Uw profiel is aangemaakt

U heeft een e-mail ontvangen met een activatielink. Vergeet niet binnen 24 uur uw profiel te activeren. Veel leesplezier!

Wie draagvlak Europa wil versterken, moet beginnen bij de nationale politici

Home

Angela Merkel spreekt met de pers bij aankomst in Brussel. © getty
Commentaar

De Europese regeringsleiders hebben in Brussel belangrijke stappen gezet in het ondersteunen van banken en landen die er zwak voorstaan, en in het opzetten van Europees toezicht op de bancaire sector.

Voor de toekomst van de euro en de Europese samenwerking zijn die stappen cruciaal, maar niet genoeg; de toekomst van de Europese Unie is ook afhankelijk van het draagvlak onder haar burgers. En met dat draagvlak gaat het niet goed. Terwijl de regeringsleiders in Brussel hun compromissen vinden, brokkelt de publieke steun voor Europa af. Niet alleen in de landen die boven de afgrond hangen, zoals Griekenland, maar ook in landen die er - dankzij Europa - goed voorstaan.

Je kunt niet verwachten dat mensen opblijven voor nachtelijke onderhandelingen over begrotingsregels en steunfondsen met duizelingwekkende getallen. Maar er is meer aan de hand: de publieke opinie keert zich tegen de Europese Unie. In alle onzekerheid over de economische toekomst, is de EU niet een bron van hoop, maar van ellende.

Het is niet terecht, maar wel een gegeven. En voor Brussel is het bijzonder moeilijk de stemming in de lidstaten ten goede te keren. Degenen die die stemming kunnen beïnvloeden, zijn de nationale politici.

Er is nu discussie over de twee gezichten van Rutte, zijn Europese en zijn nationale. Maar voor veel Haagse politici geldt dat ze niet eens een Europees gezicht hebben, alleen een nationale tronie.

Wie het draagvlak voor Europa wil versterken, moet hier beginnen. Pleidooien voor meer bevoegdheden voor het Europees parlement of een rechtstreeks gekozen Europese Commissie zijn prachtig, maar zullen aan de burger voorbijgaan. Europa kan echter dichtbij komen als parlementariërs in de lidstaten zich niet alleen bezighouden met nationale zaken, maar ook met Europese. En niet van een afstand, maar ín Brussel en Straatsburg.

In de eerste decennia van het Europese project, werd het Europees parlement gevormd door de nationale volksvertegenwoordigers, die een 'dubbelmandaat' hadden. De directe verkiezing van het Europees parlement, vanaf 1979, was op papier een versterking van de democratische grondslag van de EU. Maar het werkte ook vervreemding in de hand, en sloeg een kloof tussen nationale en Europese politici.

Je zou eigenlijk dat dubbelmandaat in ere moeten herstellen, al zitten daar praktische bezwaren aan. Bij de laatste verkiezingen voor het Europees parlement was er in Nederland een warm pleitbezorger voor die gedachte: Mark Rutte.

Wilt u de reacties op dit artikel lezen? Registreer u hier voor een proefperiode van twee maanden.

Het plaatsen van reacties is voorbehouden aan de betalende abonnees van Trouw. Kijk hier voor een overzicht van onze abonnementen.

Het bekijken en plaatsen van reacties is voorbehouden aan onze betalende abonnees. Kijk hier voor een overzicht van onze abonnementen.

Als betalend abonnee kunt u een reactie plaatsen op dit artikel. Deze is alleen zichtbaar voor andere (proef)abonnees.

Om uw reactie te kunnen plaatsen, hebben we uw naam nodig. Ga naar Mijn profiel


Wilt u dit artikel verder lezen?

Maak vrijblijvend een profiel aan en krijg gratis 2 maanden toegang.

Het e-mailadres bij dit profiel is nog niet bevestigd. Een link om te bevestigen kun je vinden in je inbox.
Ben je de link kwijt? Vraag hier een nieuwe aan.

Ongeldig e-mailadres

Wachtwoord is niet correct

tonen

Wachtwoord komt niet overeen

tonen

U moet akkoord gaan met de gebruiksvoorwaarden


Wij gaan vertrouwelijk om met uw gegevens. Lees onze privacy statement.

Deel dit artikel

Advertentie