Uw profiel is aangemaakt

U heeft een e-mail ontvangen met een activatielink. Vergeet niet binnen 24 uur uw profiel te activeren. Veel leesplezier!

Zinloos, wreed en lucratief

Home

Huub van Baar

De Amerikanen zijn inmiddels een kwart eeuw bezig met hun War on Drugs. Die oorlog heeft weinig opgeleverd, afgezien van een enorm aantal gedetineerden in steeds beter renderende gevangenissen. Maar van kritiek op die oorlog willen de Verenigde Staten nauwelijks horen. Een gesprek met Ethan Nadelmann, die niet begrijpt waarom Nederland zijn drugsbeleid niet aanprijst.

Onder president Nixon begonnen de Verenigde Staten 25 jaar geleden de War on Drugs. Harde maatregelen zoals de opsluiting van honderdduizenden drugsverslaafden en de uitvaardiging van strenge drugswetten, moesten drugshandel en drugsgebruik spectaculair terugdringen. Zero tolerance was het credo: bestrijd de zware criminaliteit door de kleine keihard te bestrijden.

Statistieken van de laatste jaren maken duidelijk dat dit drugsbeleid heeft gefaald en zelfs contraproductief heeft gewerkt. Ethan Nadelmann, directeur van de in New York gevestigde Drug Policy Alliance, de belangrijkste Amerikaanse organisatie die zich inzet voor een humaner drugsbeleid, meent dat het groeiende verzet tegen de drugsoorlog zijn eerste vruchten begint af te werpen, ondanks de nog altijd zeer felle tegenstand die hij en zijn medestanders ondervinden.

In zijn kantoor aan 9th Avenue wijst Nadelmann op een portret van zijn vader. ,,Hij was rabbi hier in New York. De motivatie om me tegen de drugsoorlog te verzetten komt deels van hem. Bij ons thuis bestond de overtuiging dat je niet leefde om zoveel mogelijk geld te verdienen, maar om je in te zetten voor sociale rechtvaardigheid. Wie het Amerikaanse drugsbeleid kent, beseft dat de onrechtvaardigheid zo groot en diepgaand is, dat je niet anders kunt dan je verzetten tegen zo'n fundamentele, wrede en stupide discriminatie van medeburgers. Kijk naar wat het Hooggerechtshof in maart heeft besloten. Als je een neef op bezoek krijgt die een joint bij je rookt, dan kun je, omdat je familie van hem bent, uit je huis worden gezet.''

Het Amerikaanse drugsbeleid omvat meer van zulke controversiële wetten. In de VS is er geen verschil tussen een verslaafde en een drugsdealer. Beiden zijn volgens de wet criminelen en worden in groten getale opgepakt en opgesloten, vaak voor lange tijd. Het aantal gedetineerden dat vastzit vanwege drugsgebruik of -handel is in de periode 1984-2001 met ruim 500 procent gestegen. Twee miljoen Amerikanen zitten gevangen, waarvan ruim de helft vanwege drugsdelicten. Dat is meer dan in de EU voor álle strafzaken tesamen, hoewel de EU meer inwoners telt.

Bovendien is er sprake van discriminatie: van de gevangenen in de VS is 63 procent van Afro- of Latijns-Amerikaanse afkomst, terwijl zij maar 25 procent van de bevolking vormen. Deze scheefgroei blijkt ook uit het arrestatiebeleid: van alle drugsgebruikers is 17 procent zwart en 83 procent blank, maar bij de arrestanten is de verdeling 38 om 62 procent.

Het meest omstreden zijn de zogenaamde forfeiture laws: de politie kan je hele bezit in beslag nemen wanneer de verdenking op je valt, ook zonder aanwijsbare redenen. In deze wetgeving is de bewijslast omgekeerd: niet justitie moet aantonen dat jij schuldig bent, maar jij moet, nadat je bezit in beslag is genomen, bewijzen dat je onschuldig bent.

In Detroit viel de politie een supermarkt binnen, maar drugs vond men niet. Maar toen de speurhonden reageerden op minimale drugssporen op drie dollarbiljetten uit de kas, confisqueerde de politie de totale dagopbrengst. De Pittsburgh Press meldde naar aanleiding van deze zaak dat op 92 procent van alle bankbiljetten drugssporen zitten.

Steeds meer mensen zien, volgens Nadelmann, in dat het drugsbeleid de verkeerde mensen treft. ,,We peilen voortdurend de publieke opinie. Op drie punten vindt een significante verschuiving plaats. In toenemende mate blijken Amerikaanse burgers zich uit te spreken voor het verstrekken van marihuana voor medische doeleinden, voor de hervorming van de 'forfeiture laws' en voor een beleid dat zich richt op het behandelen in plaats van opsluiten van drugsverslaafden.''

,,Via referenda heeft deze mentaliteitsverandering in een aantal staten geleid tot wetswijzigingen. Daarnaast zijn er programma's opgezet voor de verstrekking van injectiespuiten en voor het inruilen van vieze voor schone naalden. En in sommige staten heeft de politie nu wettelijk de mogelijkheid om verslaafden die een overdosis heroïne hebben gebruikt met anti-narcotische middelen te helpen.''

,,Als je in de VS iets wilt veranderen, moet je op lokaal niveau beginnen. Het Amerikaanse congres is de laatste plaats waar je veranderingen doorgevoerd krijgt. Een goed voorbeeld is de legalisering van marihuana voor medisch gebruik. 70 procent van de publieke opinie steunt die, en we zouden in vrijwel alle staten referenda hierover winnen, maar in het congres kunnen we nog geen kwart van de leden achter zo'n wetsvoorstel te krijgen.''

Legalisering van drugs ligt gevoelig in de VS. Nadelmann pleit niet voor legalisering, maar voor harm reduction: een algehele mentaliteitsverandering waarbij de houding tegenover drugs niet wordt bepaald door angst, onwetendheid, vooroordelen en financiële of institutionele belangen, maar door gezond verstand, wetenschappelijke kennis, volksgezondheid en mensenrechten.

,,Steeds meer lokale bestuurders steunen ons programma. En de media zijn veranderd; tien jaar geleden waren die de spreekbuis van de voorstanders van de drugsoorlog, nu zijn ze overwegend kritisch. Hetzelfde geldt voor de Latijns- en Afro-Amerikaanse gemeenschappen. Eerst steunden ze de drugsoorlog, omdat drugs een vernietigende uitwerking op de Latijns- en Afro-Amerikaanse bevolking hadden. De laatste jaren echter is een radicale omslag zichtbaar bij Latijns- en Afro-Amerikaanse leiders. Ze zien dat de drugsoorlog vrijwel niets heeft gedaan om hun gemeenschappen te beschermen. Honderdduizenden mensen met hun achtergrond zijn opgesloten, het drugsgebruik en het aantal drugsdoden zijn niet afgenomen, en het arrestatiebeleid heeft hun mensen zichtbaar benadeeld.''

Tegenover die veranderingen in de publieke opinie staat slecht nieuws, zegt Nadelmann: ,,Ieder jaar weer worden we geconfronteerd met nieuwe, draconische drugswetten. Nieuwe drugs zoals xtc betekenen nieuwe strenge wetten en strafbepalingen. Je moet stapels wetenschappelijk bewijsmateriaal aanvoeren als je in de VS een nieuwe wet doorgevoerd wilt krijgen, bijvoorbeeld over methadonverstrekking -en dan is het vaak nog vergeefs- maar als je een strafmaat wilt verhogen, hoef je helemaal niets aan te tonen.''

De drugsoorlog, zegt Nadelmann, laat zien dat de Verenigde Staten geen les hebben getrokken uit de drooglegging, het alcoholverbod dat van kracht was in de jaren 1920-1933. De nieuwe immigranten, vooral de Ieren en Italianen, werden toen als de zondebokken aangewezen: zij hadden het alcoholprobleem 'geïmporteerd'. En men dacht het probleem te kunnen oplossen door radicale wetgeving. ,,Maar de drooglegging leidde uiteindelijk alleen maar tot meer smokkel, misdaad en doden. Hetzelfde gebeurt nu in de drugsoorlog. De anti-alcohol en anti-drugs ideologie zijn hecht verweven met de culturele en religieuze achtergrond van de VS.''

,,Sommige critici van de drugsoorlog beschouwen die oorlog bovendien als een manier om onze Latijns- en Afro-Amerikaanse medeburgers opnieuw te criminaliseren en discrimineren. Je hoeft maar naar de cijfers te kijken.'' Van iedere 100000 Amerikaanse burgers, zitten er 700 gevangen (in Nederland zijn dat er 65), maar van iedere 100000 Afro-Amerikaanse mannen zijn dat er bijna 4800.

De detentie is een reden voor het doorzetten van de drugsoorlog, zegt Nadelmann: ,,Er bestaat een omvangrijke, geöliede gevangenisindustrie die honderdduizenden mensen aan het werk houdt en waarin jaarlijks miljarden dollars omgaan. Bestuurders in achtergebleven steden of regio's maken een eenvoudige afweging; als niemand winkelcentra wil bouwen, rest de keuze tussen een casino en een gevangenis. En dan hebben ze liever een gevangenis, want die levert veel banen op.''

De beurswaarde en de winst van de gevangenisbedrijven namen het laatste decennium enorm toe, en het gemiddelde jaarsalaris van een bewaarder steeg in de periode 1980-2001 van 14500 naar 50000 dollar. Nadelmann: ,,De macht van de bonden is vaak onderschat. Het is bekend dat ze tegen ons lobbyen. Gouverneur Gray Davis van Californië heeft tijdens zijn campagne voor het gouverneurschap twee miljoen dollar van de Califonische vakbond ontvangen. En sinds zijn aanstelling in 1999 heeft hij geen enkel progressief wetsvoorstel in deze gesteund.''

Niet alleen geld speelt een rol, zegt Nadelmann, maar ook emoties: ,,In de gevangenisindustrie werken honderdduizenden mensen voor wat wordt gepresenteerd als 'de goede zaak'. Voor al die mensen, die soms hun leven hebben geriskeerd of collega's verloren, is het moeilijk te accepteren dat de hele drugsoorlog weinig tot niets heeft uitgehaald of zelfs contraproductief is geweest.''

Nadelmann beschouwt het Nederlandse drugsbeleid als een voorbeeld. ,,Het is ons doel om in de VS de Nederlands-Zwitserse benadering van het drugsprobleem te ondersteunen, uiteraard in een eigen Amerikaanse context. Al vanaf de jaren zeventig loopt Nederland voorop met de liberalisering van het drugsbeleid, hoewel Zwitserland nu Nederland voorbijstreeft op het punt van cannabislegalisering en experimenten met heroïneverstrekking.''

Eind mei bezoekt Nadelmann Nederland en zal hij een aantal lezingen houden. ,,Eén van de dingen die ik dan zal benadrukken, is dat de Nederlandse regering niet zo terughoudend moet zijn met het aanbevelen van haar drugsbeleid. De Nederlandse regering heeft goede redenen om te zeggen: Kijk, we hebben al ruim twintig jaar ervaring met ons beleid, het is succesvol en steeds meer landen volgen ons voorbeeld. Maar Nederland is erg passief. Terwijl Zweden, dat er een heel repressief drugsbeleid op nahoudt, openlijk propaganda voert in bijvoorbeeld de Baltische Staten, reageert de Nederlandse regering alleen als er vanuit het buitenland kritiek wordt geleverd. Voor de Nederlands-Zwitserse aanpak ligt een internationale markt. Het is van groot belang dat die markt ook wordt bereikt.''

Deel dit artikel