Uw profiel is aangemaakt

U heeft een e-mail ontvangen met een activatielink. Vergeet niet binnen 24 uur uw profiel te activeren. Veel leesplezier!

Wiskundeles om verder te groeien

Home

REPORTAGE | NIELS POSTHUMUS

Zuid-Afrika zit te springen om architecten, ingenieurs en bankiers. Bedrijven investeren daarom in het wiskundeonderwijs voor scholieren die in de provincie weinig opsteken.

WHITE RIVER (ZUID-AFRIKA) - Lindokuhle Mbuyane kijkt, net als zijn 24 klasgenoten, ingespannen naar het bord. Hij zit in een klaslokaal van het chique Uplands College. Op het bord staat een matrix getekend met verticaal tien namen en horizontaal tien nummers. De klas moet op basis van acht aanwijzingen als 'Abe is kleiner dan Abbey, maar groter dan Kim' de tien fictieve personen in de goede volgorde van lang naar klein zetten.

De leerlingen zijn rond de zeventien jaar oud. Ze zijn doodstil terwijl lerares Tracey Butchart de acht aanwijzingen uitschrijft op het bord. "De belangrijkste regel is: we gokken niet, we proberen logisch te beredeneren wat het antwoord is", zegt zij. "Poeh, dit is moeilijk", verzucht Lindokuhle. "Ik denk dat alles wat we hierna nog moeten doen opeens veel gemakkelijker lijkt."

Het is zaterdagochtend. In een computerlokaal iets verderop zitten nog eens 25 leerlingen. Eens per week worden ze alle vijftig met een busje opgehaald uit plattelandsdorpen in Mpumalanga, een provincie in het noordoosten van Zuid-Afrika. In die dorpjes zitten zij doordeweeks in klassen die minstens twee keer zo groot zijn. Het zijn scholen zonder computers, zonder de puzzels die nu voor hen op tafel liggen. Het zijn scholen waar het onderwijsniveau veel lager ligt dan op deze weekendochtenden op de privéschool aan de rand van het stadje White River.

De groep komt 27 zaterdagen per jaar naar deze school voor bijles. Drie jaargangen lang. Hun tweede semester is begonnen - de zomervakantie in Zuid-Afrika is van december tot begin januari. In 2014 doen ze eindexamen op hun plattelandsscholen.

Het Uplands Outreach-project is erop gericht de beste leerlingen uit de dorpen rond White River extra te ondersteunen. Vooral op het gebied van wiskunde. Want de bijlessen worden gefinancierd door bedrijven met een financiële en exacte achtergrond. Extra lessen moeten de leerlingen in staat stellen met goede cijfers te slagen als ze achttien zijn. Want alleen dan komen ze in aanmerking voor een vervolgopleiding.

Uplands Outreach is een voorbeeld van de vele duizenden kleine projecten in Zuid-Afrika die bedoeld zijn om achtergestelde kinderen te helpen in hun ontwikkeling. Dat is hard nodig, want het aantal tieners dat school voortijdig verlaat, is enorm. "Van alle scholieren in Mpumalanga valt meer dan de helft af voor het eindexamen", zegt Nicky de Bruyn, directeur van Uplands Outreach. "En van hen die wél examen doen, zakt nog eens bijna een derde." Slechts 30 procent van de jongeren in de provincie gaat dus van school met een diploma. Een deprimerende statistiek. De Bruyn lacht. "Wij zeggen zelf vaak dat je een tragische optimist moet zijn, wil je proberen het wiskundeonderwijs in dit land te verbeteren."

De verschillen in onderwijskwaliteit zijn reusachtig. Dure privéscholen zijn vergelijkbaar met de beste scholen in Nederland. Maar er zijn zo veel rampzalig presterende scholen dat het onderwijs in Zuid-Afrika over de hele linie genomen behoort tot het slechtste ter wereld. Vooral wiskundeonderwijs scoort uitzonderlijk slecht. In het Global Competitiveness Report 2012-2013 van het World Economic Forum eindigde Zuid-Afrika van alle 144 onderzochte landen op de één-na-laatste plek. In landen als Sierra Leone, Ethiopië en Haïti wordt beter wiskundeles gegeven.

Dat is een groot probleem in het meest ontwikkelde land van sub-Sahara Afrika, waar de komende decennia miljoenen huizen moeten worden gebouwd, een gigantische infrastructuur onderhouden dient te worden en dat voor Afrikaanse begrippen een omvangrijke financiële sector bezit. Zuid-Afrika heeft dringend architecten, ingenieurs en bankiers nodig. Maar die moeten wel kunnen rekenen en dienen liever niet alleen uit rijke, overwegend blanke, stedelijke buitenwijken te komen.

Valerie Mahlangu geniet zichtbaar van het maken van de puzzels en het oplossen van raadsels. "Deze lessen vind ik het leukst", zegt ze. "Waarom? Omdat ik er erg goed in ben, denk ik." Voordat ze naar het Uplands College kwam, had ze nooit een puzzel gezien. Nadat ze de eerste had gemaakt, was ze verkocht. "Ik maak ze nu ook thuis", zegt ze trots.

En dat is precies de bedoeling. Want via raadsels en puzzels leren leerlingen logisch redeneren. Dat konden ze niet toen ze een jaar terug op de allereerste zaterdagochtend aankwamen. "We schrokken best wel", geeft Butchart toe. "Het niveau was zo laag." Van de vijftig kinderen wist slechts tien procent wat delen was. Niet veel meer dan een kwart van de 16-jarigen wist hoe je moest vermenigvuldigen."En toen ze hadden geleerd hoe ze de sommen moesten oplossen, bleken ze nog altijd de logica erachter niet werkelijk te begrijpen." Nu krijgen ze in het tweede jaar een lesuur logisch redeneren.

"Een groot probleem is dat leerkrachten op plattelandsscholen weinig individuele aandacht hebben voor leerlingen", zegt De Bruyn. "Zij dreunen de lesstof op zonder in de gaten te houden of leerlingen het wel kunnen volgen." Daarom is er doordeweeks in de avonduren ook een ondersteuningsproject voor de leraren van de tien scholen waar de kinderen doordeweeks naartoe gaan. Vooral ook in het belang van alle leerlingen die niet tot de vijf besten van hun school behoren. Want alleen de beste vijf mogen zaterdags naar het Uplands College. Voor meer is geen geld.

Dat zo weinig middelbare scholieren op het Zuid-Afrikaanse platteland kunnen rekenen, is deels nog een gevolg van de apartheid. Dat racistische bestuurssysteem ontmoedigde vanaf 1952 tot begin jaren negentig nadrukkelijk elke vorm van wiskundeonderwijs voor zwarte leerlingen in Zuid-Afrika. Wiskunde zou niet aan hun 'beperkte intelligentie' zijn besteed. Het maakte dat meerdere generaties zwarte Zuid-Afrikanen opgroeiden zonder enige kennis van rekenen, uitgezonderd een handjevol dat zich ontpopte tot autodidact.

"Het maakt dat de kinderen van huis uit weinig kennis meekrijgen", zegt De Bruyn. Ook bestaat daardoor - maar tevens door wanbeleid van de afgelopen twee decennia - een schrijnend tekort aan wiskundeleraren. "Bovendien kampen veel kinderen thuis met problemen", zegt De Bruyn. "Ze zijn wees, hebben te lijden onder huiselijk geweld of beide ouders zijn werkloos." Dat is een weinig stimulerende leeromgeving.

"Maar laten we niet altijd alles afschuiven op apartheid", houdt de zwarte schoolmanager Violah Moya de leerlingen aan het begin van elke zaterdag voor. "We moeten ons afvragen wat wij zelf hebben gedaan en kunnen doen om onze situatie te verbeteren."

De kinderen knikken zwijgzaam. Maar bij Valerie slaan de woorden aan. Zij heeft overduidelijk nagedacht over wat zij wil in het leven. Eerste keus is een carrière als hematoloog (medisch bloedspecialist). Al schrikt de opleiding van maar liefst zeven jaar haar een beetje af. Ook weet ze niet of ze toegelaten zal worden op de universiteit. Haar plan-B is daarom luchtvaartverkeersleider. Dat kan ook zonder universitair diploma.

Maar als ze mocht kiezen? "Dan ga ik studeren aan de universiteit van Stellenbosch", zegt ze vastbesloten. Waarom daar, helemaal aan de andere kant van het land? Is ze daar ooit geweest? "Nee", antwoordt ze. "Maar ik heb op internet in het computerlokaal foto's gezien en die zagen er zo mooi uit." Haar ogen glimmen van ambitie en hoop terwijl ze het zegt.

Deel dit artikel