null Beeld

Het fotoalbum vanPauline Nekeman

De sterke, stoere vader die ik de eerste tien jaar van mijn leven had, is nooit teruggekeerd

Pauline Nekeman (71) zag als kind dat haar vader Ben Nekeman veranderde van een vitale man in een chronisch zieke. Ze vonden andere dingen om samen te blijven doen.

Noor Hellmann

“Mijn vader is de man in het midden, hij zit breed ­geleund tegen de treeplank van de vrachtwagen. Op de deur zijn met krijt datum en plaats geschreven: 11 juli 1943 Berlijn. Hij was toen 33 jaar, een lange, stoere vent in de kracht van zijn leven. Die zelfbewuste houding typeerde hem in zijn jonge jaren.

In 1935 was hij met mijn moeder getrouwd, ze woonden in Den Haag en hadden twee dochters bij het uitbreken van de oorlog. Mijn broers, jongere zusje en ik zijn van na de oorlog. Toen mijn vader in 1942 vreesde te werk te worden gesteld, heeft hij zich met anderen uit de buurt verstopt onder de keukenvloer. De buurman was daarvan op de hoogte: zijn vrouw kwam mijn moeder waarschuwen dat hij van plan was de mannen te verraden. Mijn vader besloot zich toen zo snel mogelijk zelf te melden, in de hoop dat hij in Duitsland een betere positie zou krijgen dan als fabrieksarbeider.

Dat is gelukt: hij is met de trein naar Berlijn gereisd en kon daar zijn beroep als chauffeur blijven uitoefenen. Hij was jong en brutaal en sprak goed Duits, zo wist hij overal aan zijn kostje te komen. Hij stuurde ook weleens lekkere dingen naar huis. Tot het eind van de oorlog heeft hij verschillende chauffeurs­banen gehad. Uiteindelijk is hij in de chaos van het bombardement op Berlijn in februari 1945 gevlucht, voor de Russen uit.

Een verhaal dat vroeger indruk op mij maakte was hoe hij op een dag opeens voor het raam stond. Mijn moeder was zo verbijsterd dat ze niet uit haar stoel kon opstaan. Ze was er eigenlijk al van uitgegaan dat hij niet meer thuis zou komen omdat ze al een half jaar geen levensteken had ontvangen.”

Zijn gezondheid was verwoest

“Eenmaal terug pakte hij hier de draad weer op. Maar begin jaren zestig kwam daar een eind aan toen hij invalide raakte. Ik was tien en weet nog precies het ­moment waarop we beseften dat er iets mis was. Hij stond in huis een muur te schilderen terwijl de dokter er was voor mijn moeder. Mijn vader vroeg of hij even wilde kijken naar zijn handen die sinds kort zo pijnlijk voelden – het bleek het begin van acute reuma. Binnen een half jaar lag hij helemaal verstijfd in een reumakliniek. Ondanks kleine verbeteringen af en toe, was zijn gezondheid vanaf zijn vijftigste verwoest.

Hij kromp, kon bijna niet lopen en had altijd pijn. Een klager was hij niet, maar het werd wel stiller in huis. Het moet zijn gevoel van eigenwaarde een enorme knauw hebben gegeven dat hij niet meer kon werken. Zijn humor werd steeds cynischer, een teken dat hij het geestelijk moeilijk had. Eén keer heb ik hem zien huilen. Ik was geschokt en wist niet wat ik moest doen.

De eerste tien jaar van mijn leven had ik een vader met wie ik fietste, die mij meenam naar musea en mij dingen over Den Haag leerde. Dat was opeens ­allemaal voorbij. Ik miste de beschermende vader tegen wie je aan kon leunen. Eigenlijk ben ik pas achteraf gaan waarderen dat hij altijd thuis was als je uit school kwam.”

Samen deden we een cursus Russisch

“Toen ik later op mezelf woonde belde ik hem een paar keer per week. Onze gesprekken gingen nooit echt de diepte in, dat vind ik nu heel jammer. We hadden wel een sterke band, ik voelde me erg geliefd door hem. Onze karakters leken op elkaar, we hielden van dezelfde dingen. Hij was intelligent, las net als ik graag, en vond het leuk met mij over boeken te praten.

Samen hebben we ook een tv-cursus Russisch gevolgd, het stimuleerde mij Russisch te gaan studeren. We hadden weinig geld want de bijstandsuitkering was zeer laag, maar hij steunde mij. Daar ben ik hem zeer dankbaar voor.

Zelf is hij later zijn memoires gaan schrijven, op aandringen van mijn oudste broer. Hij begon bij zijn vroegste jeugd en eindigde met een soort groet aan zijn kinderen. Hij kon heel leuk schrijven, het leest als een smeuïg verhaal, met name de oorlogstijd.

Over zijn jaren in Duitsland had hij nooit veel verteld, maar hier schetst hij het als één groot avontuur. Het heeft mij verbaasd, gaandeweg kreeg ik er steeds meer twijfels bij. Er zijn vast ook vreselijke dingen gebeurd, maar misschien dacht hij: wat willen ze graag ­horen?

Hij stierf in 1985. Ik vind het fijn dat ik hem op deze manier een beetje kan laten voortleven en ik kijk met emotie naar de foto – naar die stoere, sterke man die ik maar kort heb mee­gemaakt.”

Correctie 21-11-2022: In een eerdere versie van dit verhaal stond dat in 1942 razzia’s werden gehouden in Den Haag voor de Arbeitseinsatz. Dat gebeurde pas twee jaar later. De ‘dwangarbeidersoutfit’ op de foto, waarover in die versie nog werd gesproken, is - afgaande op de petten - van de NSKK, het Nationaal Socialistisch Motor Corps. Nederlandse mannen namen vrijwillig deel, pas tegen het einde van de oorlog werd dwang uitgeoefend.

Wilt u ook geïnterviewd worden naar aanleiding van een bijzondere foto? Mail naar fotoalbum@trouw.nl

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2023 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden