Leefomgeving

De stad blijft een magneet, maar de rust van buiten lonkt

Luchtfoto van Rotterdam-Zuid. Beeld ANP
Luchtfoto van Rotterdam-Zuid.Beeld ANP

De grote stad lijkt ongekend populair, afgaande op de torenhoge huizenprijzen. Maar de nieuwe bewoners komen vooral uit het buitenland. Binnen Nederland zijn er momenteel meer mensen die uit de stad vertrekken dan dat ze ernaartoe trekken.

Wybo Algra

Het klassieke scenario is de stad als roltrap. Je gaat ernaartoe voor je opleiding of om een baan te vinden. Je haalt er je diploma of bul, blijft misschien nog even hangen. Maar als je een vaste partner hebt gevonden en je wilt settelen, doe je dat elders, in een ruimer huis en een rustiger omgeving. Dat klinkt niet ­alleen logisch, het wordt ook ondersteund door de cijfers.

Zeker gezinsuitbreiding is een belangrijke reden om te zoeken naar een groter – betaalbaar – huis, in een minder stedelijke omgeving. Binnen vier jaar na de geboorte van een eerste kind is 27 (Den Haag) tot 40 procent (Amsterdam) van de jonge ouders vertrokken, volgens CBS-cijfers.

“In grote lijnen is dit al decennialang het verhaal”, zegt Dorien Manting, hoogleraar bevolking en ruimte bij de Universiteit van Amsterdam (UvA) en daarnaast werkzaam voor het Planbureau voor de Leefomgeving. Voor die laatste organisatie schreef ze in 2015 mee aan het rapport De stad: magneet, roltrap en spons.

Dorien Manting is hoogleraar bevolking en ruimte bij de Universiteit van Amsterdam (UvA). Ze werkt ook voor het Planbureau voor de Leefomgeving (PBL).

Dat verhaal kent wel nuances. Zo blijken meer met name hoogopgeleide ouders tegenwoordig best graag in de stad te willen blijven: de ‘young urban professional’ ofwel yup, een term uit de jaren tachtig voor geslaagde jonge stedelingen, ontpopte zich gaandeweg tot een ‘young urban parent’. Voor wie wel eens op een zomerse dag in een stadspark komt: dat zijn de frisse papa’s en mama’s met bakfiets en picknickmand.

Alles op fietsafstand

“Er is al jaren discussie of mensen de stad vrijwillig verlaten of dat doen vanwege de dure huizen, of omdat ze de stad onveilig vinden. Maar uit onderzoek van de UvA blijkt wel dat er gezinnen zijn die de stad heel aangenaam vinden”, zegt Manting. “Zij willen graag hun baan, de school en vrijetijdsvoorziening op fietsafstand.”

Daarnaast blijven meer jonge mensen in de stad hangen omdat ze later of niet aan kinderen beginnen, of geen vaste baan krijgen. Ook zij dragen bij aan de gestage groei van de grote steden sinds het midden van de jaren tachtig.

De grote steden zijn nu weliswaar in trek – zie alleen al de exorbitante bedragen die mensen bereid zijn te betalen voor een krappe bovenwoning. Maar op die ogenschijnlijk grote populariteit valt wel wat af te dingen. Nieuwe stadsbewoners komen al jarenlang vooral uit het buitenland: internationale studenten, kenniswerkers, en ook lager opgeleide arbeidsmigranten, al komen die juist vaak ook buiten de stad terecht.

Dronefoto van een nieuwbouwproject in Vathorst, Amersfoort. Beeld ANP
Dronefoto van een nieuwbouwproject in Vathorst, Amersfoort.Beeld ANP

Laat je de verhuizingen van en naar het buitenland buiten beschouwing, dan was in 2018 de trek de stad uit zelfs groter dan naar de stad toe. In dat jaar raakte Amsterdam per saldo 10.000 inwoners kwijt door binnenlandse verhuizingen, Den Haag verloor er bijna 2800. Daartegenover staat een aanwas door buitenlandse migratie van ruim 15.000 inwoners (Amsterdam) en ruim 7100 (Den Haag).

Maar al met al groeien de grote steden fors. Amsterdam telde midden jaren tachtig een kleine 700.000 inwoners, na een pe­riode van fikse krimp. Nu zijn het er ruim 870.000. Utrecht telde in 1995 ruim 235.000 inwoners, nu zo’n 360.000, en ­rekent op meer dan 450.000 in 2040.

Dat is een radicale verandering, die zo’n 35 jaar geleden inzette. Het imago van de grote steden was destijds niet al te best, met een concentratie van grotestadsproblematiek en achterstandswijken die het beeld ­bepaalden. In die jaren trokken veel mensen weg naar ‘groeikernen’ als Zoetermeer, Nieuwegein en Lelystad.

Vergrijzende Vinex-wijken

Sinds halverwege de jaren tachtig veranderde dat gaandeweg. De stadsvernieuwing kwam op gang. “De stedelijke leefomgeving is echt verbeterd”, zegt Manting. “En er kwam meer plek in de stad sinds halverwege de jaren negentig aan de stadsranden Vinex-wijken begonnen te verrijzen.”

En nu is het beeld dus al een hele poos: jongeren komen naar de stad om als dertiger weer te vertrekken. Dat laatste hebben die Vinex-wijken blijkbaar niet helemaal voor­komen. Binnen dat algemene beeld treden wel allerlei fluctuaties op. Het leenstelsel en de kamernood bijvoorbeeld dempten de trek van jongeren naar de stad.

En tijdens de jaren van de financiële crisis (2008-2013) stelden veel dertigers hun vertrek uit de stad uit. Niet zo verwonderlijk omdat de woningmarkt in de loop van die crisis volledig onderuitging. Na de crisis was even de vraag hoe dat verder zou gaan, maar al vrij snel voegden zij zich weer in het oude patroon.

Betaalbaar middensegment ontbreekt

Hoe gaat het verder? Het eerder genoemde rapport van het PBL verscheen in 2015; in de jaren daarna stegen juist ook in de grote steden de huizenprijzen explosief. Het lijkt voor de hand te liggen dat dit vooral gezinnen stimuleert om de stad te verlaten, meer dan ze toch al doen. Het PBL concludeerde eerder al dat een deel van de jonge gezinnen na de crisis vertrok vanwege het ontbreken van een betaalbaar middensegment. Maar harde signalen dat er weer een fundamentele kentering komt in de populariteit van de grote steden, ziet ze niet.

“Misschien gaan mensen een ruimer huis, met die extra werkkamer, meer waarderen door de coronapandemie. Misschien gaan we structureel meer thuiswerken, waardoor mensen zich makkelijker buiten de stad, verder van hun werk, kunnen vestigen. Het is allemaal mogelijk, maar het is te vroeg om daar iets over te zeggen. Vooralsnog zie je weliswaar kleine golfbewegingen van en naar de stad. Maar in de basis is het patroon vrij sterk, en stabiel.”

Lees ook:

Terug naar het dorp, waar de goede buur nog bestaat en er tijd is voor een praatje

Nu hij de drukke, anonieme stad achter zich liet, geniet dertiger Gerrit-Jan KleinJan van de rurale idylle waar hij een jaar geleden naartoe verhuisde. Stilte, aardige buren, open haard. Maar haalt het dorp echt het beste in hem naar boven?

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden