Uw profiel is aangemaakt

U heeft een e-mail ontvangen met een activatielink. Vergeet niet binnen 24 uur uw profiel te activeren. Veel leesplezier!

Zelfs de Oekraïne-oorlog is de schuld van het neoliberalisme

Home

Sebastien Valkenberg

In november 2011 werd in Madrid gedemonstreerd tegen bezuinigingen op het Spaanse onderwijs. 'Met z'n allen tegen de neoliberalisering.' © afp
Interview

Het neoliberalisme duikt in veel artikelen op als grote boosdoener achter allerlei misstanden. Maar waar hebben de critici het eigenlijk over? Dat vraagt filosoof en politicoloog Martin van Hees zich af.

Marktfundamentalisme, graaicultuur, ongelijkheid. Zijn er nog maatschappelijke kwalen die níet worden toegeschreven aan het neoliberalisme? De eurocrisis, flexibilisering van de arbeidsmarkt - ook dat zou eraan te wijten zijn. Onterecht, aldus filosoof en politicoloog Martin van Hees. Van Hees (1964) is hoogleraar ethiek aan de Vrije Universiteit en één van de auteurs van het pas verschenen boekje 'Neoliberalisme'.

Waarom de verwijten volgens hem en zijn co-auteurs onterecht zijn, blijkt al uit de ondertitel van het boek. 'Een politieke fictie', luidt die. Het zo gelaakte neoliberalisme bestaat volgens hen dus helemaal niet. "In de jaren negentig begon de SP ernaar te verwijzen", legt Van Hees uit in een gesprek. "Aanvankelijk vond ik dat interessant. Ik ben geïnteresseerd in de theorie van het liberalisme, van de links-liberale substromingen tot aan de rechts-anarchistische cowboy-varianten. Dus ik was benieuwd waar die neoliberalen zich ophielden. Alleen kon ik ze niet vinden. Al gauw bleek dat het hier een vignet betrof dat een politieke betekenis heeft. Het neoliberalisme fungeert als een boksbal voor links."

Maar dat was midden jaren negentig. Nu pas besloot u over het neoliberalisme te schrijven.
"Destijds werd er nog slechts incidenteel naar verwezen. Maar gaandeweg hebben steeds meer mensen het begrip omarmd. Het is al lang niet meer de retorische vondst van weleer. De laatste vijf à tien jaar heeft een eindeloze stroom met beschouwingen over het neoliberalisme opgeleverd en altijd is de strekking negatief. Zelfs een krant als Het Financieele Dagblad is in de greep van deze retoriek. Vorige week nog stond er een interview in met de dominee van de Pauluskerk in Rotterdam, die van leer trok tegen het neoliberalisme, en ook nu werd niet duidelijk wat we er onder moeten verstaan. Dat roept de vraag op waarover we het nu eigenlijk hebben."

Het is nog verwarrender, blijkt uit het boekje. Het neoliberalisme heeft wel ooit bestaan, maar die variant lijkt weer in niets op de huidige opvatting.
"We hebben ons afgevraagd wanneer de term voor het eerst expliciet gebruikt werd. Dan kom je uit bij de late jaren dertig. Toen werd het woord 'neoliberalisme' gemunt, hoewel dit aarzelend gebeurde. Een usual suspect als Friedrich Hayek wees de term bijvoorbeeld af. En Milton Friedman verwees er weliswaar naar, maar verstond er iets heel anders onder dan zijn hedendaagse critici. Aanvankelijk pleitte hij voor een actief anti-monopoliebeleid. Ook moest er een sociaal vangnet zijn via een negatieve inkomstenbelasting, een soort basisinkomen. Dit staat haaks op de heersende opvatting van neoliberalisme als een pleidooi voor laissez-faire en een afwezige overheid."

Lees verder na de advertentie
De laatste vijf à tien jaar heeft een eindeloze stroom met beschouwingen over het neoliberalisme opgeleverd en altijd is de strekking negatief

Veel lezers zullen zeggen: een futiele discussie. Of het neoliberalisme wel of niet bestaat, is irrelevant. De maatschappelijke kwalen waarnaar het begrip verwijst, blijven gewoon bestaan.
"Dit boekje heeft twee boodschappen. De eerste kun je samenvatten met een verwijzing naar Gerard Reve. In de jaren zeventig vervulde het militair-industrieel complex de rol die het neoliberalisme vandaag vervult. Reve wilde wel eens weten weten waar hij het adres kon vinden van dit complex. Ook wij laten zien dat het neoliberalisme een fictie is. Maar waarom zou je schrijven over iets wat bij nader inzien niet bestaat?

"Vandaar ook onze tweede boodschap. Ook wij willen weten wat er is misgegaan in de financiële sector, onder welke omstandigheden er sprake is van een graaicultuur en wanneer (semi-)privatisering een slecht idee is. Heel belangrijke thema's, alleen dan moet je begrippenapparaat wel op orde zijn. De discussie zou erbij gebaat zijn als 'neoliberaal' niet meer fungeerde als een vage parapluterm waaronder alle kwaden vallen. Sterker, daarna pas kan de discussie echt beginnen."

Goed, die term laten we vallen. Wat zien we dan wat we eerst niet zagen?
"Dat veel problemen helemaal niet duiden op de dominantie van het marktdenken. Neem de Nederlandse Spoorwegen. Die worden vaak genoemd om duidelijk te maken hoe slecht privatisering is. Maar welbeschouwd is er helemaal geen sprake van een bedrijf dat opereert in een markt met concurrentie. De overheid wijst aan welke maatschappij treinreizigers mag vervoeren. Als deze vervoersconcessie binnen is, heeft de NS weer voor jaren het alleenrecht op het spoor. Dat heet monopolie- vorming en dat heeft niets te maken met een vrije markt. Dus hoezo liberalisering?"

U draait het dus om. Er is sprake van te weinig liberalisme?
"Inderdaad. Een ander voorbeeld is het topsectorenbeleid voor het hoger onderwijs. De achterliggende gedachte is dat de overheid, het bedrijfsleven en universiteiten samen innovatiecontracten opstellen. De osmose van bedrijfsleven en politiek, die aan het topsectorenbeleid ten grondslag ligt, is iets waarvan veel liberalen gruwen. Publieke taken en private belangen raken met elkaar verstrengeld. Of denk aan de huidige discussies over de salariëring in de publieke en semi-publieke sector. Presentatoren bij de publieke omroep die een marktconforme beloning krijgen, dat heeft niets te maken met liberalisme. Er is een tussenlaag ontstaan die publiek noch privaat is en zich onttrekt aan democratisch toezicht. Het liberalisme pleit juist voor helder afgebakende taken voor de overheid."

Hoe verklaart u de populariteit of hardnekkigheid van het begrip neoliberalisme?
"De term biedt een simpel verklaringskader en dat is aantrekkelijk. Een paar jaar terug heb ik het neoliberalisme een vorm van 'tijdgeestdenken' genoemd. Hiermee doel ik op de neiging om uiteenlopende maatschappelijke verschijnselen allemaal te zien als manifestaties van dezelfde anonieme kracht. Illustratief is een column van Thomas van der Dunk, die zelfs de westerse reactie op Poetins optreden op de Krim nog wist te herleiden tot het neoliberalisme. Ook daar wreekte zich het doorgeschoten marktdenken - 'doorgeschoten' is trouwens typisch zo'n woordje dat hoort bij tijdgeest- denken.

"De klachten aan het adres van het neoliberalisme hebben me overigens altijd verbaasd. Want hoe kan iets zo enorm invloedrijk zijn, terwijl we het massaal afwijzen? Zo is het neoliberalisme omgeven met meer paradoxen. Enerzijds zou het leiden tot een extreme vorm van individualisme, anderzijds staan we er machteloos tegenover en slokt het alle individualiteit op. Dat kan onmogelijk allebei waar zijn."

Het neoliberalisme gaat alweer wat jaartjes mee. Ziet u al nieuwe vormen van tijdgeestdenken ontstaan?
"Ik heb niet illusie dat het praten over neoliberalisme spoedig over is. Daarvoor heeft het begrip een te grote politieke kracht. Bovendien blijkt het neoliberalisme als overkoepelend verklaringskader goed verenigbaar met allerlei nieuwe vormen van tijdgeestdenken. Neem bijvoorbeeld de verwijzingen naar de Facebookcultuur waarin we zouden leven. Die zou zich kenmerken door oppervlakkigheid, vluchtigheid, de uitholling van vriendschappen, egocentrisme. Altijd weer die onheilsboodschap en waarom? Als ik sta te wachten op het station kan ik nu bellen, sms'en, een bericht plaatsen op Facebook. Dankzij mijn smartphone en de sociale media ben ik juist veel socialer geworden."

Martin van Hees, Patrick van Schie, Mark van de Velde: 'Neoliberalisme', uitgeverij Boom, 60 blz, € 16,50.

Neoliberalisme zou leiden tot een extreme vorm van in­di­vi­du­a­lis­me, anderzijds staan we er machteloos tegenover en slokt het alle in­di­vi­du­a­li­teit op

Deel dit artikel

De laatste vijf à tien jaar heeft een eindeloze stroom met beschouwingen over het neoliberalisme opgeleverd en altijd is de strekking negatief

Neoliberalisme zou leiden tot een extreme vorm van in­di­vi­du­a­lis­me, anderzijds staan we er machteloos tegenover en slokt het alle in­di­vi­du­a­li­teit op