Uw profiel is aangemaakt

U heeft een e-mail ontvangen met een activatielink. Vergeet niet binnen 24 uur uw profiel te activeren. Veel leesplezier!

We vallen ten prooi aan Europese opslaghysterie

Home

Bart Jacobs e.a.

De controlestaat komt een flinke stap naderbij als de Eerste Kamer akkoord gaat met het plan om alle miljarden telefoongegevens op te slaan.

Begin juni is de Eerste Kamer akkoord gegaan met de nieuwe paspoortwet, met daarin de opslag van al onze vingerafdrukken in een centrale databank. Een maand later ligt een volgende bouwsteen van de controlestaat bij de Eerste Kamer, namelijk de bewaarplicht voor telecom verkeersgegevens van alle 450 miljoen Europeanen. Er zal opgeslagen worden met wie je wanneer en waar belt, sms’t of mailt. Hierdoor kunnen al onze privé contacten via elektronische communicatiemiddelen, tot een jaar na dato, worden geraadpleegd of doorzocht, als de overheid dat nodig vindt. Van de EU moeten deze gegevens tussen 6 en 24 maanden bewaard worden. De regering stelde eerst 18 maanden voor, maar de Tweede Kamer bracht dit al terug tot 12. Aan de Eerste Kamer is nu de taak dit verder te beperken tot 6 maanden, het minimum dat Brussel de lidstaten toestaat. Deze bewaarplicht is omstreden: het Duitse constitutionele hof kijkt er nauwkeurig naar. De Eerste Kamer heeft zich tot nu toe zeer kritisch opgesteld, en heeft zich via eigen hoorzittingen goed laten informeren.

Aan de bewaarplicht ligt een merkwaardige gedachtengang ten grondslag, die ook op andere gebieden zichtbaar is. Na een dramatisch incident met een kind wordt besloten om van alle kinderen een dossier aan te leggen. Na een dramatische terroristische aanslag, moeten de verkeersgegevens opgeslagen worden. Is dit rationeel, proportioneel of effectief, of gevaarlijk?

Jeugdzorg, politie, en inlichtingendiensten weten meestal heel goed wie hun ’klanten’ zijn. In het boekje ’Doelwit Europa’ onderzocht Rob de Wijk tientallen, grotendeels mislukte aanslagen. In al die gevallen stonden de plegers vooraf reeds op het netvlies van de diensten, zelfs voordat er sprake was van de nu voorgestelde opslag van verkeersgegevens van alle, veelal onverdachte Europese burgers. Vaak is er adequaat gehandeld, maar soms ook niet. Het is inderdaad erg lastig de ruis van de echte signalen te scheiden, en de juiste inschatting te maken. Belangrijker dus dan het aanleggen van zinloze grote databanken is het passend reageren op de gevallen waar het om gaat. Daar is ouderwetse professionaliteit voor nodig, met gerichte aandacht voor de zaak zelf. Daar moet de nadruk op liggen, en niet op het van achter een bureau doorploegen van gigantische hooibergen bestaande uit 98 procent spamberichten. De politie heeft al vele zeer verregaande opsporingsbevoegdheden ter beschikking (zoals tappen, infiltreren, observeren) met ingeval van terrorisme en georganiseerde criminaliteit slechts lichte voorwaarden.

Het bewaren van grote hoeveelheden gegevens blijkt technisch en organisatorisch heel moeilijk te zijn. Bijna dagelijks rapporteren de kranten over het verlies van gevoelige data, zoals het verschijnen van weer miljoenen creditcardgegevens op het internet, of het verlies van twee cd’s met de gegevens van alle kinderbijslaggerechtigden in Engeland. Geen enkele organisatie is in staat gebleken om gegevens langdurig adequaat te beschermen. Het is niet uitgesloten, ook niet door de verantwoordelijke staatssecretaris Bijleveld, dat ook de centrale databank met vingerafdrukken op straat zal komen te liggen; gevolgd door databanken met verkeersgegevens.

Deze opslagwaanzin moet zo snel mogelijk verdwijnen. Als de Eerste Kamer zich hierin geen onafhankelijke chambre de réflection toont, de rug niet recht houdt en zich laat leiden door partijpolitieke overwegingen, laat ze ons zien dat ook in Nederland een constitutioneel hof hard nodig is.

Dit stuk is ondertekend door hoogleraren ict-recht

Corien Prins (Tilburg)

Egbert Dommering (UvA Amsterdam)

Nico van Eijk (UvA Amsterdam), Paul de Hert (Brussel)

Aernout Schmidt (Leiden) en Jan Smits (Eindhoven)

Hoogleraren computerbeveiliging Bart Jacobs (Nijmegen, Eindhoven), Sandro Etalle (Eindhoven)

Pieter Hartel (Twente) en Henk van Tilborg (Eindhoven)

Hoogleraren strafrecht Theo de Roos (Tilburg) en Taru Spronken (Maastricht)

Hoogleraar mensenrechten Piet Hein van Kempen (Nijmegen)

Ybo Buruma,. Hoogleraar strafrecht Nijmegen

Deel dit artikel