null Beeld

NaschriftEdo Spier (1926-2022)

Edo Spier: een flamboyante verbinder die alles uit het leven haalde

Edo Spier verdiende zijn sporen als architect, in de politiek stond hij aan de basis van D66. Hij was een verbinder die op een vrolijke, provocerende en ontwapenende manier mensen voor zich innam. Met volle teugen genoot hij van het leven.

Noor Hellmann

Toen Edo Spier in 2016 negentig werd en van de Gemeente Amsterdam de Andreaspenning ontving voor wat hij als architect voor de stad had betekend, ontroerde hem dat meer dan hij had gedacht. Hoewel hij nooit echt op de voorgrond wilde staan, was hij blij met de erkenning voor zijn belangrijke bijdrage aan het in ere herstellen van monumentale panden in de hoofdstad.

Zo was een van zijn laatste grote opdrachten de restauratie en verbouwing van het toenmalige hoofdpostkantoor. Ook veel oude pakhuizen pakte hij aan en transformeerde hij tot appartementen en lofts met ateliers. Daarnaast ontwierp hij onder meer de (inmiddels afgebroken) synagoge in Amstelveen. Onder de moderne architecten was de Amerikaan Frank Lloyd Wright een van zijn helden.

Zelf had hij in de jaren zestig een pand aan de Prinsengracht gekocht. Vrienden versleten hem voor gek. Dat stuk van de grachtengordel, nabij de Reguliersgracht waar getippeld werd, had geen beste reputatie, waarom ging hij uitgerekend daar met zijn gezin wonen? Veel huizen waren in slechte staat, ook hun huis, maar in de loop der tijd knapte hij het langzaam op. Gaandeweg kreeg de buurt een ander aanzien: de tippelzone verdween, huizen werden onder handen genomen en betrokken door steeds meer gezinnen.

Edo bleef er altijd wonen en volgde kritisch wat er om hem heen gebeurde. Met zijn vakkennis en liefde voor historie zag hij direct wanneer moderne aanpassingen aan een pand ongeoorloofd waren – en bemoeide zich ermee. Want zo was hij: vond hij ergens iets van dan hield hij zijn stevige commentaar niet voor zich.

Edo Spier in 2016. Beeld Mark Kohn
Edo Spier in 2016.Beeld Mark Kohn

Voortdurend speurend naar nieuw politiek talent

Ook wanneer het over politiek ging was hij uitgesproken. Als oud-D66-senator toonde hij zich onverminderd betrokken bij de partij die hij had helpen oprichten en gaf hij gevraagd en ongevraagd advies. In een VPRO-documentaire over Sigrid Kaag verschijnt hij even in beeld tijdens de lunchpauze van een partijcongres in 2019. Daar polst hij Kaag of ze voor het leiderschap van de partij voelt. Ze antwoordt dat ze zichzelf niet de geschikte persoon vindt, waarop hij zijn hand op haar schouder legt en met nadruk zegt: “Ik wel”.

Eigenzinnig als hij was, en voortdurend speurend naar nieuw politiek talent, kon hij iemand met aplomb naar voren schuiven. In 1978 hoorde de jonge, onervaren buitenstaander Roger van Boxtel zo tot zijn verrassing dat voor hem een plek in het afdelingsbestuur van D66 in Amsterdam was ‘geregeld’.

Edo kon stellig en provocerend zijn, maar op een innemende manier. Met zijn flux de bouche kreeg hij mensen om – zowel vrouwen als mannen vielen voor zijn charme en ontwapenende humor. In restaurants wist hij het personeel plagerig te ontregelen. In het keurige Haagse hotel Des Indes zei hij, met een blik op de geserveerde soep, tegen de ober: “Bent u onderweg onwel geworden?” Om uiteindelijk de spanning weg te nemen door broederlijk een arm om diens schouders te slaan.

Hij leefde met volle teugen – het was een reactie op wat hij, zijn ouders en zijn oudere zus Len in de oorlog hadden doorstaan. Die zwarte periode was een onderwerp dat hij zoveel mogelijk ontweek, slechts met een enkeling, onder wie hartsvriend journalist W.L. (Boebie) Brugsma, deelde hij zijn herinneringen.

Tientallen onderduikadressen

Hij werd geboren in een liberaal-Joods middenstandsgezin, dat in Amsterdam-Zuid een poos op het Merwedeplein woonde, vlak bij de familie Frank. Margot Frank was een klasgenoot. Nog voor de oorlog hoorde hij hoe ‘hoge’ Duitsers kinderen in de zandbak toebeten: “Straks zijn wij hier de baas”. Eerder dan zijn ouders onderkende hij het gevaar dat zij met hun Joodse achtergrond liepen. Hij drong aan op vluchten maar zijn vader bagatelliseerde de dreigende signalen, totdat onderduiken noodzakelijk werd. Edo bracht de oorlogsjaren door op tientallen onderduikadressen, ontkwam aan deportatie en wist uit kamp Amersfoort te ontsnappen door zich onder lijken te verbergen.

Kort voor de bevrijding meldde hij zich aan bij het Engelse leger en werd als commando van de Royal Marines uitgezonden naar Nederlands-Indië, waar hij vocht tegen het leger van Soekarno. Maar al gauw legde hij het geweer neer. Hij werd omroeper bij de Allied Forces Radio en ging als oorlogscorrespondent naar Japan om verslag te doen van het terugbrengen van krijgsgevangenen. Noemenswaardige schrijfervaring had hij niet, lef om iets nieuws aan te pakken des te meer, waarbij hij blijk gaf van een brede interesse.

Terug in Nederland begon hij aan een studie politicologie, daarnaast werkte hij bij Het Parool, een inspirerende omgeving met medewerkers als Annie M.G. Schmidt en Simon Carmiggelt. Dat journalistiek niet zijn ware bestemming was, werd hem duidelijk toen hij in contact kwam met Gerrit Rietveld. Edo had zijn eigen bungalow smaakvol verbouwd, Rietveld werd erop geattendeerd en was zo onder de indruk dat hij hem aanspoorde een opleiding tot architect te doen. Edo volgde de raad op terwijl hij bleef schrijven voor de krant, maar die baan zegde hij op zodra hij zijn studie had voltooid.

Ook in zijn liefdesleven gebeurde er veel. In 1951 was hij getrouwd met Ina van Faassen die hij al kende voordat ze aan een carrière als actrice begon. Zeven jaar later eindigde hun huwelijk in een scheiding. Hij hertrouwde met actrice Winnifred Bosboom met wie hij een zoon kreeg, maar ook zij gingen uit elkaar. In 1962 trouwde hij opnieuw, nu met de twaalf jaar jongere Corine Rottschäfer die hij in de Amsterdamse kunstenaarssociëteit De Kring had ontmoet. Dit was wel een solide relatie; samen kregen ze een zoon en een dochter.

Edo Spier met zijn derde vrouw Corine Rottschäfer.
 Beeld
Edo Spier met zijn derde vrouw Corine Rottschäfer.

De Marcello Mastroianni van Amsterdam

Ze vormden een aantrekkelijk paar: hij een flamboyante, elegant geklede verschijning die wel de ‘Marcello Mastroianni van Amsterdam’ werd genoemd, en zij voormalig Miss World. Vaak zochten ze het gezelschap van hun vrienden op bij De Kring. Onder hen Harry Mulisch, Cees Nooteboom, Hans van Mierlo, fotograaf Eddy Posthuma de Boer en uitgever Andreas Landshoff – allen, net als Edo, mooie mannen met mooie stemmen. De vriendengroep kwam vaak bij hen over de vloer, hun feesten en grote diners waren fameus. Maar hoe laat het ook werd, altijd zaten Edo en Corine ’s ochtends met de kinderen aan het ontbijt. Ook de weekends met het gezin waren heilig, steevast brachten ze die door in hun weekendhuis in Bergen aan Zee.

Corine had kantoor aan huis. Ze was het eerste modellenbureau in de Benelux begonnen, werk dat hier tot dan toe verboden was en waarvoor Edo tot aan de Hoge Raad procedeerde om het mogelijk te maken. Intussen slokten zijn architectuurprojecten en de politiek hem op. Hij vervulde ondersteunende functies en was niet te beroerd met plakteams in de stad posters op te hangen, waarna ze de avond gezellig afrondden in een kroeg. Bij de verkiezingen in 1986 waar hij landelijk campagneleider was, was het mede aan zijn overredingskracht te danken dat Hans van Mierlo, die de politiek had verlaten, terugkeerde als lijsttrekker. Met de partij – in de peilingen op één zetel – ging het daarna bergopwaarts.

Aan het eind van zijn carrière zat hij vier jaar in de Eerste Kamer waar hij woordvoerder volkshuisvesting, ruimtelijke ordening en milieu was. Een inbreng schrijven vond hij een bevalling, maar hij stelde scherpe vragen. Hij was een vrijgevochten, sociale liberaal, wars van opgelegde denkbeelden en begaan met de vluchtelingenproblematiek. Een verbinder ook die goede contacten met andere fracties had. Met zijn eigen fractiegenoten Boele Staal, Peter Hoefnagels, Adrienne Vrisekoop en Eddy Schuyer vormde hij een hecht groepje dat samen in de bankjes plezier had – de ‘Vijf Heemskinderen’ noemden ze zich.

Verbouwde schaapherdershut

Na zijn pensioen verbleven Corine en hij jaarlijks enkele maanden in het Zuid-Franse dorp Tourtour waar hij een oude schaapherdershut op een berg had verbouwd tot een comfortabel onderkomen. Hij onderhield het grote terrein, genoot van de natuur en vooral van de hele familie die elke zomer kwam. Ook vrienden waren welkom, net als vroeger toen ze met het jonge gezin ’s zomers naar hun huis in Vence gingen.

Intensief zorgde hij voor Corine toen ze alzheimer kreeg en steeds meer verslechterde. Na haar overlijden in 2020 verloren zijn dagen hun glans en raakte hij in de versukkeling. Zo eloquent als hij altijd was geweest, zo moeizaam kwam hij nu op woorden. Terugkijkend op zijn leven constateerde hij: “Het was een hobbelig begin en een hobbelig einde, maar verder heb ik er alles uitgehaald.”

Elias (Edo) Spier werd geboren op 26 mei 1926 in Amsterdam en overleed aldaar op 6 september 2022.

Trouw beschrijft het leven van onlangs overleden heel gewone of bekende mensen. Heeft u zelf een tip voor Naschrift? Mail ons via naschrift@trouw.nl.

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden