WroetenJeroen van Bergeijk

Alle zooi die ik op straat vind, kan ik gelukkig prima kwijt in de volkstuin

Altijd wanneer ik grofvuil aan de straat zie staan, kijk ik of er iets bruikbaars tussen zit. En ik bedoel: altijd. Ik kan geen bouwafvalcontainer voorbij lopen zonder er een blik in te werpen. Die scheve schemerlamp moet geïnspecteerd ­worden. En dat leuke houten ­bijzettafeltje kan ik toch niet ­laten staan! 

Wanneer ik zo in de vuilnis sta te graaien zie ik de voorbijgangers denken: Jemig, wat een sloeber… Zielig hoor, die heeft vast geen geld voor Ikea… Hmm, die man ziet er nog best oké uit voor een zwerver. Maar ook al staat het schaamrood op mijn kaken, ik kan niet anders. Het onstilbare verlangen gratis iets bruikbaars te vinden, wint het van welke gêne­­ dan ook.

Met de jaren heb ik overigens wel ­geleerd mezelf te bedwingen. Want – verrassing! – de meeste spullen blijken toch niet voor niks te worden weggegooid. Heb je een fraaie designstoel op de kop getikt, blijkt thuis dat ie toch wel heel wankel op zijn gammele pootjes staat.

Ik wil juist minder spullen

Een groter probleem is dat ik al die troep helemaal niet nodig heb. Ik wil juist minder spullen! En daarbij: ik woon op tweehoog en dan sleep je toch wat minder makkelijk van alles naar boven.

Maar gelukkig is er mijn volkstuin.

Daar kan ik al die van de straat geplukte zooi prima in kwijt. Daar hoeft het allemaal niet perfect te zijn of in het interieur te ­passen. Sterker, om mijn recycle-verslaving te kanaliseren heb ik mezelf de regel opgelegd dat ik behalve plantjes en gereedschap niks nieuws voor de tuin mag kopen. Dat werkt prima. 

Zo timmerde ik de afgelopen jaren een eettafel van vloerplanken die uit een negentiende-eeuws pand waren gesloopt. Een stapel pallets werd een buitenkeuken. Van lege wijnflessen die ik uit de vuilnisbak van het café om de hoek haalde, construeerde ik een afrastering. 

De lockdown dit voorjaar bleek een zeer vruchtbare periode. Veel winkeliers grepen de verplichte sluiting aan om te verbouwen en zodoende haalde ik uit een container die voor een outdoorswinkel stond een berg sierstenen en rotsen die sindsdien mijn borders verfraaien.

De sprokkelwoede heeft ook een keerzijde

Uiteraard heeft die sprokkelwoede ook een keerzijde. Een jaar of wat geleden besloot ik een wat ambitieuzer project aan te pakken. Op Pinterest had ik plaatjes gezien van tuinkassen, gemaakt van oude ramen en deuren. Dat wilde ik ook. In een half jaar ­verzamelde ik schuiframen, kelderraampjes en balkondeuren met antieke espagnoletten. Zelfs een glas-in-loodvenster ontbrak niet in mijn collectie. Ik sleepte alles naar de tuin.

En daar staat het nu al weer drie twee jaar. Naast dat hardhouten tafelblad waar ik ooit iets mee ga doen, alleen weet ik nog niet wat. En het spijlenbed dat ik ga gebruiken om de klimplant langs te leiden. En het gietijzeren tuinbankje dat ik wil opknappen. Maar deze winter gaat die tuinkas er komen. Echt.

Jeroen van Bergeijk is journalist en heeft een volkstuin. Lees zijn stukken hier.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden