Madeleijn van den Nieuwenhuizen

InterviewMadeleijn van den Nieuwenhuijzen

De media hebben kritische ogen nodig; Madeleijn van den Nieuwenhuizen heeft ze

Madeleijn van den NieuwenhuizenBeeld Martijn Gijsbertsen

Ze opereert onder de naam ‘Zeikschrift’ maar echt zeiken doet Madeleijn van den Nieuwenhuizen eigenlijk nauwelijks. Ze bekritiseert media met de blik en de toon van een wetenschapper en hoopt vooral op dialoog.

 Mediakritische berichten op plaatjesplatform Instagram, afgewisseld met filmpjes van katten en zonnige selfies in New York. Madeleijn van den Nieuwenhuizen (1991) beheert het instagramaccount @Zeikschrift, dat het afgelopen jaar groeide als kool: inmiddels hebben 32.000 mensen het knopje ‘volgen’ aangeklikt.

Op het account bespreekt Van den Nieuwenhuizen misstappen van media, van tijdschrift tot krant en tv-programma, als het gaat om diversiteit en inclusiviteit. Gaat het in FHM over een ‘mannen high tea’ met frikandellen en friet, dan is Van den Nieuwenhuizen de eerste die het blad zal aanspreken op hun hokjesgeest en seksistisch denken. Gaan zogenoemde influencers massaal gesponsord op reis naar Saudi-Arabië om te feesten in de woestijn, werpt Zeikschrift de vraag op of dat net zo erg is als een overheid die zaken doet met het land, dat nou niet bekendstaat als mensenrechtenparadijs. Plaatst Trouw een illustratie met allerlei poppetjes, en is het enige vrouwelijke poppetjes aan het poetsen, schrijft Zeikschrift: ‘Beetje letten op de beeldtaal, Trouw’, met daaronder een verhandeling over wat zo’n illustratie zegt over ons onderbewuste en wanneer we een getekend plaatje zien als ‘mannelijk’ of ‘vrouwelijk’.

Naast mediacriticus is Van den Nieuwenhuizen ook rechtshistoricus en promoveert ze aan de The City University in New York op de geschiedenis van constitutionele rechten en politieke corruptie. Dat merk je, en niet alleen op haar account, waar van jij-bakken nauwelijks sprake is maar waar zeer uitgebreide, genuanceerde teksten bij de foto’s staan. Wie met Van den Nieuwenhuizen praat, treft een gesprekspartner die haar woorden weegt en zorgvuldig kiest. Die gerust een halve minuut nadenkt en rustig een slok koffie neemt voor ze antwoordt. Die automatisch van ‘hij of zij’ spreekt en niet alleen van de standaard Jantje of Pietje, maar ook van Mohammed. Haar betrappen op een verbale uitglijder lijkt haast onmogelijk.

Een gelikt product

“Journalisten zijn ook mensen”, antwoordt Van den Nieuwenhuizen licht verontschuldigend op de vraag wat ze heeft geleerd van drie jaar Zeikschrift, en van gesprekken op redacties die ze het afgelopen jaar had. “Mensen die vooroordelen en blinde vlekken hebben, net als ik. Ik denk dat ik daar meer zicht op heb gekregen. Plus, waar ik het afgelopen jaar veel over heb nagedacht is dat media hele abstracte entiteiten zijn. De kijker krijgt een gelikt product voorgeschoteld, dat helemaal af is, dat suggereert dat de wereld zo is. Toen ik opgroeide in Oldenzaal keek ik elke avond met mijn ouders naar het NOS Journaal. Dat waren de feiten, het idee van objectieve waarheid. Maar de kijker ziet niet de gehaaste gesprekken, de ­gemiste belafspraak, welke keuzes worden gemaakt. Het kan me nu minder schelen of Jantje, Pietje of Mohammed het schrijft, maar in wat voor patroon past het?”

Madeleijn van den Nieuwenhuizen (Oldenzaal, 1991) studeerde geschiedenis en internationale betrekkingen aan University College Utrecht, en deed een master Amerikanistiek aan de Columbia Universiteit in New York. Daar werkte ze vervolgens enkele maanden als juridisch onderzoeker, om in september 2019 te beginnen als PhD-kandidaat in constitutionele rechtsgeschiedenis en politieke corruptie. Van den Nieuwenhuizen beheert het mediakritische account @Zeikschrift en is sinds februari vorig jaar columnist voor modeblad Vogue. Ze woont afwisselend in New York en Amsterdam.

Terwijl ze praat sijpelt de Amerikadeskundige en historica er af en toe doorheen. “Wat politieke geschiedenis verenigt met mijn instagramaccount is de ontwikkeling van het narratief. Hoe wordt voor welk narratief gekozen? Welke beelden laat je zien en welke mensen citeer je wel en niet?” Afgelopen zomer lanceerde Van den Nieuwenhuizen een petitie om een standbeeld te plaatsen van Corry Tendeloo. De PvdA-politica zorgde er midden jaren vijftig voor dat de Tweede Kamer twee historische besluiten nam: getrouwde vrouwen waren niet langer handelingsonbekwaam en de overheid ontsloeg vrouwen ook niet meer zodra ze in het huwelijk traden. Inmiddels staan er ruim 13.000 handtekeningen onder de petitie. In maart wil Van den Nieuwenhuizen hem aanbieden aan de Tweede Kamer of de gemeente Den Haag: “Dat Tendeloo in geen enkel schoolgeschiedenisboek staat, hangt samen met een algemene afwezigheid van vrouwen, die niet op dezelfde manier serieus zijn genomen als mannen, of misschien ­bewust zijn weggelaten. Terwijl Tendeloo een cruciale bijdrage heeft geleverd aan gelijkheid in Nederland. Dat is noch mediakritiek noch een proefschrift over politieke corruptie, maar in mijn hoofd gaat het toch een beetje over ­hetzelfde. Welke stemmen laten we ­gehoord worden?”

Madeleijn van den Nieuwenhuizen. "Je kunt niet naar de Raad voor de Journalistiek als je het vervelend vindt dat de Grazia de hele tijd een dieetcultuur aanprijst"Beeld Martijn Gijsbertsen

Kritischer publiek

Zeikschrift bestaat nu iets meer dan drie jaar. Na de eerste twee jaar opereren in de marge, groeide het account vorig jaar explosief, toen Van den Nieuwenhuizen opiniestukken publiceerde in Het Parool en de NRC. Inmiddels heeft ze een column in modemagazine Vogue, spreekt ze bij debatavonden en wordt ze gevraagd als expert voor radio en tv. Meestal als mediacriticus, soms ook als Amerikadeskundige. 

“Ik begon het account omdat de bladenindustrie geen mechanisme of platform van verantwoording had. Ongetwijfeld binnen redacties, maar naar buiten toe niet. Je kunt niet naar de Raad voor de Journalistiek als je het vervelend vindt dat de Grazia de hele tijd een dieetcultuur aanprijst. Je kunt een boze tweet uitsturen, of een brief naar de redactie, maar dat is het wel.” 

Dat het account zo groeide en dat er zo actief wordt meegepraat in de commentaarsectie, past volgens Van den Nieuwenhuizen bij de tijdgeest. “Ik denk dat we kritischer zijn geworden op dingen die we lang voor lief hebben genomen, het meest ­illustratieve voorbeeld daarvan is Zwarte Piet. We vinden het ook niet meer oké als 90 van de 96 afgebeelde mensen in een modeblad lelieblank zijn. En hé, we vinden het niet meer oké als er alleen zwarte mensen aan tafel zitten bij De Wereld Draait Door als het over jazz gaat. Dankzij sociale media kan iedereen zich nu uitspreken. Niet iedereen zal even goed worden gehoord, maar er is toch sprake van een democratisering van de megafoon.”

Al met al zitten er wel een paar uur in een instagrambericht. Niet alleen het maken en becommentariëren van een mediafenomeen, maar ook de commentaarsectie modereren. Die sectie is, ­tegen alle trends in, vaker wel dan niet een toonbeeld van fatsoen en beleefde, onderbouwde discussie. Preekt ze vooral voor eigen parochie? “Natuurlijk volgen mensen mij die het in grote lijnen interessant vinden wat ik doe. Maar er zijn ook veel discussies tussen mensen die het niet met mij of met elkaar eens zijn. Die zijn altijd heel erg onderbouwd, maf eigenlijk hè?”

“Ik zeg ook niet dat ik helemaal weet hoe het wel moet. Als 11,3 procent van de Nederlandse bevolking een niet-westerse migratieachtergrond heeft, betekent dat dan dat 11,3 procent van de afgebeelde mensen in bladen en kranten ook een niet-westerse achtergrond moet hebben? Ik weet niet wat de maatstaf hoort te zijn, maar ik weet wel dat het gek is als de Margriet 123 witte mensen heeft afgebeeld en drie mensen van kleur. Dan vraag ik: wat denken jullie?”

Moet een journalist zich schamen als hij of zij een plekje op Zeikschrift krijgt? Gedecideerd: “Nee. Ik ben niet op zoek naar vernedering of schaamte. Ik weet ook dat de wereld niet vergaat als er een grapje wordt gemaakt over mannen of vrouwen. Maar ik ben bijvoorbeeld wel op zoek naar de grenzen van humor.”

Dit bericht bekijken op Instagram

Een foto die is geplaatst door null (@zeikschrift) op

Pittige discussie

De gegroeide bekendheid betekent dat meer journalisten Zeikschrift nu volgen. Die laten soms publiekelijk van zich horen: moderedacteur Cécile Narinx erkende dat ze fout zat in een stuk over gespierde vrouwelijke atleten in avondjurken. Quote-hoofdredacteur Sander Schimmelpenninck schuwde de confrontatie niet. Een opmerking over een volgens Van den Nieuwenhuizen fout bijschrift onder een foto van kunstenaar Pablo Lucker en zijn vriendin mondde uit in een pittige discussie tussen Van den Nieuwenhuizen en Schimmelpenninck over identiteitspolitiek, slachtofferschap en racisme. Ook al ging het om een redactionele fout – de foto was verkeerd uitgesneden – en stak Quote de hand in eigen boezem.

Meestal melden journalisten zich in privéberichten, met een mea culpa, een vraag om advies of een tegenargument. “Dat journalisten zo actief meekijken en meepraten, geeft wel een ander ­gewicht aan wat ik plaats.” De teksten zijn vaak erg genuanceerd. “Als je mijn teksten vergelijkt met harde statements in de media, dan lijkt het misschien heel erg genuanceerd en relativerend allemaal. Maar ik vind Zeikschrift geen behaagziek account, ik denk dat kritiek en vriendelijkheid prima samen kunnen.”

Katten en selfies

In de stories van haar account – een foto- of videoverslagje dat na 24 uur weer verdwijnt – is van mediakritiek nauwelijks sprake. Daar zien we Van den Nieuwenhuizen tussen de wolkenkrabbers van New York, grappige kattenplaatjes en eindeloos veel kopjes koffie waarin geroerd wordt. Af en toe een vraag in ­relatie tot haar proefschrift, of een selfie uit een esthetisch bijzonder toilet.

“Ik kies natuurlijk zelf wat ik laat zien, maar ik vind het fijn om te laten zien dat ik ook iemand ben die lacht om katten, die het leuk vindt om bloemen te filmen, die in haar koffie roert, die ­ijdele selfies maakt. Dan snappen mensen ook dat je geen kritiek levert vanuit een belerende positie of de hele dag zuur zit te mokken, maar dat je dingen een beetje probeert te onderzoeken.” Van den Nieuwenhuizen ziet dat deel van Zeikschrift als een tegenhanger van de mediawereld. “Bij een tijdschrift weet je nooit wie er achter zit, dat is heel abstract, zo maak ik het wat menselijker. Ik hoop dat media reflectiever worden naar buiten toe. Dat ze op een plekje in het tijdschrift of in de krant een paar dagen later bespreken hoe ze een bepaald onderwerp benaderd hebben, of terugkijken hoe ze de afgelopen dertig jaar zijn veranderd in het schrijven over een bepaald onderwerp.”

Hoe lang Zeikschrift nog moet bestaan? “Zolang er media en journalistiek is, heb je kritische en reflectieve ogen nodig. Maar hoe lang ik dat ga doen, weet ik niet. Voorlopig nog wel.”

Lees ook:

Stappenplan tegen eenzijdige blik media

Mooie beloftes en ‘allochtonenpotjes’ ten spijt, wil het maar niet lukken met de culturele diversiteit in de journalistiek. In ‘Heb je nog een boze moslim voor mij?’ bestuderen onderzoeksjournalist Zoë Papaikonomou en organisatieantropoloog Annebregt Dijkman hoe het wel moet.

Ombudsman Adri Vermaat neemt afscheid: Journalistieke ­inschattingsfouten niet zijn te voorkomen

Na vier jaar stopte Adri Vermaat in 2019 met de functie van ombudsman. Hij gaat met pensioen. In zijn laatste bijdrage kijkt hij terug en bespreekt hij de relatie van de lezers met hun krant.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden