Uw profiel is aangemaakt

U heeft een e-mail ontvangen met een activatielink. Vergeet niet binnen 24 uur uw profiel te activeren. Veel leesplezier!

Ze noemt zichzelf ook wel 'grote mond met een hoofddoek'

Home

Hanne Obbink

'In de PvdA-fractie in de gemeenteraad was ik de enige geboren Amsterdammer. Dus waar hebben we het over!?' © Mark Kohn
Interview

Zestien jaar was Fatima Elatik opvallend aanwezig in de Amsterdamse politiek én in landelijke discussies. Nu neemt ze afscheid. 'Ik weet dat ik een hogere macht dien.'

Het eerste wat haar overkwam nadat ze half april afscheid nam, was een griepje. Maar vandaag kan Fatima Elatik (40) weer naar buiten. Ze zit op een terras aan het Javaplein in Amsterdam-Oost, middenin het stadsdeel waarvan ze de afgelopen twaalf jaar bestuurder was. "Binnenkort op vakantie. Iedereen wil al koffie met me drinken en praten over mijn toekomst. Maar daar ben ik nog niet aan toe."

Eerst een beetje bijkomen, zegt ze. En ontzwangeren. Begin februari werd haar dochtertje dood geboren, na acht maanden zwangerschap.

"Ik voel me een gezegend mens", zegt ze erover. "Ik heb acht maanden in mijn leven gehad die heel bijzonder waren. Dit is mijn beproeving, en ik ben ervan overtuigd dat die me ergens gaat brengen. Ik volg het pad, ik word geleid, dat voel ik."

Door God, bedoel je?
"Ja. Daar geloof ik echt in. Ik heb gesproken op de begrafenis van mijn dochter, ik heb haar naar het graf gedragen. Soms ben ik verdrietig, en dan huil ik, en dan is het weer over. Ik voel een ongelooflijke kracht en ik weet niet waar die vandaan komt. Zelf ben ik echt niet zo sterk. Er is iets anders wat het heeft overgenomen, ik kan het niet anders beschrijven dan als goddelijke kracht. Heel bijzonder.

"Het is bitter en het is zoet. Het heeft ook hoop gegeven. Ik had nooit gedacht dat ik moeder zou worden, ik dacht: dat ga ik nooit meemaken. Nu heb ik het meegemaakt. En het maakt me nederig. Je kunt heel veel controleren, maar niet het leven zelf.

"Ik moet hier iets mee. Ik weet nog niet wat, maar dat komt wel. Soms krijg je lessen in het leven die je niet snapt. Maar er komt een tijd dat ik het wel snap. Of misschien ook niet. Maar het is wat het is."

Een grote mond met een hoofddoek, heeft ze zichzelf wel eens genoemd. Nog maar 24 jaar was ze toen ze aantrad als lid van de Amsterdamse gemeenteraad, namens de PvdA. De afgelopen vijf jaar was ze voorzitter van stadsdeel Oost.

Landelijk bekend werd ze toen ze met hartstocht de discussie aanging met Theo van Gogh, toen die in zijn columns nogal wild tekeer ging tegen moslims en Marokkanen. Dat kwam haar na de moord op Van Gogh op een stroom bedreigingen en verwensingen te staan. Een tijd lang kreeg ze zelfs beveiliging.

Lees verder na de advertentie
Soms krijg je lessen in het leven die je niet snapt. Maar er komt een tijd dat ik het wel snap. Of misschien ook niet

Vanwaar die grote mond?
"Dat zijn mijn Amsterdamse genen. Ik geef mijn mening. Dat heeft ook te maken met betrokkenheid, met oprechte betrokkenheid. Het laat me niet koud wat er in Amsterdam gebeurt. Ik heb hart voor de zaak, en daar hoort een grote mond af en toe bij.

"Vroeger al was ik iemand met ideeën over wat er beter kon. Van mijn moeder heb ik geleerd: als je wijst met één vinger, wijzen er ook drie vingers naar jezelf. Je kunt wel kritiek hebben op wat er mis gaat, maar wat doe je zelf om een bijdrage te leveren? Ik wilde niet langs de zijlijn staan en klagen. Daarom ben ik in de politiek beland.

"Die maatschappelijke betrokkenheid heb ik ook van mijn moeder. Barmhartigheid, daar ben ik mee opgegroeid. Bij ons was er altijd wel een bed voor iemand die even geen bed had, iemand kon altijd wel even onder de douche en een bord warm eten krijgen.

"Mijn moeder zei vaak: je kan niet op je gemak in je eigen huis zitten als je weet dat er verderop brand is."

En vanwaar die hoofddoek?
"Een grote mond met een hoofddoek, dat heb ik ooit gezegd omdat die hoofddoek altijd het eerste is wat mensen zien, en omdat ze daar vaak moeite mee hebben. Dus dacht ik: ik gooi het er zelf maar in, dan hebben we het gehad. Als ik er zelf over begin, hoeven anderen het niet te doen en dan hoeven ze er ook niet van te schrikken. Maar kijk nou eens verder dan die hoofddoek, zou dat lukken?"

Je draagt hem niet voor niets ...
"Nee. Ik laat ermee zien wie ik ben. Ik draag er mijn religieuze en spirituele identiteit mee uit. Die spiritualiteit was heel belangrijk in mijn opvoeding. Ik put er kracht uit in moeilijke tijden en in mooie tijden."

Hoe beïnvloedt je geloof je leven?
"Het is voor mij een aansporing om niet achterover te leunen, om het heft in eigen handen te nemen. In de Koran staat dat God het lot van mensen niet zal veranderen als ze niet zelf in beweging komen. Zelf aan de slag gaan, dat is belangrijk. Elke daad begint met een intentie. En die intentie moet puur en rein zijn. Ook dat leer ik van mijn godsdienst.

"Ik weet dat ik een hogere macht dien, dat is voor mij heel belangrijk. Politici leggen één keer in de vier jaar verantwoording af, maar ik geloof in een grotere verantwoording. Niet nu, maar later. Ik moet straks verantwoorden hoe ik met mijn taken ben omgegaan, of ik eerlijk en oprecht ben geweest."

Politici leggen één keer in de vier jaar verantwoording af, maar ik geloof in een grotere verantwoording

Hoe onderhoud je dat geloof? Wat doe je eraan?
"Gebed, heel veel gebed. Elke dag, ja. De ene keer gaat het beter dan de andere. Mijn dagen als stadsdeelvoorzitter waren altijd erg druk en soms neemt de waan van de dag het dan over. Dan raak je geprikkeld, geërgerd. En dan is het goed om aan het eind van de dag de balans op te maken. Wat ging goed, wat ging minder goed, wat ga ik de volgende dag anders doen? Zelfreflectie, iedere avond, hoort ook bij spiritualiteit."

Heeft dat je ook geholpen in de tijd dat je zo zeer bedreigd werd dat je beveiligd moest worden?
"Juíst toen. Zoals ik nu op dit terras zit, dat durfde ik toen niet. Diezelfde man die aan een tafeltje naast me zat te lachen, kon de idioot zijn die me 's avonds racistische berichten stuurde. Ik heb erg moeten vechten om niet te veranderen, niet te verharden. Dichtbij mezelf te blijven.

"Als alles goed gaat en het is mooi weer - dát is niet de uitdaging. Jij als persoon, je kracht, je menselijkheid worden pas echt op de proef gesteld als de zon niét schijnt, als de omstandigheden zwaar zijn. Dan wordt getest of je het vermogen hebt om boven jezelf uit te stijgen. In de tijd van die bedreigingen was ik geneigd elke blanke man als racist te zien. Dan wordt het een uitdaging om je angst het niet te laten overnemen en toch de menselijkheid van ieder ander te blijven zien."

Heeft je geloof zich ontwikkeld?
"Ja, ja. Ik heb op mijn zestiende besloten een hoofddoek te gaan dragen. Voor de diploma-uitreiking op school heb ik leraren gewaarschuwd dat ik niet gezoend wilde worden en handen schudden deed ik alleen met handschoenen aan.

"Op een keer ging ik winkelen met een vriendin, in een winkel in de Kalverstraat waar muziek aan stond. Ik stond wat mee te bewegen met die muziek en toen zag ik mezelf in een spiegel, meedeinend met een djellaba aan. Ik weet nog dat ik dacht: hm, something ain't right, dit is toch niet echt in balans.

"Het was een fase die erbij hoorde, er zat ook rebellie bij. Daar moest ik doorheen om te weten te komen wat er wel en niet bij me past. Nu is het meer in balans. Ik heb een manier gevonden om religieus en spiritueel te zijn zonder mijn karakter te verloochenen - ik ben nu eenmaal iemand die mensen aanraakt en knuffelt, niet iemand die contact mijdt.

"Mijn ouders komen uit Zuid-Marokko, dat zijn soefi's, heel spirituele moslims. Op vakantie in het dorp waar mijn ouders vandaan komen, heb ik die spiritualiteit leren kennen, op meditatie-avonden die mijn moeder met haar oude vriendinnen hield. Ik zag dat je ook op die manier verlicht kunt raken, het gaat niet alleen om streng zijn.

Diezelfde man die aan een tafeltje naast me zat te lachen, kon de idioot zijn die me 's avonds racistische berichten stuurde

"Sowieso, als je volwassen wordt, ga je vanzelf zien dat er meer is dan je eigen traditie, je eigen kijk op de wereld. Als je oprecht geïnteresseerd bent in anderen, leer je daarvan. Ik heb veel geleerd van Paulo Coelho - geen moslim, wel een spiritueel mens. Tegenwoordig leer ik veel van Joel Osteen, een Amerikaanse tv-preacher die teksten op Facebook zet. Die zijn universeel, niet gebonden aan één religieuze stroming. Daar hou ik van."

Heeft je geloof invloed gehad op je werk in de politiek?
"Dat denk ik wel. Dat verantwoordelijkheidsgevoel, dat besef dat je niet alleen op de wereld bent, dat heeft met mijn geloof te maken."

Wat voor bestuurder was je?
"Ik ging naar mensen toe om te horen wat er speelde. Het gaat mij altijd om mensen. Die boeien me en raken me. Soms hebben ze een duwtje in de rug nodig, soms een schop onder de kont.

"Mensen die door de crisis hun baan zijn kwijtgeraakt, bijvoorbeeld, en in scheiding liggen, maar hun huis niet kunnen verkopen en daarom gedwongen zijn samen te blijven wonen. Je hoort erover via de kerk of via de school en dan kijk je wat je kunt doen.

"En een schop onder hun kont? Denk aan jongeren die zich niet willen gedragen of die hun leven niet in eigen hand nemen. Die moet je op de feiten wijzen: 'Vriend, je woont in het barmhartigste land van Europa; als je het hier niet kunt maken, kun je het nergens maken, dus grijp je kansen.'

"Niet altijd is het de overheid die iets moet doen. Je bent als bestuurder ook geen maatschappelijk werker. Geen hulpverlener die van individueel gevalletje naar individueel gevalletje gaat, maar als je tien individuele gevallen in een week hebt, moet je er iets mee."

Jouw geloofsbeleving staat ver af van hoe veel mensen de islam zien. Heb je daar last van?
"Dat raakt me allang niet meer. Vroeger wel, hoor, maar nu boeit het me gewoon niet. De islam overleeft al eeuwen al zijn criticasters."

Je bent vaak gezien als vertegenwoordiger van de moslims in Nederland of van de Marokkaanse gemeenschap. Heb je je ook zo gevoeld?
"Nou nee, niet alleen. Ik wilde vertegenwoordiger zijn van alle Amsterdammers. Maar dat is the story of my life als politicus en bestuurder. Ik denk altijd dat ik gewoon een Nederlandse bestuurder ben. Maar afhankelijk van met wie ik om de tafel zit, krijg ik steeds een ander label opgeplakt.

"Die hokjes! Mensen plaatsen mij in het hokje van de Marokkanen, ze zien me niet als Amsterdammer. In de PvdA-fractie in de gemeenteraad was ik de enige geboren Amsterdammer. Dus waar hebben we het over!?"

Het gaat mij altijd om mensen. Die boeien me en raken me. Soms hebben ze een duwtje in de rug nodig, soms een schop onder de kont

Is er iets veranderd in de zestien jaar dat je in de politiek zat?
"Toen ik de politiek in ging, kreeg ik allerlei vragen op me afgevuurd. Wie ben je, waar kom je vandaan, waarom draag je een hoofddoek? Steeds moest ik uitleggen: jongens, ik kom gewoon uit Amsterdam, ik heb gewoon mijn havo-diploma gehaald, niets bijzonders. Ik heb niet tot mijn tiende op een ezel in de bergen gezeten en op mijn elfde voor het eerst een pennetje vastgehouden. En ik dacht: generaties na mij moeten niet met hetzelfde gezeik te maken krijgen, die moeten gewoon als Amsterdamse jongere op school kunnen komen, een diploma kunnen halen, aan het werk kunnen gaan. Maar ik moet zeggen: helaas, dat is niet gelukt.

"Ik zie dat veel Marokkaanse jongens geen stageplek kunnen krijgen, niet eens een baantje als vakkenvuller bij de Albert Heijn, alleen vanwege hun naam. Daarom moeten scholen ervoor zorgen dat die jongens weerbaarder worden, dat ze te horen krijgen wat de samenleving van ze eist. Iemand moet eerlijk tegen ze zeggen: 'Weet je, Mo, ik wil niet lullig doen, maar het is echt zo: jij moet je net iets harder bewijzen dan Piet, ik wou dat het anders was, maar ik wil er niet over liegen.' Maar de boodschap moet óók zijn: 'Ga er niet over janken, accepteer het en máák iets van je leven.' Want dat is de andere kant van Nederland: je kunt het hier echt maken. Waar een wil is, is echt een weg.

"Ja, dat heb ik zelf ook ervaren. Ik moest me ook steeds extra bewijzen. Maar dat is niet erg. En weet je waarom? Het heeft me een betere en sterkere bestuurder gemaakt. Ik ben er ongelooflijk sterk van geworden.

"Nee is geen optie. Niet in ons land. Nooit weglopen, niet opgeven."

Wie is Fatima Elatik?
Fatima Elatik (Amsterdam, 6 juni 1973) volgde na de havo een lerarenopleiding biologie. Maar leraar werd ze niet: ze werkte bij de gemeente Rotterdam en Amsterdam (als beleidsadviseur van toenmalig burgemeester Schelto Patijn) voordat ze in 1998 namens de PvdA lid werd van de Amsterdamse gemeenteraad. In 2002 werd ze bestuurder van het Amsterdamse stadsdeel Zeeburg. Vanaf 2009 was ze voorzitter van stadsdeel Oost (waarin Zeeburg inmiddels was opgegaan). Twee weken geleden nam ze afscheid.

Ik zie dat veel Marokkaanse jongens geen stageplek kunnen krijgen, niet eens een baantje als vakkenvuller bij de Albert Heijn

Deel dit artikel

Soms krijg je lessen in het leven die je niet snapt. Maar er komt een tijd dat ik het wel snap. Of misschien ook niet

Politici leggen één keer in de vier jaar verantwoording af, maar ik geloof in een grotere verantwoording

Diezelfde man die aan een tafeltje naast me zat te lachen, kon de idioot zijn die me 's avonds racistische berichten stuurde

Het gaat mij altijd om mensen. Die boeien me en raken me. Soms hebben ze een duwtje in de rug nodig, soms een schop onder de kont

Ik zie dat veel Marokkaanse jongens geen stageplek kunnen krijgen, niet eens een baantje als vakkenvuller bij de Albert Heijn