Beeld Trouw

Klein Verslag Wim Boevink

De hele twintigste eeuw trok aan deze boom voorbij

Het zijn dagen van het mooiste zomerweer. Een hemel met wat wolken ertegen, een graad of twintig op de thermometer, een zuiver briesje met iets noordelijks erin en zonlicht om je aan te warmen.

Het park in de stad is groen en schaduwrijk onder hoge bomen en er is een fontein in de waterpartij. Op de gazons zitten jonge mensen, ze zonnen. Een man fluit zijn hond terug.

De grote rode beuk. Beeld Trouw

Er zijn zoveel ontwrichte plaatsen op de wereld. Het is daar verzengend heet of er heerst een ijzige koude, of er is verwoesting rondom van de een of andere oorlog die niemand wil maar ook niemand kan beëindigen, of honger en armoe hebben de streek in hun greep.

Maar dat alles is niet hier.

Hier is alles gematigd; het klimaat, de politiek, de meningen. Het geluk is een gegeven, ook al ziet men het niet. De welvaart is enorm. De terrassen zijn al in de ochtend gevuld. Serveersters brengen koffie in hoge glazen en taart.

Twee vrouwen, dertigers schat ik, praten op luide toon over hun aanstaande vakanties en hun keuze om dit jaar niet te vliegen. Zo rijk zijn we. We kunnen kiezen om niet te vliegen.

Bij het park is een rosarium. Ik weet niet wie het onderhoudt. Het is ingericht met paden, bogen, pergola’s en witte banken. In de perken steken bordjes met namen van rozengeslachten: Colette, Esperanza, Austriana.

Park, rosarium, statige lanen geflankeerd door voorname huizen, versierd met erkers, balkons en torens, in dit deel van de stad zijn de schapen op het droge. En dan valt hij op, daar op die ruime rotonde, de grote rode beuk met dat lelijke hek eromheen. Een grof hek met spijlen in betonnen voeten.

De boom is bijna kaal. Aan de uiteinden van zijn takken groeien nog kleine, rode blaadjes, niet meer dan stippen. Zijn grijs-groene stam oogt breed en sterk, geboetseerd bijna. Zijn gespierde takken als stilgezet in een volmaakte derwisj-dans.

Hij is stervende.

Hij is 170 jaar oud, maar al geruime tijd ziek, intensieve behandelingen ten spijt. Zwammen verzwakken de stam, die moeite heeft zijn zware takken vast te houden. Onderzoek wees uit dat hij lijdt aan phytophtora pleurivora. Volgens de gemeente is de boom ‘uitbehandeld’.

Het hekwerk beschermt een sterfbed. Op bordjes tegen het hek staat te lezen: ‘Gevaarlijk! Kans op vallend hout.’

Het hek maakt hem nog deerniswekkender. Nog zieker. Onder hem is het gele gras nog gemaaid, in cirkels. Ik zie er geen hout liggen.

Rozen. Beeld Trouw

Hij is geliefd, de boom. De hele twintigste eeuw trok aan hem voorbij.

Eind 2016, toen de ziekte zich al had geopenbaard verscheen zelfs een boek over hem: ‘Beukenbloed’. Een boek met foto’s en herinneringen. Een tekenaar liet noteren:

‘De melancholie van de boom ontroert mij en doet mij denken aan de beeltenis van een Maestà, waarbij de stam Maria met Christuskind representeert en de watervalachtige hangende takken mij doen denken aan engelen en heiligen die haar omgeven.’

Of hij waardig aan zijn einde komt is ongewis. De blaadjes zijn laatste resten van leven. Misschien moet de zaag hem verlossen. En dan is ook hier, in de statige parkbuurt, een beetje ontwrichting binnengeslopen. 

Met het oog van een antropoloog en de pen van een dichter doet Wim Boevink dagelijks verslag over de grote en kleine wereld om hem heen.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden