Uw profiel is aangemaakt

U heeft een e-mail ontvangen met een activatielink. Vergeet niet binnen 24 uur uw profiel te activeren. Veel leesplezier!

Wij zijn allemaal verantwoordelijk

Home

Eric Maurice en hoofdredacteur Presseurop

De Cypriotisch en de Europese vlag. © ap

Het is algemeen bekend: de geschiedenis herhaalt zich voortdurend. De vraag is vooral of de mensen, en dan vooral degenen die ons besturen, er lessen uit weten te trekken. Het verhaal van Cyprus, dat de Europeanen sinds de zomer van 2012 zonder al te veel belangstelling hebben gevolgd, is de afgelopen dagen in een stroomversnelling geraakt. De repercussies doen vrezen voor een scenario à la Griekenland. Dat wil zeggen dat de financiële crisis in een land dat nog geen 0,2 procent van het bruto binnenlands product van de eurozone vertegenwoordigt, de hele zone kan destabiliseren en de Europese Unie in een nieuwe eurocrisis terecht kan laten komen.

Het gevaar is deze keer niet het gevolg van de instabiliteit van de markten der speculanten, maar van het doorbreken van een taboe. Door voor te stellen banktegoeden van minder dan 100.000 euro te belasten, de drempel waaronder deposito's doorgaans juist gegarandeerd zijn, hebben de eurogroep, de Cypriotische regering en het Internationale Monetaire Fonds het risico genomen een run op de banken te veroorzaken, waarbij rekeninghouders massaal hun geld van de bank halen. Daarnaast is de kans groot dat hun crisisbeleid nu nog nadrukkelijker zal worden afgewezen door bevolkingen die zich onrechtvaardig behandeld voelen.

Was dit dubbele - economische en politieke - risico eigenlijk wel nodig? Uit de verslagen van de bijeenkomst van de eurogroep, die in de nacht van 15 op 16 maart achter gesloten deuren plaatsvond, doemt het beeld op dat de ministers van Financiën van de eurozone zich moesten zien te redden uit een situatie waarvoor geen enkele bevredigende oplossing mogelijk leek. Het voorkomen van het bankroet van een bancair systeem van een land, dat geen alternatief economisch model heeft; het redden van de Cypriotische banken zonder de rijke Russen de deur uit te jagen; de lokale financiering van een reddingsplan, waarvan zowel het IMF als Duitsland vond dat het de 10 miljard euro niet mocht overstijgen; het snel vinden van al dit geld - dat heeft veel weg van het zoeken naar de hoeken van een cirkel.

Deze stand van zaken is de rekening die we moeten betalen voor onze jarenlange welwillendheid en veronachtzaamheid. Enerzijds mocht Cyprus in 2008 tot de eurozone toetreden, ook al waren de andere lidstaten ervan op de hoogte dat de Cypriotische economie gedrogeerd was met geld van dikwijls twijfelachtige herkomst. Anderzijds heeft de Cypriotische regering al tien maanden geleden om hulp gevraagd, voor een bedrag dat destijds werd geschat op 3 tot 4 miljard euro. Het plan waarover op de ochtend van 16 maart overeenstemming werd bereikt, bedraagt 10 miljard euro. Daar moet de inmiddels beruchte belasting op banktegoeden dan nog bij worden opgeteld, waarvan de opbrengst 5,8 miljard euro zou bedragen.

Europa is nu dus 'ingehaald' door zijn weigering om de kwestie van de belastingparadijzen aan te pakken (wat ook Luxemburg aangaat) en door zijn lafhartigheid tegenover de Cypriotische leiders (aanvankelijk de communist Dimitri Christofias en sinds een maand de conservatief Nikos Anastasiades). Zij hebben het erop aan laten komen, door hun banksysteem niet te laten evolueren en door de profijtelijke band met Moskou overeind te houden. Want na China in Griekenland is het nu de beurt aan Rusland om hulp te bieden, met op de achtergrond de exploitatie van gas op het eiland, en als hefboom de relaties tussen de EU en Rusland. Maar door Cyprus te gebruiken als draaideur voor zijn offshore-kapitaal en als toegangspoort tot de eurozone, is Rusland voor een groot deel debet aan het hele probleem. Mooi resultaat, voor een relatief kleine crisis en na drie jaar van schokken, waarvan men had mogen verwachten dat ze ¿tot een zekere mate van inzicht zouden hebben geleid.

Dit verhaal verscheen eerder op Presseurop

Deel dit artikel