Uw profiel is aangemaakt

U heeft een e-mail ontvangen met een activatielink. Vergeet niet binnen 24 uur uw profiel te activeren. Veel leesplezier!

Wetenschapper klem tussen traditie en vooruitgang

Home

door John Graat

Een wetenschapper permanent op de werkvloer: bij de baanwielrenners is het een feit. Drs. Albert Smit ervaart in de praktijk hoe moeilijk innovatie doordringt in de Nederlandse sport.

Het is volgens NOC-NSF een mooi voorbeeld van hoe het zou moeten. De baanwielrenners, die dit weekeinde hun nationale titelstrijd afwerken in Amsterdam, zijn door hun successen voor de sportkoepel een speerpunt met het oog op de Spelen van Peking in 2008. Voor een periode van vier jaar krijgen ze permanente wetenschappelijke ondersteuning. Met TNO en fabrikant Koga Miyata wordt een nieuwe fiets ontwikkeld, vooral voor wereldkampioen Theo Bos. Komende week worden de eerste windtunneltesten gedaan om te komen tot het ideale prototype.

Verder is bewegingswetenschapper Albert Smit tot en met 2008 permanent aan de KNWU verbonden, om de trainingen van de mountainbikers en vooral de baanwielrenners met zijn kennis te begeleiden. Smit kwam een jaar voor de Spelen van Athene bij de nationale selectie om renners en bondscoach Peter Pieters wegwijs te maken in het SRM-systeem. Dat meet het geleverde vermogen per pedaalslag. Elke wedstrijd of training zorgt voor een vracht data over vermogen, trapfrequentie en energieverbruik. Smit analyseert de gegevens en vertaalt ze naar de praktijkman Pieters.

Smit (28) heeft in twee jaar ervaren hoe lastig de acceptatie van de wetenschap is in de praktijk. ,,Ik heb goed inzicht gekregen in hoe het zou moeten. Maar het gaat gewoon heel langzaam. Af en toe jeuken mijn handen. We hebben nog lang niet alles gedaan wat ik zou willen doen en wat ook zou kunnen. Hoofddoel is de trainingen efficiënter maken. Vanaf dit jaar zijn de renners zelf met SRM bezig. Zij staan er best open voor. Peter wil van mij vooral zien wat hij uit ervaring al weet.''

Maar Smit wil veel verder gaan. Wat is de ideale lijn in de bochten? Welk vermogen is in welke positie optimaal in de ploegachtervolging? Waarom rijdt Jens Mouris individueel wel hard maar heeft hij in de ploeg heel veel moeite? Om dat te weten zijn testen nodig, maar daarvan komt het te weinig. “Peter wil vooral testen doen met materiaal en fietshouding maar voor training denkt hij vrij traditioneel. Hij ziet SRM vooral als een hulpmiddel om inzicht te krijgen. Hij heeft veel vragen, over kleine dingetjes, die zoek ik dan uit. De lange termijn is moeilijker.“

“Ik denk dat op trainingsgebied nog veel winst te halen is. Je kunt 100 methoden verzinnen, maar uit de literatuur blijkt dat er nog weinig testen mee zijn gedaan. Een topsporter zit er niet op te wachten allerlei nieuwe dingen uit te proberen. Wetenschappelijke studie van topsport maken is moeilijk.''

Verlekkerd kijkt hij bij wereldbekerwedstrijden naar de teams van Australië en Engeland. “Die liggen op dit gebied mijlenver voor. Daar werken ze met een heel team wetenschappers, van biomechanici tot fysiologen, artsen en psychologen. Zij krijgen van bovenaf via universiteiten goede aansturing en de sporters moeten bereid zijn om volop mee te werken aan de programma's. Ze weten daar heel goed waar de wetenschap voor kan dienen. In Nederland begint dat besef nu langzaam te komen.“

Smit is erop gestuit dat in het Nederlandse wielrennen geen 'testcultuur' bestaat. Hoewel hij ruimte genoeg ziet voor verbetering, zijn de Nederlandse baanrenners zeer succesvol. Smit: “Als ik één procent bijdraag is dat al mooi. Misschien is mijn invloed dat ik ze wat meer inzicht heb gegeven in wat ze doen en dat ze hebben leren nadenken waarom ze iets doen.''



Het e-mailadres bij dit profiel is nog niet bevestigd. Een link om te bevestigen kunt u vinden in uw inbox.
Bent u de link kwijt? Vraag hier een nieuwe aan.

Wachtwoord is niet correct

tonen

Wachtwoord komt niet overeen

tonen

U moet akkoord gaan met de gebruiksvoorwaarden


Deel dit artikel

Advertentie