Uw profiel is aangemaakt

U heeft een e-mail ontvangen met een activatielink. Vergeet niet binnen 24 uur uw profiel te activeren. Veel leesplezier!

Wat zou daar racistisch of xenofobisch aan zijn?

Home

Elma Drayer

Mariana Campeanu, de Roemeense minister van Arbeid, een tolk en minister Lodewijk Asscher van Sociale Zaken tijdens een top over EU-migratie. Aanleiding voor de bijeenkomst was het openstellen van de Nederlandse arbeidsmarkt voor Roemenen en Bulgaren op 1 januari volgend jaar. © anp
Column

Zo zo. Dus wij zijn een xenofobische natie. Xenofobischer dan de meeste andere Europese landen. En racistischer zijn we ook. Slechts in het Verenigd Koninkrijk is de situatie 'misschien' nóg ernstiger.

Dat vindt althans Mariana Câmpeanu, de Roemeense minister van arbeid. "Legt u mij eens uit", zei ze tegen de Trouw-journalisten die haar deze week interviewden, "hoe een land dat bekendstaat als gidsland, zoveel last kan hebben van angst voor vreemdelingen."

Nu dienen wij te allen tijde eerbiedig te luisteren naar een minister van een bevriende natie die zich uitspreekt over ons humeur. Ook kan het geen kwaad als ons stevig de les wordt gelezen. Geen mens, geen land is zonder zonden, nietwaar. En als we inderdaad zijn uitgegroeid tot een griezelig xenofobisch en racistisch volkje dan is de kastijding helemáál verdiend.

Nieuwsgierig zocht ik dan ook in het interview naar de argumenten waarmee de Roemeense minister haar pittige uitspraken zou onderbouwen.

Dat viel, tussen ons gezegd en gezwegen, nog niet mee.

Sociaal-democraat waardig
Câmpeanu reageerde op recente uitlatingen van PvdA-minister Lodewijk Asscher die zich zorgen maakt over een mogelijke 'dijkdoorbraak', als na 1 januari 2014 laagopgeleide Bulgaarse en Roemeense immigranten zich vrijelijk in dit land mogen vestigen. "Als we willen blijven profiteren van de voordelen van het vrije verkeer", vindt hij, "dan moeten we bereid zijn de negatieve neveneffecten ervan te bestrijden." Want wie - als altijd - de hoogste prijs zullen betalen, is niet moeilijk te raden: degenen die toch al verkeren aan de onderkant van de samenleving. Die zorgen lijken mij een sociaal-democraat waardig. Wat daar racistisch en xenofobisch aan zou zijn, ik heb geen idee.

De Roemeense minister bleek evenwel de bekommernissen van haar collega 'overdreven' te vinden. Nederland, wist zij, geldt bij haar thuis juist als 'het minst populaire land' om naar af te reizen. Aantrekkingskracht hebben wij volgens haar vooral op 'relatief' hoogopgeleide Roemenen. Die zijn over het algemeen 'goed geïntegreerd', spreken onze taal en leveren 'een enorme bijdrage' aan de economie.

Maar cijfers gaf ze niet. Inzicht in die 'enorme bijdrage' (hoe enorm, waarin enorm, enorm vergeleken bij wie of bij wat?) bood ze evenmin. Dat alle nu bekende gegevens, bijvoorbeeld van het Sociaal en Cultureel Planbureau, Asschers zorgen krachtig ondersteunen - daar had ze ook geen boodschap aan.

Insinuatie
Om het helemaal af te maken bagatelliseerde ze even later de criminele activiteiten van sommige harer landgenoten door te wijzen naar 'de Nederlandse media'. Die zouden 'een veel positievere rol' moeten spelen en juist de bijdrage van Roemenen aan de Nederlandse economie moeten benadrukken. En die schilderijenroof laatst, uit de Kunsthal in Rotterdam? De daders, zei ze, konden onmogelijk alleen Roemenen zijn geweest. Veel te 'simplistisch' gedacht. "Zij moeten hulp hebben gehad van Nederlandse handlangers." Ook nu, het wordt eentonig, bleef het bij een insinuatie. Ook nu ontbraken de feiten.

Câmpeanu, kortom, leeft in een geheel eigen werkelijkheid. Dat is haar uiteraard van harte gegund. Maar een bevriende natie afschilderen als een griezelig volkje van racisten en xenofoben, zonder daar één onderbouwing bij te leveren - dat is wat anders. Dat is lasterpraat.

Lees verder na de advertentie

 
De Roemeense minister leeft in een geheel eigen werkelijkheid

Deel dit artikel