Uw profiel is aangemaakt

U heeft een e-mail ontvangen met een activatielink. Vergeet niet binnen 24 uur uw profiel te activeren. Veel leesplezier!

We zijn nog steeds niet verlost van dat malle verbod op godslastering

Home

Elma Drayer

'Godslasteraar' Salman Rushdi © REUTERS

Even had ik de hoop dat Karel van het Reve alsnog zijn zin zou krijgen. De geleerde broer van de volksschrijver maande al in maart 1989 partijen als PvdA, VVD en D66 om zich sterk te maken voor afschaffing van de wetsartikelen betreffende de 'smalende godslastering'.

Hij deed dit vlak nadat de Iraanse leider Khomeini een fatwa had uitgesproken over de schrijver Salman Rushdie, die in zijn roman 'De duivelsverzen' blasfemie zou hebben bedreven. Bizar genoeg gingen namelijk ook in Nederland stemmen op om het boek te verbieden - op grond van genoemde wetsartikelen.

In een nogal geestig betoog legde Van het Reve uit waarom dit 'de achterlijkste en beschamendste onderdelen van ons rechtsstelsel' waren. "Natuurlijk is het onaardig", schreef hij, "om voortdurend gelovigen te pesten, en het is redelijk om iemands lichtgeraaktheid te ontzien, of het nu zijn gedichten, zijn moeder, zijn god, zijn inkomen of zijn oorlogsverleden betreft - maar je mening moet je kunnen zeggen, ook op smalende toon, lichtgeraaktheid of niet."

Zoals wel vaker had Van het Reve groot gelijk. Het verbod op de smalende godslastering, ingevoerd in 1932, was van meet af aan volstrekt overbodig. Tot veroordeling leidden de artikelen dan ook hoogst zelden. Maar het kwalijke was dat ze wél te pas en te onpas werden afgestoft. Dat gebeurde ook nog in november 2004, nadat een bebaarde malloot Theo van Gogh op gruwelijke wijze had afgeslacht. Toenmalig minister van justitie Piet Hein Donner leek dat een uitgelezen moment om te onderzoeken of de wet aangescherpt kon worden. Zo maakte hij - bewust, onbewust, wie zal het zeggen - het slachtoffer postuum medeverantwoordelijk voor diens lot. Had ie niet zo'n grote mond gehad over de islam, was hem niks gebeurd. Gelukkig werd van Donners voornemen niets meer vernomen, maar de wetsartikelen bleven staan.

Na een héél lang en héél stroperig debat kwam de schrapping april dit jaar eindelijk in stemming in de Tweede Kamer - op initiatief van D66 en de SP welteverstaan. De VVD, die aanvankelijk ook in het clubje zat, had haar handtekening reeds in 2010 weggehaald teneinde toenmalig gedoogpartner SGP te behagen. Tot mijn niet geringe vreugde haalde het wijzigingsvoorstel het met gemak.

Vorige week dinsdag stond het in de Eerste Kamer op de agenda. Van tevoren had VVD-senator Heleen Dupuis al laten weten dat haar steun allerminst vanzelfsprekend was. "Ik ben van de noodzaak niet zo overtuigd als de initiatiefnemers", zei ze in het Nederlands Dagblad. "Als mensen zich veiliger voelen als we dit in de wet laten staan, dan telt dat ook voor mij." Haar PvdA-collega Nico Schrijver twijfelde eveneens of gelovigen na afschaffing voldoende beschermd zouden zijn tegen 'spot en beschimping' en 'het onnodig grieven van godsdienstige gevoelens'.

Vandaag kwam de kwestie wederom aan de orde. Ondanks de twijfels bij VVD en PvdA bleek het verbod op de smalende godslastering er toch aan te gaan. Tegelijkertijd werd er, las ik op nrc.nl, een motie aangenomen waarin de senaat de regering vraagt te onderzoeken hoe je de wet zodanig kunt aanpassen dat gelovigen "afdoende worden beschermd tegen belediging van hun geloof, zonder dat dit de vrijheid van meningsuiting onnodig beperkt".

Dus wat we met de ene hand afschaffen, voeren we met de andere hand weer in?

Toch spijtig dat de geleerde broer niet meer onder de levenden is. Hij had, vermoed ik zo, met deze logica héél goed raad geweten."

Lees verder na de advertentie

 
"Dus wat we met de ene hand afschaffen, voeren we met de andere hand weer in?"

Deel dit artikel