Uw profiel is aangemaakt

U heeft een e-mail ontvangen met een activatielink. Vergeet niet binnen 24 uur uw profiel te activeren. Veel leesplezier!

Zes redenen waarom u bij de apotheek niet de gewenste pillen meekrijgt of moet betalen (en wat erachter zit)

Home

Marco Visser

Een apothekersassistente zoekt medicijnen bij elkaar in een apotheek. ANP KOEN VAN WEEL © ANP

Het gaat er soms hard aan toe bij de balie van de apotheker. Klanten kunnen ronduit agressief reageren als zij hun gewenste medicijn niet krijgen, of ineens moeten bijbetalen. 

De apothekers in het Gooi hadden er zo genoeg van dat zij vorige week een ochtend hun deuren sloten, als protest tegen de agressie van klanten die niet kregen wat zij wilden. Afgezien van deze klanten die zich ontoelaatbaar laten gaan, zijn er ook Nederlanders die hun verbazing in stilte slikken. Een overzicht van mededelingen die u onaangenaam kunnen verrassen en wat ze betekenen. 

Lees verder na de advertentie

Uw medicijn is momenteel niet leverbaar.

Dit probleem speelt alleen bij de zogeheten generieke medicijnen. Dat zijn bloeddrukverlagers, cholesteroltabletten en andere pillen en drankjes waar geen patent meer op rust en die door andere fabrikanten gemaakt kunnen worden. Drie van de vier geneesmiddelen die over de toonbank gaan behoren tot deze generieke medicijnen.

Extra vervelend wordt het als ze voor het alternatief ook nog eens extra moeten betalen omdat de verzekeraar het nieuwe geneesmiddel (nog) niet geheel vergoedt.

Vorig jaar waren 769 geneesmiddelen (tijdelijk) niet leverbaar. En ook dit jaar zijn er tekorten. De apothekers wijzen al snel naar de verzekeraars als schuldige. Zij hebben namelijk een voorkeur voor de goedkoopste medicijnen. Daardoor worden jaarlijks honderden miljoenen euro’s bespaard en dat komt terug in lagere kosten voor medicijnen en een lagere premie. Keerzijde is dat fabrikanten bij schaarste liever aan een land leveren waar zij meer krijgen voor hun producten. Die schaarste treedt soms op omdat er wereldwijd minder medicijnfabrieken zijn. En die er zijn, zijn groter om zo schaalvoordelen te halen. Gaat er iets mis in zo’n fabriek, dan is dat direct merkbaar. Daarnaast houden groothandelaren en apothekers vanwege de kosten kleine voorraden aan zodat bij tegenslag een voorraad medicijnen snel op is.

Het kan voorkomen dat het medicijn nog wel beschikbaar is, maar dat de apotheker het moet importeren vanuit het buitenland. Dat kost extra geld en dat vergoedt de verzekeraar niet.

Is een medicijn niet leverbaar, dan krijgt u een vervangend medicijn met dezelfde werkzame stof. Niet iedereen is daar gelukkig mee omdat andere medicijnen voor nieuwe bijwerkingen kunnen zorgen.

Uw medicijn is uit de handel genomen.

Soms is het voor een fabrikant niet langer rendabel om een bepaald medicijn te produceren. Bijvoorbeeld omdat een concurrent het goedkoper doet. Dan stopt de fabrikant en bent u als klant aangewezen op het alternatief. Dat vinden klanten al niet prettig. Extra vervelend wordt het als ze voor het alternatief ook nog eens extra moeten betalen omdat de verzekeraar het nieuwe geneesmiddel (nog) niet geheel vergoedt. Dat kan gebeuren als het vervangingsmiddel niet tot de voorkeursmedicijnen behoort van de verzekeraar. Meestal zal dat niet het geval zijn omdat verzekeraars een voorkeur hebben voor de goedkoopste geneesmiddelen.

Uw medicijn wordt niet langer vergoed.

Verzekeraars wisselen weleens van medicijnfabrikant. Als u een medicijn tegen hoge bloeddruk hebt van merk A, kan het zijn dat de verzekeraar ervoor kiest om over te stappen op merk B. Dan zult u ook over moeten, of het medicijn van merk A betalen. Er is een ‘ontsnappingsroute’, namelijk de medische noodzaak. Als het medisch onverantwoord is om het andere middel te nemen, bijvoorbeeld vanwege een allergie, krijgt de klant middel A toch vergoed.

Wie middel A wil blijven slikken zonder medische noodzaak, kan aan het eind van het jaar de polissen van de verzekeraars vergelijken en eventueel overstappen. 

Voor dit medicijn geldt een eigen bijdrage.

De kosten van de meeste medicijnen vallen onder het basispakket van de zorgverzekering. Daar geldt een eigen risico van 385 euro. Als het eigen risico nog niet ‘is volgemaakt’, volgt dus een rekening.

Nu is dat bij iedereen bekend. Veel minder bekend is de zogeheten eigen bijdrage. Dat is geen regeling van de verzekeraar, maar van de overheid die het basispakket samenstelt. In dat pakket wil de overheid best medicijnen vergoeden voor, pakweg ADHD, maar niet tegen elke prijs. Er is namelijk een groot prijsverschil tussen de geneesmiddelen.

Ritalin is het goedkoopste middel tegen ADHD. De maandelijkse dosis kost ongeveer 12 euro. In deze medicijngroep zitten ook twee andere geneesmiddelen: Concerta en Strattera. Die zijn duurder. Concerta bijvoorbeeld is verkrijgbaar vanaf 34 euro per maand. Daarvan vergoedt de verzekeraar 12 euro; de prijs van Ritalin. De andere 22 euro betaalt u zelf.

Strattera is nog duurder. Daarvan kost de maandelijkse dosis al snel 100 euro. Die zou u dus op 12 euro na moeten bijbetalen. Op jaarbasis loopt dat best op. Of beter: liep, want sinds dit jaar is er voor de eigen bijdrage een maximumbedrag ingesteld van 250 euro. De eigen bijdrage gaat niet af van het eigen risico.

In het geval van Strattera, waarvoor per maand bijna 90 euro bijbetaald moet worden, is na drie maanden (3x 90 euro = 270 euro) het maximum bereikt van de eigen bijdrage. De 20 resterende euro’s gaan wel van het eigen risico af.

U moet betalen, want dit middel wordt alleen vergoed als u het ergens anders voor gebruikt.

Een huisarts kan een medicijn voorschrijven dat volgens de wetenschappelijke literatuur eigenlijk niet is bedoeld voor de kwaal die u heeft, maar wel werkt. Of voor een kind, terwijl het medicijn niet is getest op kinderen. In dat geval is er sprake van off-label-gebruik. In de meeste gevallen zal de verzekeraar vergoeden, maar het kan voorkomen dat de vergoeding uitblijft. Dat kan onder meer het geval zijn bij hepatitisvaccins. 

Dit middel valt buiten de zorgverzekeringswet.

Patiënten met ADHD hebben geregeld moeite met in slaap vallen. Melatonine kan daarbij helpen. Maar melatonine valt niet onder het Geneesmiddelenvergoedingssysteem en alleen middelen binnen dat systeem komen in aanmerking voor een vergoeding.

In het uitzonderlijk geval dat de apotheker zelf het medicijn moet maken, speciaal voor een klant, moet deze ook zelf het gehele bedrag betalen. Deze situatie kan voorkomen omdat een bestaand medicijn niet geschikt is, bijvoorbeeld omdat het geneesmiddel als pil beschikbaar is maar de patiënt alleen een drankje verdraagt. Een verklaring van de huisarts kan er alsnog voor zorgen dat de verzekeraar het medicijn vergoedt.

Bert Keizer is drie weken afwezig.

Lees ook:

Schreeuwen en schelden zijn ze in de apotheek allang gewend, maar een vuist in het gezicht

Apotheken krijgen geregeld te maken met agressieve klanten. In Het Gooi bleven apothekers dicht als actie tegen scheldpartijen en geweld.

Het medicijnentekort loopt al acht jaar op

Het tekort aan geneesmiddelen in Nederland is vorig jaar opnieuw opgelopen. Dat is een trend die al in 2010 begon. Toen was het tekort nog minder dan tweehonderd geneesmiddelen per jaar, in 2018 waren het er 769.

Deel dit artikel

Extra vervelend wordt het als ze voor het alternatief ook nog eens extra moeten betalen omdat de verzekeraar het nieuwe geneesmiddel (nog) niet geheel vergoedt.