in dit stukje, met elkaar verbonden door een herinnering, de mijne, aan een proces waar ik verslag van deed. In een rechtszaal in München stond een man terecht die ervan werd verdacht medeplichtig te zijn aan de moord op meer dan dertigduizend Nederlandse Joden. John of Ivan Demjanjuk. Hij was bewaker in een hel.

De hel van Sobibor

Die hel heette Sobibor, nu een godvergeten stuk dennenbos in het diepe zuidoosten van Polen, maar even de hel op aarde, waar honderdduizenden in gaskamers verdwenen.

Op het struikelsteentje in Zutphen was de naam te lezen van Herman Snatager en een paar koude data. Geb. 1912. Gearresteerd 20.1.1943. Gedeporteerd 1943 uit Westerbork. Vermoord 23.7.1943 Sobibor.

De grafsteen zag ik op een mooie voorjaarsdag in Delden, waar ik verbleef op het landgoed Twickel. De conservator van de buitenplaats, Rob Bloemendal, pikte me op voor een ritje in de gerestaureerde sportwagen van de laatste barones van Twickel, een Sunbeam, en niets wees erop dat ik aan een afgrond herinnerd zou worden.

We toerden, het dak was open, de landwegen slingerden zoals landwegen moeten slingeren. Maar Rob wilde me iets laten zien. We stopten aan de rand van het landgoed, waar een bosperceel overging in een weiland. Daar bevond zich voorbij een droge greppel een hek, met erachter tussen de bomen een groepje oude grafstenen en een bakstenen huisje.

Een Joodse begraafplaats, in de negentiende eeuw toegewezen aan de kleine Joodse gemeenschap van Delden door de toenmalige baron van Twickel, toen een oudere begraafplaats op zijn landgoed moest sluiten.

Het zonlicht viel in repen over de bestofte stenen en bij één ervan kwam dat schokje. Daarop las ik de naam van ‘Karoline Schlösser, geboren te Ahaus (Dld) 20 juli 1879, gedeporteerd naar Sobibor Polen en aldaar omgekomen 7 mei 1943’.

We komen terug

Ze was de echtgenote van Mozes Groenhijm, die in 1936 was overleden. Mozes was slager in Delden, een slagerij die werd voorgezet door zijn zoons, Alex en Benny, die de oorlog overleefden in de onderduik. Ze verloren 63 familieleden. ‘We komen terug’ adverteerden ze in juni ’45 in de lokale krant en: ‘In de vanouds bekende slagerij van de Fa. Gebr. Groenheim is het zoals voorheen Oké.’

Ik las dit later in een liefdevol samengestelde documentatie van Peter Kooij (2004) over de Joodse gemeenschap en synagoge in Delden, een boekje dat zich in het archief van Twickel bevindt.

Die gemeenschap was na ’45 vrijwel geheel verdwenen, en Alex Groenheim heeft ook het hek van de begraafplaats nog laten restaureren. Op de pijler ervan, die een Davidster draagt staat: Alex G. 1992. Het jaar waarin hij stierf. Op de andere pijler staat: Benny G.

Roerende geschiedenissen.

De namen van hun moeder Karoline en die van Herman uit Zutphen zullen straks op dat monument staan.

Met het oog van een antropoloog en de pen van een dichter doet Wim Boevink dagelijks verslag over de grote en kleine wereld om hem heen.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden