Wat te doen met overtollige boeken?

home

Leonie Breebaart

© thinkstock
Opinie

LEONIE BREEBAART   Mijn ouders hebben elkaar gevonden in de bibliotheek. Zonder dat er ook maar een woord gesproken was, liepen ze opeens gearmd naar buiten. Ze zijn altijd bij elkaar gebleven en hebben in de loop van hun leven zoveel boeken gekocht dat hun eigen huis dienst kon doen als bibliotheek. Ten minste voor hun drie kinderen.

 
Altijd heb ik de boeken van mijn ouders beschouwd als een kostbare erfenis. Totdat er deze herfst eens de bezem door moest

Behalve in de badkamer en de wc, waren in het rijtjeshuis waar ik opgroeide overal boeken te vinden. Nadat mijn opa ons nog drie kisten boeken had nagelaten werd er zelfs een bibiotheekkamertje ingericht. En in de niet al te ruim bemeten huiskamer stond de eettafel tegen de boekenkast aan, zodat vijf paar ogen tijdens de maaltijden net zo makkelijk dwaalden over namen als James Baldwin, Thomas Mann en Mensje van Keulen als vijf monden brood, rijst of groenten naar binnen werkten.

Een tv kregen we pas nadat mijn moeder had ontdekt dat wij altijd bij de buren naar 'Rawhide' zaten te kijken. Maar die concurrent werd op zo'n lastige plaats gezet, ver van het bankstel, dat we er amper met het voltallige gezin voor konden zitten. Daar staat hij trouwens nog steeds.

Eeuwige klassiekers
Altijd heb ik de boeken van mijn ouders beschouwd als een kostbare erfenis. Immaterieel of materieel, daar dacht ik niet zo over na. Totdat er deze herfst eens de bezem door moest, en ik aanbood de bejaarde Penguinpockets van de planken te halen, in een grote Ikea-tas te stoppen en weg te brengen.

Weg te brengen dus. Maar waarheen? Mijn moeder stelde de kringloopwinkel voor, maar dat leek me een schandalig lage inschatting van hun waarde. Wat zat er niet allemaal in die tas? 'The Catcher in the Rye'! 'A Room with a View'! Wel vijf romans van Iris Murdoch! Eeuwige klassiekers, en ook nog uitgevoerd in die iconische oranje bandjes van de vroege jaren vijftig. Soms waren de ruggetjes licht gescheurd, maar dat gaf ze eerder cachet, historische meerwaarde. Er moest een antiquariaat zijn dat deze schatten dolgraag wilde overnemen.

En dus ging die tas mee naar mijn eigen huis.

Pas na een middag surfen en bellen begon tot mij door te dringen dat er tot diep in Nieuw-Zeeland geen belangstelling bestond voor mijn toptitels. Ja, sciencefictionuitgaven van volkomen obscure auteurs, die brachten wat op, die waren zeldzaam. Maar van die moderne klassiekers waren er zoveel gedrukt dat je ze aan de straatstenen niet kwijtraakte. Ik kon mijn vrachtje beter naar de kringloopwinkel brengen, werd mij verteld, mits de boeken nog in goede staat verkeerden natuurlijk.

Het kon nog erger. De volgende tas die ik uit mijn ouderlijk huis meenam was beladen met mijn moeders meisjesboeken. Gebonden, rijk geïllustreerde romans als 'Roswitha', 'De bikkel', 'De H.B.S.-tijd van Joop ter Heul' en 'Hou de zon vast'. De met kroontjespen geschreven woorden op het schutblad ontroerden mij: '1943, gekregen van moeder'. Deze romans hadden mijn eigen moeder midden in de angstige oorlog opgevrolijkt, en sindsdien waren ze meeverhuisd van stad naar stad naar stad, meer dan een halve eeuw lang. Ik begreep wel dat zoiets de marktwaarde niet per se deed stijgen, maar toch moesten deze schatten een waardige bestemming krijgen. Ik dacht aan het bekendste kinderboekenantiquariaat van de stad.

Lees verder na de advertentie

 
Zijn boeken niet net zoiets als de zwavelstokjes in dat sprookje? Handel zit er niet meer in, maar ze verspreiden tenminste een rijkdom aan beelden, ideeën, fantasieën

Ontwaarding
Maar toen ik daar naar binnen stapte en zag dat de winkel tot de nok toe gevuld was met net zulke kostbaarheden als ik wilde aanbieden, begreep ik het al: geen interesse.

Wat stak mij zo in deze ontwaarding? Was ik al zo diep gezonken, zo vergiftigd door de tijdgeest dat ik sentimentele en culturele waarde niet wist te onderscheiden van de waarde die ertegenover staat in harde euro's? Of speelde hier een diepere angst op, de angst dat niet alleen boeken, maar ook mensen die van boeken leven een overtollige soort zijn geworden? Kwamen mij als redacteur van de boekenpagina's niet jaar in jaar uit en zelfs dag na dag ontmoedigende berichten uit het boekenvak ter ore? Uitgevers verruilen Amsterdamse grachtenpanden voor kantoortjes in Diemen of Houten, bibliotheken sluiten de deuren, schrijvers jagen van event naar event om zichzelf te verkopen. Boeken, vooral fysieke boeken, worden alleen nog als kostbaarheden beschouwd door mensen die de tijdgeest niet aanvoelen, die niet begrijpen dat we hebben geleefd op een boekenbubble.

Zijn er inderdaad niet veel te veel boeken op deze wereld, meer dan we ooit kunnen lezen? Is het dan niet logisch dat iedereen van die ballast probeert af te komen, zodat zelfs boeken op zeker moment weinig meer waard zijn dan oud papier, rijp voor de papierbak?

Verzonken in zulke sombere overpeinzingen, moest ik denken aan het kleine meisje met de zwavelstokjes uit het kerstsprookje van Andersen. Opeens voelde ik een band met het arme ding, dat op een barre winterdag de kou in wordt gestuurd om haar 'zwavelstokjes' te verkopen. Aan het eind van de dag heeft ze er nog geen stuiver aan verdiend en omdat ze inmiddels helemaal verkleumd is geraakt, schuilt ze weg in een hoekje en strijkt een voor een haar kostbare stokjes af. Koud is ze en hongerig, maar in de gloed van de vlammetjes verschijnen voor haar geestesoog een reeks hartverwarmende taferelen: tafels vol dampende gerechten, een gelukkige familie, verenigd rond de kerstboom, grootmoeder die altijd zo lief voor haar was.

Doodvriezen
Zijn boeken niet net zoiets als de zwavelstokjes in dat sprookje? Handel zit er niet meer in, maar ze verspreiden tenminste een rijkdom aan beelden, ideeën, fantasieën, waardoor je de crisis even vergeet.

Het zou een mooi besluit zijn van dit verhaal, ware het niet dat Andersen het meisje keihard laat doodvriezen - de hemel is haar enige troost, en de enige troost voor de lezer.

Zelf zou ik u liever in een vrolijker stemming willen achterlaten, al moeten we daarvoor naar de kringloopwinkel, waar velen van ons tegenwoordig sowieso vaker dan ooit te vinden zijn. Ook ik struinde daar dus rond, op een koude, regenachtige dag in november. Niet om boeken te kopen natuurlijk, want ik had thuis nog twee zwaarbeladen tassen in de gang staan, maar op jacht naar kleren. Maar nadat ik wat had gegrabbeld in de bak met mutsen voor één euro, werd ik natuurlijk tóch naar de rekken met boeken gezogen waarin veel tuin- en kookboeken stonden, naast oude bestsellers van de onvermijdelijke Donna Tartt.

Vrolijker werd ik daar niet van, totdat mijn oog viel op vier essaybundels van Renate Rubinstein, die ik zonder het te beseffen heel erg had gemist, sinds de jaren zeventig, toen ik ze nog leende van een inmiddels overleden vriend, wiens boeken ook alweer verspreid zijn over diverse ... ja, misschien waren ze zelfs wel van hem geweest!

Voor de prijs hoefde ik het niet te laten. En zo fietste ik, dik ingepakt, toch weer met een stapeltje naar huis en voelde me uitzonderlijk rijk en tevreden. Niemand in die winkel had kennelijk door hoeveel die boeken eigenlijk waard waren! En toen ik thuis mijn nieuwe schatten opensloeg en begon te lezen, was het alsof de schrijfster in levenden lijve voor me stond, herboren uit vergeeld papier. Ik verheugde mij over het lezen dat mij te wachten stond. En ik verwonderde mij over het verschil tussen geld en waarde, over de kringloop van alle dingen en de wederopstanding van woorden, die aan papier zijn toevertrouwd.

Maar die tassen staan nog steeds in de gang.

Trouw.nl is vernieuwd. Ter kennismaking mag u nu gratis onze artikelen lezen.

Deel dit artikel

Advertentie