Column Trea van Vliet

Een beetje poep- en pieshumor doet het altijd goed

Beeld Trea van Vliet

Hoe ga je om met een bejaarde vader die psychiatrisch patiënt is en die nog rijk denkt te worden door boten te bouwen?

Mijn vader is erg laconiek en onderkoeld. Vroeger was dat anders, toen was hij opvliegend en onberekenbaar, onder andere. Toen ik hem hier eens naar vroeg zei hij, in zo’n ronkende volzin van hem: “Ik meen dat ik mij een egaal humeur heb aangemeten”, en daar moest ik het mee doen. Zelf denk ik dat het door zijn medicijnen komt. En soms vrees ik dat het een beschermlaagje van hem zelf is, tegen alle pijn die er was in zijn leven. En dat dat egale humeur ook maakt dat veel vreugde aan hem voorbij gaat. Maar ja, wie ben ik.

Vandaag heb ik mijn vader meegenomen op een rondje avondboodschappen. Hoewel ik er niet vandaan kom, voel ik me wonderlijk thuis in Zeeland, en dat zeg ik tegen mijn vader als we in Domburg op een bankje een ijsje zitten te eten. “Ik meen dat dat komt, doordat je hier bent verwekt”, antwoordt hij. Daar wil ik meer over weten, maar veel laat mijn vader niet los:

“We waren op vakantie in Haamstede en toen had ik er zin in.”

“Zin om een kind te verwekken?”

“Ja”, antwoordt hij.

Einde gesprek.

We eten verder in stilte, totdat mijn vader ineens een keiharde, langgerekte wind laat. “Páp!” roep ik. En mijn vader? Die rolt bijna van het bankje van het lachen.“Ik heb eerst gekeken of er iemand langs liep”, brengt hij gierend uit. Het lukt hem niet meer om zijn ijsje recht te houden en er valt een kwak ijs op de grond. “Maar ík zit hier toch!” roep ik uit, maar ik moet net zo lachen als hij. Ik kijk om me heen en zie achter ons twee vrouwen eten op het terras, een meter bij ons vandaan. Ze mijden mijn blik. “En hier vlak achter zitten twee dames te dineren!” Mijn vader is niet te houden. “Meestal zijn ze stilletjes”, giert hij, “maar me dunkt dat dit een enorme knetter was.” Tranen van het lachen.

Als het schuddebuiken is gestopt en de ijsjes op zijn, takel ik mijn vader weer in de auto en breng ik hem thuis, waar ik aan de woonbegeleidster vertel dat mijn vader zich heeft misdragen. Zijn niet-egale bui bevalt me namelijk wel en ja, bingo, hij begint meteen op te scheppen over de enorme knetter. De begeleidster wijst ons erop dat mijn vader een T-shirt draagt met daarop de naam van de stichting waar hij woont. “Goede reclame”, zegt ze droog. Opnieuw krijgt mijn vader een lachbui en gierend zwalkt hij naar de rookkamer. “Zo ken ik hem helemaal niet”, zeg ik tegen zijn begeleidster die een kop koffie naar me toeschuift. “Een beetje poep- en pieshumor doet het altijd hoor”, lacht ze.

Daar was ik nou nooit opgekomen.

Journalist en schrijfster Trea van Vliet schrijft op deze plek over haar vader, die verblijft in een woonvorm voor psychiatrisch patiënten in Zeeland.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden