Annelies Maars nam Hamza op in haar gezin. “Als mensen nu lezen dat ze niet bang hoeven te zijn, misschien zijn dan wel meer mensen bereid iemand op te vangen.”

Interview Annelies Maars

De vreemdeling in de tuin werd familie

Annelies Maars nam Hamza op in haar gezin. “Als mensen nu lezen dat ze niet bang hoeven te zijn, misschien zijn dan wel meer mensen bereid iemand op te vangen.” Beeld Martijn Gijsbertsen

Annelies Maars en haar man ontfermen zich over een vreemdeling die in de tuin van de buren probeert te slapen. Het is het begin van een onwaarschijnlijke en onvoorwaardelijke vriendschap. Deze week verscheen een boek over hun leven samen.

In feite heeft Hamza precies hetzelfde ­gedaan als de overgrootouders van Annelies Maars die naar Amerika vertrokken. Hij ging op pad. Op zoek naar een beter ­leven. Dat pad leidde hem naar een tuin in Landsmeer, langs een dijk waar wind en ­regen vrij spel hebben en waar aan de overkant van het water de auto’s over een N-weg schieten. Het pad leidde hem naar Maars en haar man. Dat was twee jaar geleden. Over de onwaarschijnlijke en onvoorwaardelijke vriendschap die ontstond nadat de familie Maars de jonge twintiger die in de tuin van de buren wilde gaan slapen in huis nam, verscheen deze week ‘De vreemdeling in de tuin’ van journalist Ivo van Woerden. Alhoewel, vriendschap. Zo verwoorden Hamza en Van Woerden het. Voor Annelies Maars is Hamza ­familie, onderdeel van haar gezin. Soms belt ze de drie kinderen op die ze zelf op de wereld heeft gezet, of ze Hamza even willen bellen. Dat is goed voor hem.

Als Maars en haar man Hamza in augustus 2017 een nachtje in hun tuinhuis laten slapen, denken ze nog dat het bij een nachtje blijft, een weekend misschien. Ze zijn van plan de politie te bellen, die moet dan maar kijken wie deze jongen is en hoe hij geholpen moet worden. Ze weten dan niet waar Hamza vandaan komt, hij kan het niet goed uitleggen, en hoe hij in de tuin van de buren terecht is gekomen. Wat ze wel weten is dat hij geen Frans of Engels spreekt en niet kan lezen of schrijven. Ook heeft Hamza een brief bij zich, waarop staat dat hij binnen 28 dagen de Europese Unie moet verlaten.

Maars belt inderdaad de politie. Die verschijnt, werpt een blik op de brief, bevestigt dat de dan 21-jarige Hamza het land moet verlaten en vertrekt weer. Dan besluiten Maars en haar man: we gaan deze jongen helpen om terug te keren naar huis, naar waar hij vandaan komt. Wat volgt is een zoektocht naar waar Hamza ­eigenlijk vandaan komt, een reis naar zijn familie, liefdevolle momenten, sinterklaasgedichten, ruzies, frustraties, misverstanden.

De luxe van een paspoort

“Ik vind het zo moedig dat die jongen zijn hele familie heeft achtergelaten op zoek naar een beter leven”, zegt Maars. “Hij heeft zoveel moed en zoveel doorzettingsvermogen. Alleen al die ramadan. Die heb ik geprobeerd met hem mee te doen. Wat een ramp was dat.” Het is een dag voor de boekpresentatie, ze heeft net nog een half uur met Hamza gebeld om uit te leggen dat ze in de krant komt en wat dat is, een krant, en waarom er in Nederland zo veel kranten zijn. Want Hamza is gaan kijken in de winkel en heeft zich verbaasd over de overdaad. Hij wilde bij het interview zijn, zou komen, maar is er toch niet. Te veel regen, verklaart Maars.

Hamza heeft Maars en haar gezin geleerd hoe bevoorrecht ze zijn, wat een luxe het is om een paspoort te hebben dat overal ter wereld grenzen opent. “Ik heb zo veel geleerd, ook over mezelf.” Toen Hamza net bij hen was, ging Maars voortvarend te werk. Hun gast zou ­Nederlands leren. Hij zou leren lezen en schrijven, in het Nederlands en Arabisch, ze ging met hem rekenen, een kasboek bijhouden, topografie oefenen en boodschappen doen. “Nu zie ik dat dit veel te veel was voor hem”, zegt Maars. “Hamza komt uit zo’n andere wereld. Hij kon niet eens een pen vasthouden. Hij heeft zo’n achterstand wat dat betreft. Dat is bijna onmogelijk om in te halen. Eigenlijk is het onmogelijk.”

Ze heeft geleerd om geduld te hebben met hem, niet aan te dringen. Zijn trots niet te krenken, dingen wat meer op zijn beloop te ­laten. “In het begin zei Hamza vaak tegen mij: ‘jij hebt altijd haast’. Dan stond ik weer ergens te stampvoeten omdat hij niet wilde opschieten. Ons leven is van minuut tot minuut georganiseerd. Toen ik bij zijn familie was, merkte ik dat het ook anders kan. Niemand heeft daar een horloge. Je eet als je honger hebt, leeft in het ritme van de zon.”

Hamza dacht rijk te worden van het boek

Na drie maanden met Hamza mailde ze Van Woerden, of hij misschien geïnteresseerd was in dit verhaal? “Toen wij Hamza opvingen, vroegen veel mensen: ‘Is dat wel veilig’? Dat verbaasde me. Maar mensen vonden het ook heel mooi dat wij dit deden, ze zeiden ook allemaal: ‘wat goed van je’. Dus ik dacht: als mensen nu lezen dat ze niet bang hoeven te zijn, misschien zijn dan wel meer mensen bereid ­iemand op te vangen.”

Van Woerden mocht het gezin volgen, de dagboeken van Maars inzien en alles wat hij verder wenste voor het verhaal. Niet alleen de mooie momenten, ook de vele moeilijke staan in het boek. “In het begin was ik vooral gegrepen door het mysterie van waar deze jongen vandaan komt”, zegt hij. “En ik was gefascineerd door die daad van Annelies. Wie doet zoiets? Ik denk graag dat ik ook het goede zou doen, dat ik iemand een kop koffie zou aanbieden en een slaapplaats. Maar iemand zo in je leven opnemen, dat vond ik wel heel bijzonder.”

Hamza wilde meewerken, al dacht hij wel dat hij rijk zou worden van het boek, verwachtte hij dat er een film over hem gemaakt zou worden. Misschien zou hij wel op YouTube belanden, de website waar hij het liefst op zit. Van Woerden: “Ik heb vanaf het begin geprobeerd duidelijk te maken dat het niet zo werkt. Maar hij kan het niet goed overzien.”

‘De vreemdeling in de tuin’, Ivo van Woerden, Meulenhoff, ISBN 789029092845, 19,95 euro. Beeld Meulenhoff

Het systeem geeft dubbele boodschappen

‘De vreemdeling in de tuin’ heeft verbijsterende slothoofdstukken, waarin duidelijk wordt hoezeer migranten die niet welkom zijn, vast kunnen komen te zitten in het systeem. Hamza wordt in het voorjaar in vreemdelingendetentie vastgezet, krijgt een advocaat die zijn werk halfbakken doet en moet twee weken in een isoleercel doorbrengen. Uiteindelijk worden er afspraken gemaakt over zijn terugkeer en betaalt Maars zijn consulaat voor een nieuw paspoort. Maar die geeft het document tot op de dag van vandaag niet af. Zolang dat niet ­gebeurt, kan Hamza niet terug. Of hij dat wil, verandert bijna met de dag.

Net als de familie Hamza er opnieuw van overtuigd heeft dat teruggaan echt de beste optie is, krijgt hij van de staat 1.280 euro omdat hij onterecht heeft vastgezeten. Dat die beslissing alleen valt omdat de rechter ervan uitgaat dat Hamza vrijwillig terug wil keren én dat hij nu een meldplicht heeft, komt dan al niet meer aan. Hamza droomt van een mobiele telefoon. Maars: “Het is voor hem te complex. Er is wel een tolk aanwezig bij de zittingen, maar die gebruikt woorden die hij in zijn eigen taal ook niet kent. Hij weet niet wat een ‘officier van justitie’ is, en niemand neemt de tijd om hem dat goed uit te leggen.”

Van Woerden: “Ik vond het zo bizar om te zien wat er gebeurde. Het is totaal onduidelijk waar Hamza aan toe is. Ik zeg niet dat het vreemdelingenbeleid harder zou moeten worden, maar nu geeft het systeem allerlei dubbele boodschappen.” In de laatste alinea van het boek schrijft hij: “Het is niet strafbaar dat je er bent, maar we zetten je toch vast, je mag hier niet zijn, maar je mag wel vrij rondlopen, je moet een boete betalen, maar je krijgt ook geld toe. Hamza raakte erin bekneld.”

Beschadigd uit de vreemdelingendetentie

De jonge twintiger komt beschadigd uit de vreemdelingendetentie. Hij is paranoïde, denkt dat iedereen het over hem heeft en op hem let. Het gaat nu weer beter met hem, maar zorgen om hem zijn er altijd. “Hij is een sterke jongen”, zegt Maars. “In die zin ben ik positief over zijn toekomst. Maar ik hou mijn hart vast voor als hij weer in detentie komt. De boosheid die ik toen heb gezien...”

Of de toekomst van Hamza in Nederland ligt of in het land waar hij geboren is, blijft voorlopig onduidelijk. Tot hij in vreemdelingendetentie belandde, werkte Hamza, hij verdiende hij zijn eigen geld in Amsterdam. Maar zijn baantjes raakte hij kwijt en vanwege zijn mentale gesteldheid was het moeilijk iets nieuws te vinden. Op dit moment is hij afhankelijk van Maars. “Dat vreet aan zijn trots”, zegt ze. “Het is een heel trotse man.”

Wel duidelijk is dat de band tussen Hamza en het gezin van Maars onbreekbaar is. Ook als hij teruggaat naar zijn familie, met wie Maars veel contact heeft. “We vinden het leuk om te fantaseren over wat we gaan doen als hij terug gaat”, zegt ze. “Dan zeg ik: we huren een auto en dan laat je mij jouw land zien. Dat lijkt hem prachtig. Als het maar niet te concreet wordt.”

Om hem te beschermen is Hamza niet de echte naam van de vreemdeling in de tuin. Zijn volledige naam is bij de hoofdredactie bekend.

Lees ook:

Waarom neem ik geen vluchteling in huis?

In het Filosofisch Elftal analyseren twee denkers een actuele vraag. Een Duitse politicus laat twee vluchtelingen in zijn eigen huis logeren. Ethicus Paul van Tongeren vraagt zich af waarom hij dat voorbeeld niet volgt.

Vluchtelingen hebben baat bij logeren bij gastgezinnen

Vluchtelingen die in afwachting van een eigen huis logeren bij Nederlanders, integreren sneller dan statushouders die in een asielzoekerscentrum blijven wonen. Ze volgen vaker een opleiding of hebben een baan en hebben het vaakst contact met Nederlanders. 

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden