Voorpublicatie

De dood heeft niets van zijn frisheid verloren

Beeld Trouw

Aan de hand van het alfabet voert Bert Keizer ons in zijn nieuwe bundel ‘Reis om de dood’ naar het graf. Hierbij vast een kleine greep uit zijn letterkast.

Wie ‘de dood’ wil definiëren, zal daar nog een hele klus aan hebben. Want ‘de dood’ kan die van Socrates zijn, of die van uw moeder, of die van mijn hond, of van de buxusheg, of een pneumococ. Maar iemand kan ook zeggen dat hij niet bang is voor ‘de dood’. Je kunt eruitzien als ‘de dood’. Sommigen smeken om ‘de dood’. Anderen gaan op de vlucht voor ‘de dood’. Kogels verspreiden ‘de dood’. Jezus stond op uit ‘de dood’. Hopeloos zieken worden prijsgegeven aan ‘de dood’. Maar ook sterrenstelsels, tuinen, kerken, neanderthalers, embryo’s en boeken sterven.

Hoewel er al vele duizenden jaren gestorven wordt heeft de dood, in de woorden van Emil Ciorian, ‘niets van zijn frisheid verloren’. Laat ons niet in verbijsterde ontzetting boven het graf hangen, al is dat wel de positie waarin wij ons bevinden. Laten we er op onderhoudende wijze omheen reizen. Zij het in steeds kleiner wordende cirkels. 

Denken over de dood

Denken is dansen met je verstand. Op de melodie van de wereld. Daarom is denken over de dood zo moeilijk. Omdat het orkest dan zwijgt.

Dodenlijstje

Ik weet niet hoe oud ik toen was, maar ik herinner me wel dat ik vroeger vaak lijstjes maakte van mensen die ik had gekend die dood waren. Het begon altijd met ome Teus en moeder Van Wandelen, buren uit onze straat. Daar kwam al gauw mijn eigen moeder bij. Nu is er geen beginnen meer aan. Bovendien komt er een nieuwe lijst bij van ‘vermisten’, mensen die ik heb gekend maar van wie ik niet weet of ze nog leven. Ik heb een paar jaar in Engeland gewoond en hoorde laatst van drie mensen dat ze gestorven waren terwijl ze niet eens op mijn lijst van vermisten stonden. Roger Marks verdronken. Mike Tomlinson leukemie. Robert Lee hartinfarct. Het idiote is dat ik bij alle drie probeerde na te gaan of dat een beetje ‘klopte’ met hun karakter.

Droomdood

Koffiepauze in het verpleeg­huis. We hebben het over hoe je ’t liefste dood wil gaan. Lies: ‘Tijdens de zaterdagmiddagboodschappen, op mijn tachtigste, hè? Ik voel me niet zo lekker, denk ik, en dan ga ik even zitten.’ ‘Ja, en dan?’ ‘Ja, dat is het dan. ’

Doodswens, gore variant

Het akeligste wat ik in Londen meemaakte toen mijn eerste boek in Engeland uitkwam, was het gesprek met meneer X., een beroemde wetenschapper en columnist. Zijn vrouw was dodelijk ziek. Hij zocht mij op om te praten over haar dood. Hij dacht dat ik wel iets zou kunnen regelen. ‘Want ziet u, ik wil dat ze gauw sterft, het is hopeloos. Was ze maar dood, dan kon ik aan het verwerken beginnen.’ Ik had nog nooit naar zoiets hoeven luisteren. Hij wilde over het hele stervensproces heen springen om zijn leven zo gauw mogelijk weer op te kunnen pakken. Hij sprak lyrisch over zijn joggen in Regent’s Park.

Emil Cioran (Roemeens-Franse filosoof)

‘De dood is een beloning voor al diegenen die het tot niets hebben gebracht, tot niets wilden brengen… Hij stelt hun in het gelijk, hij is hun triomf. Maar voor de anderen, voor al diegenen die zich hebben uitgesloofd om te slagen in dit leven en die dat ook bereikt hebben – wat een klap in hun gezicht!’

Eenmalig

Meisje met een echte levende uil bij DWDD. De uil kijkt geboeid om zich heen. Mathijs: ‘Kan ie echt zijn hoofd helemaal in de rondte draaien?’ Meisje: ‘Ja, maar dat kan ie maar één keer. ’

Eeuwigheid

Dominee Nanne H. over de eeuwigheid: ‘De eerste vijfhonderd jaar ga ik vissen. Maar dan?’

Facelift

Onder elk gelaat zit een schedel. En een facelift, hoewel de andere kant op bedoeld, werkt vaak als een vervelende pijl richting graf. Hoe vaker je gelift wordt, hoe duidelijker de schedel opdoemt onder de huid.

Haalbaar

Meneer D., midden vijftig, praat over de dood. ‘Als ik me redelijk voel, of goed voel zelfs, het gebeurt wel eens, dan lijkt ook de dood volstrekt haalbaar. Hoort er nou eenmaal bij, alsof het om een regenachtige dag gaat in de zomer, waarop je je gewoon een keer binnenshuis moet zien te vermaken. ’

Bert Keizer, Reis om de dood, Prometheus; 208 blz, € 19,99. Verschijnt 18 september.

Bert Keizer (1947) is columnist van Trouw, arts bij het Expertisecentrum Euthanasie, filosoof en auteur van diverse boeken. 

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden