Uw profiel is aangemaakt

U heeft een e-mail ontvangen met een activatielink. Vergeet niet binnen 24 uur uw profiel te activeren. Veel leesplezier!

Wat maakt Volkerts vrijheid zo moeilijk?

Home

Marc van Dijk

Pim Fortuyn. © Dirk Hol, Novum

In het Filosofisch Elftal analyseren twee denkers een actuele kwestie. Het idee dat Volkert van der G. op verlof mag, wekt onbehagen. Moet dat consequenties krijgen?

De aankondiging dat Volkert van der G., de moordenaar van Pim Fortuyn, komend voorjaar mogelijk op verlof mag, leidde tot heftige reacties. Direct klonken er ernstige bedreigingen aan zijn adres, inclusief oproepen om geld te storten om de verdediging te bekostigen van een eventuele aanslagpleger die 'het vuile werk' zou doen dat de wraak zou beklinken. Politie en justitie zeggen de bedreigingen 'uiterst serieus' te nemen.

Wat te doen met gevoelens van onmacht of zelfs wraaklust jegens een politieke moordenaar? Vormen deze emoties een aparte categorie binnen de rechtsstaat?

Bart Jan Spruyt, historicus en conservatief publicist: "De recente discussie over een mogelijk proefverlof voor Volkert van der G., en het vooruitzicht dat hij in mei 2014 waarschijnlijk voorgoed vrijkomt, zadelt ons op met een hoogst ongemakkelijk gevoel. Enerzijds lijkt het recht gewoon zijn loop te hebben. Van der G. werd in 2002 tot 18 jaar cel veroordeeld, heeft dan twee derde van zijn straf uitgezeten, en komt dan dus vrij."

Marli Huijer, bijzonder hoogleraar filosofie aan de Erasmus Universiteit Rotterdam: "En anderzijds? Volgens mij kan er in een democratie geen sprake zijn van een ongemakkelijk gevoel als het recht zijn loop heeft. Het recht is het recht. Dat wij ons daar ongemakkelijk bij voelen, is een heel ander domein. Per definitie voelen de meeste mensen zich ongemakkelijk bij misdaden, bij het besef dat de mens ook het kwaad in zich heeft."

"Juist omdat we dit besef hebben, hebben we een juridisch bestel. Om te zorgen dat die gevoelens van ongemak of zelfs wraaklust toch op een redelijke en verantwoordelijke manier vertaald worden in een straf. Voor zover er ongemak is, komt dit voort uit de misdaden zelf, en niet uit het verfijnde systeem dat deze daden op beheerste wijze beantwoordt."

Spruyt: "Nee, mijn onbehagen betreft wel degelijk ook het systeem. De rechtbank heeft destijds gevonnist dat de moord op Pim Fortuyn geen zodanige inbreuk op het democratisch proces is geweest dat een levenslange gevangenisstraf gerechtvaardigd was. Dat blijft knagen."

Debat
Spruyt: "Een van de belangrijkste spelregels die wij in Nederland met elkaar hebben afgesproken, is dat de overheid het geweldsmonopolie heeft. Wij burgers beslechten onze conflicten geweldloos. Dat heet democratie. Volkert van der G. heeft er welbewust voor gekozen om Pim Fortuyn te vermoorden. Hij had ook met hem in debat kunnen gaan over zijn vermeende 'gevaarlijke' opvattingen, of een partij kunnen oprichten om het Fortuynisme te keren."

"Hetzelfde geldt voor Mohammed B. Hij schoot in november 2004 Theo van Gogh dood omdat die de islam zou hebben beledigd. Van Gogh wist hoe het hoorde: zijn laatste woorden waren de vraag of B. en hij 'er niet over konden praten'. Nederlandser, democratischer kan het niet. Maar B. erkende onze spelregels niet. Hij had zijn eigen spelregels, opgetekend in de Koran, het boek van God dat hij verheven achtte boven onze menselijke Grondwet. Mohammed B. kreeg wél een levenslange gevangenisstraf. Dat toont ook de zwakte van het vonnis over Volkert van der G."

Lees verder na de advertentie

 
Van Gogh wist hoe het hoorde: zijn laatste woorden waren de vraag of B. en hij 'er niet over konden praten'.

Huijer: "Je brengt twee moorden met elkaar in verband, waarvan je je kunt afvragen in hoeverre ze vergelijkbaar zijn. Het blijven bovendien incidenten. Het is onverantwoord om op grond daarvan te zeggen hoe ons juridisch bestel in elkaar zou moeten zitten."

Spruyt: "Volkert van der G. maakte een einde aan het leven van een politicus die op het punt stond de verkiezingen te gaan winnen - populair als hij was omdat hij zei wat hij dacht en daarmee terecht bepaalde taboes doorbrak. Hij ging de beloning incasseren van een bevolking die hem als breekijzer waardeerde. Zijn dood veroorzaakte een ongekende consternatie. Van der G. keerde zich niet alleen tegen onze democratie, maar belemmerde ook het democratisch proces dat door zijn daad een geheel ander vervolg heeft gekregen dan wanneer hij zijn daad niet had verricht."

Huijer: "Dat kan allemaal best zo zijn, maar wat wil je daarmee zeggen? Dit zijn de overwegingen van een burger, van een politiek denker. Maar de scheiding der machten gebiedt dat het aan de rechter is om deze moord juridisch te wegen en de strafmaat te bepalen. Wie op grond van politieke argumenten een juridisch vonnis bekritiseert, doorbreekt zelf de spelregels die hij zegt te verdedigen.

Giftige sfeer
Huijer: "Het is aan het strafrecht om over misdadigers te oordelen, wij hebben ons daar naar te voegen. En als de straf voltooid is, hebben wij als burgers de plicht om die persoon weer in ons midden op te nemen. Politici als Rutte en Teeven zouden ons daarin moeten aanmoedigen, in plaats van met de media mee te gaan in het creëren van een giftige, primitieve, vijandige sfeer. Volkert van der G. is een onderdeel van de Nederlandse samenleving. We moeten ons richten op verzoening, ook met pedofielen en moordenaars, als hun straf er eenmaal op zit."

Spruyt: "Verzoening is een gecompliceerd proces, waar je beide partijen voor nodig hebt - slachtoffer of nabestaanden én dader. Voordat je daar überhaupt aan zou kunnen beginnen, zou een dader op geloofwaardige wijze berouw moeten tonen. Maar van enig berouw is bij van der G. nooit sprake geweest - net zo min als bij Mohammed B. trouwens. Proefverlof voor een dergelijke moordenaar is daarom meer dan ongemakkelijk, het is strijdig met de meest elementaire overtuigingen van rechtvaardigheid. Geen toonbeeld van beschaving, maar een gevaarlijke ondergraving van de geloofwaardigheid van de rechtsstaat. Het is hoogst pijnlijk om te zien dat de dader die deze aanslag op onze democratie heeft gepleegd, na twaalf jaar gewoon weer vrij man is en zijn veganistische hobby's kan hervatten. Het lijkt me daarom het beste als Van der G. - als hij dan toch vrij moet komen - een nieuwe identiteit krijgt, zijn paspoort inlevert en snel emigreert."

Huijer: "Dat betekent dat Volkert van der G. niet in Nederland welkom zou zijn, maar wel goed genoeg is voor een ander deel van de wereld? In feite zou dat betekenen dat hij moet worden verbannen. Het spijt me, maar dit klinkt werkelijk middeleeuws."

 
Wie op grond van politieke argumenten een juridisch vonnis bekritiseert, doorbreekt zelf de spelregels die hij zegt te verdedigen.

Deel dit artikel