Uw profiel is aangemaakt

U heeft een e-mail ontvangen met een activatielink. Vergeet niet binnen 24 uur uw profiel te activeren. Veel leesplezier!

Zo bescheiden als Rinus Raaijmakers (1953-2018) was, zo groots was hij op het podium

Home

Dana Ploeger

© Arianne Knegt
NASCHRIFT

Contrabassist Rinus Raaijmakers vlijde met zijn muziek een zacht tapijtje neer voor de andere muzikanten, zodat zij konden floreren. Dat was Rinus ten voeten uit, niet confronteren of opzwepen, maar ondersteunen en voor harmonie zorgen.

 De introverte bassist trad niet graag op de voorgrond, maar was wel aanwezig. Van Rinus kon je op aan, als muzikant en als mens. Zijn vaste antwoord op een verzoek was: “Ja, we gaan het doen”. Dat hij door die meegaandheid vaak over zich heen liet lopen, wist hij best, maar hij maakte er geen punt van. Als hem wel iets dwarszat, dan schreef hij diegene een ouderwetse brief. Want Rinus was niet alleen als muzikant een romanticus.

Lees verder na de advertentie

Rinus werd op 10 november 1953 geboren in een Eindhovens arbeidersgezin waar veel werd gezongen, vooral onder de afwas. Hij was nummer vier in de rij van vijf kinderen van postbode Wim Raaijmakers en Marietje Kanters, maar was altijd de benjamin. Rinus had als baby kinkhoest gehad en was zo ziek geweest dat hij daarna nooit iets verkeerds kon doen. “Ons Rinus doet dat niet”, riep zijn moeder als in het gezin kattenkwaad werd uitgehaald.

Lesgeven deed Rinus graag. Je deed het niet snel fout bij hem, altijd zocht hij naar het positieve

Rinus ontdekte zijn muzikale gevoel tijdens de wekelijkse gitaarlessen van zijn vriendje Frico. Hij keek alle lessen mee en leerde zo zichzelf gitaar spelen. Eenmaal op de mulo begonnen ze samen een band, maar Rinus’ ouders zagen een toekomst in de muziek niet zitten. Hij moest eerst maar een vak leren. Het werd de meao, die hij braaf afmaakte. Daarna volgde militaire dienst, die hij probeerde te ontlopen vanwege zijn astma en hooikoorts, maar dat plan mislukte. Het leger beviel hem niet: hij was klein van stuk, gevoelig van geest en kon amper de andere jongens bijhouden. Na een zoveelste oefening op de hei deserteerde Rinus en hield zich schuil bij zijn broer.

© Arianne Knegt

Avonturen

De militaire politie verscheen aan de deur van zijn ouders, maar zijn moeder riep boos: “Ik dacht dat jullie voor hem zouden zorgen!” Na een week meldde Rinus zich bij zijn commandant en als straf werd hij overgeplaatst naar de Oirschotse militaire kapel. De perfecte straf. Hier ontvlamde zijn liefde voor muziek pas goed en na die periode vertrok hij naar het conservatorium in Tilburg.

Hij studeerde aanvankelijk klassiek gitaar, maar stapte na drie jaar - vlak voor het examen - over naar het minder klassieke Rotterdamse conservatorium en studeerde als een van de eerste contrabassisten af in jazz en lichte muziek.

In zijn vrijetijd trok hij er graag op uit: varen met de tjalk van een goede vriend en dan onderweg in kroegen geld ophalen met muziek maken. Hij hield van dat soort avonturen op de bonnefooi. Dwarsfluitiste Betsy Aardema ging vaak mee, ze kenden elkaar uit het Tilburgse conservatoriumhuis, waar ze boven elkaar woonden. Rinus was de stille, Betsy de actieve. Hij de vermijdende, zij de dwarse denker. Hij vond het fantastisch dat Betsy altijd zoveel creatieve ideeën had. Hij volgde haar graag en ze deelden hun eindeloze liefde voor muziek.

De funkband Hot House, waar Rinus begin jaren tachtig basgitarist was, stond op het punt van doorbreken, toen Betsy zwanger bleek, een diepe wens van beiden. Dat was voor Rinus een lastig moment, want hij moest kiezen: het gezin of de band. Omdat Hot House nog te weinig geld opleverde, koos hij voor lesgeven aan de muziekschool in Eindhoven. Een half jaar na de geboorte van dochter Gaby trouwden ze. Zij in het zwart, hij in een lichtgrijze wollen trui. Hun ringen waren knelkoppelingen.

Toen Rinus na 22 jaar door Van Maasakkers werd ontslagen, raakte hem dat tot in al zijn vezels

Lesgeven deed Rinus graag. Je deed het niet snel fout bij hem, altijd zocht hij naar het positieve. Hij was oeverloos geduldig en zou 33 jaar lesgeven en aanstormende bandjes coachen. Naast de lessen waren er ettelijke optredens, zoals met harpiste Jopie Jonkers, met wie hij jarenlang optrad en enkele cd’s maakte. Rinus’ veelzijdigheid - pop, jazz, funk, Latijns-Amerikaans en chansons - zorgde ervoor dat hij een veelgevraagd artiest werd. Zowel als componist, basgitarist en contrabassist. Via Jopie kwam hij begin jaren negentig in contact met de Brabantse zanger Gerard van Maasakkers en werd al snel een van ‘De Vaste Mannen’. Deze vier muzikale begeleiders raakten volledig op elkaar ingespeeld en haalden het beste in elkaar naar boven. Rinus schreef veel muziek voor Gerard, zoals de bekende juweeltjes ‘Oktober’ en ‘D’n Boom’. Dat laatste lied was Rinus’ lievelingsnummer.

‘Hier is ‘t water en daor dien boom
Hier is d’n trap vur ‘t uitzicht naar later
Hier is de schaduw en daor ‘t licht
En dit blijft altijd ‘n prachtig gezicht’

Rinus was veertig toen Betsy en hij een nieuw plan bedachten. Ze verhuisden naar België waar ze in een groot, oud huis een muziekschool zouden beginnen. Hij wilde iets ondernemen, iets zelf neerzetten. Het werden tropenjaren van keihard werken en veel verbouwen. Helaas flopte de muziekschool: de stookkosten van het tochtige huis waren te hoog en de inkomsten te weinig.

Nieuwsgierigheid

Wel genoot hij intens van zijn dochter, ze waren van kleins af aan de beste maatjes en trokken veel samen erop uit. Toen Rinus na 22 jaar door Van Maasakkers werd ontslagen, raakte hem dat tot in al zijn vezels. Wat was die term ‘vaste man’ dan waard, dacht hij. Het voelde als een amputatie. Hij liet zich er niet over uit, maar je kon het wel zien. In dit soort spannende tijden speelde zijn tic op, dan knikte hij vaker met zijn hoofd. Het duurde jaren tot Rinus en Gerard weer met elkaar spraken. Met de andere mannen trad hij nog wel op, bijvoorbeeld als De Vaste Kerstmannen.

Het was zijn nieuwsgierigheid die Rinus weer de goede kant op dreef. Hij ging spelen bij de akoestische feestband ‘De Nijlpaarden’. Rinus genoot na al die jaren van serieuze en melancholieke muziek van deze lichtvoetige, vrolijke optredens, waar hij ook veel zong. De wat oudere bandleden konden goed met hem overweg. Want zoals het wel vaker ging bij Rinus: ‘What’s not to like?’ Hij was positief, loyaal, vriendelijk en toegewijd. Hij werd nooit boos. Nu ja, die ene keer dan in 1980, toen zijn gloednieuwe Fender-gitaar werd gestolen bij een optreden. Toen was hij woest.

In dit soort spannende tijden speelde zijn tic op, dan knikte hij vaker met zijn hoofd

Betsy had intussen het plan opgevat om bij de Drents-Duitse grens, waar haar familie woont, een boerderij te kopen voor na hun pensioen. Maar opnieuw een huis dat compleet verbouwd moest worden, trok Rinus niet. In 2015 kreeg hij in het geheim een relatie met Rieky Lenders, een vaste fan. Ruim een jaar later koos Rinus voor Rieky. Hij trok bij haar in en hervond rust in het alledaagse leven dat zij leefde als postbezorgster: samen koken, naar het theater, een reisje naar Tenerife.

Hij was weer gelukkig, vertelde hij zijn vrienden en familie. September vorig jaar kreeg Rinus last van maagklachten en de diagnose maagkanker volgde. Hij schreef al zijn vrienden en familie verschillende e-mails met de titel: ‘Hoe is het nu met Rinus’. Hij vond dat hij een mooi muzikaal leven had gehad, daar was hij dankbaar voor. Na enkele zware behandelingen leek het erop dat hij herstelde, maar begin dit jaar zaten overal uitzaaiingen. Ze planden voor 3 juni een muzikale middag in hun tuin met alle muzikanten die in Rinus’ hart zaten, als Jopie Jonkers, De Nijlpaarden, De Vaste Mannen, onder wie zijn vriend Bart de Win en ook Gerard van Maasakkers beloofde te komen. De vrijdag ervoor werd iedereen afgebeld. Rinus had ongelooflijk veel pijn en vertrok diezelfde middag naar het ziekenhuis, waar hij drie dagen later overleed.

Rinus Raaijmakers werd geboren op 10 november 1953 in Eindhoven. Hij overleed op 4 juni 2018 in Eindhoven.

In Naschrift beschrijft Trouw het leven van onlangs overleden bekende en minder bekende mensen. Een tip voor Naschrift? Mail naar naschrift@trouw.nl .Of per post naar Trouw/Naschrift, postbus 859, 1000 AW Amsterdam.

Meer Naschriften vindt u hier. 

Deel dit artikel

Lesgeven deed Rinus graag. Je deed het niet snel fout bij hem, altijd zocht hij naar het positieve

Toen Rinus na 22 jaar door Van Maasakkers werd ontslagen, raakte hem dat tot in al zijn vezels

In dit soort spannende tijden speelde zijn tic op, dan knikte hij vaker met zijn hoofd