Wandelen door het Nieuwe Testament

home

Simone Korkus

Een Amerikaans echtpaar dat van wandelen houdt, heeft in Israël een route van 65 kilometer uitgezet langs plaatsen waar Jezus geweest zou zijn.

In de El-Bisjarastraat in Nazareth sla je voor het drukke restaurant ’Tiesrien’ rechtsaf. Onder de glinsterende paarse guirlandes met schreeuwerige kerststerren bieden de toeristenwinkeltjes hun kerststalletjes aan. Chauffeurs rijden ongeduldig toeterend voorbij. Een lichte klim door de smalle steegjes voert naar de bruidjesmarkt, de openluchtmarkt waar Arabische geliefden alles voor de bruiloft vinden. Een versleten deur in de oude poort opent knarsend en geeft toegang tot een donkere steeg. Als door een tijdmachine meegenomen, sta je plotseling in een andere wereld.

Dit is het begin van het Jezuspad, een 65 kilometer lange pelgrims-wandelroute die langs plaatsen uit het leven van Jezus voert. Hier, in een van de alkoven, had Jozef –misschien– tweeduizend jaar geleden zijn timmerwerkplaats. Op de eerste etage woonde hij met zijn vrouw Maria. Op een dag verscheen in deze steeg de stadsomroeper die het decreet van de Romeinse keizer Augustus voorlas. Alle Joden werden opgeroepen om zich voor een volkstelling te melden in de stad waar hun geslachtslijsten bewaard werden. Voor Jozef betekende dat een reis naar Bethlehem.

Nazareth ligt in Galilea, in het noorden van Israël. Bethlehem ligt 110 kilometer zuidelijker, aan de andere kant van de afscheidingsmuur op de Westelijke Jordaanoever. Het Jezuspad is hier nog niet aangelegd. Per auto is die afstand, ondanks het oponthoud bij de militaire controleposten, in twee uur af te leggen. Alleen voor toeristen dan. Want Israëliërs mogen niet naar het Palestijnse Bethlehem, en omgekeerd mogen de Palestijnen uit Bethlehem nauwelijks hun stad uit. Hoelang zouden Jozef en de zwangere Maria over deze afstand hebben gedaan? En wat beleefde Jezus zelf toen hij dertig jaar later, nog altijd volgens de christelijke evangeliën, als leraar door Galilea reisde en naar Jeruzalem trok?

Deze en andere vragen stelden de jonge Amerikaanse gidsen Anna en David Landis zichzelf drie jaar geleden bij aankomst in Israël. Zij deden een historische zoektocht naar de voetstappen van Jezus met behulp van opgravingen, geschriften en discussies. Het mennonietenechtpaar, ervaren in internationale trektochten –van de tocht naar het basiskamp op de Mount Everest tot en met de pelgrimsroute naar Santiago de Compostela in Spanje– slaagde na een jaar van onderzoek, in samenwerking met de Israëlische overheid, het Jesus trail, het Jezuspad, te openen. Het pad is bedoeld om op dezelfde manier gevolgd te worden als Jezus ooit zou hebben gedaan: te voet.

„We willen de bezoekers kennis laten maken met de verschillende culturen en mensen van toen en nu”, legt David uit. „In de tijd van Jezus stond Galilea bekend om zijn religieuze en etnische diversiteit. Jezus had geen angst voor mensen die hij op zijn weg aantrof en die anders waren dan hijzelf. Hij ontmoette vele vreemdelingen en heidenen.”

Galilea is nog altijd een mengeling van culturen en geloven, met 600.000 Arabische moslims en christenen, 500.000 joden en 90.000 druzen plus nog diverse andere groeperingen en geloven.

Het vernieuwde Jezuspad is anno 2010 ook een tocht door ’het conflict’. Sommige Joodse Israëliërs durven Arabische dorpen of stadsdelen niet te betreden. Joodse dorpen in Galilea keren zich tegen de vestiging van Arabieren in hun gemeentes of stellen als voorwaarde een zionistische eed van trouw. Voor veel Arabieren is de Nakba , de Palestijnse ramp, waarbij ruim 700.000 Arabieren tijdens Israëls onafhankelijkheidsoorlog van huis en haard werden verdreven geen geschiedenis, maar de dagelijkse realiteit. Ze wachten nog altijd op de terugkeer naar hun huizen en landerijen, waar nu Joden zitten.

David Landis: „We pretenderen niet dat we met onze wandelroute het conflict oplossen, maar als je de ander persoonlijk leert kennen, met elkaar communiceert en samenwerkt, dan ben je minder geneigd om hem te dehumaniseren.”

Als we even later over de winterse heuvels door kniehoge doornstruiken en zilvergrijze olijfgaarden naar Seforis ofwel Tsipori lopen, dat tweeduizend jaar geleden een van de hoofdsteden van Herodes Antipas was, zien we de hedendaagse etnische smeltkroes in de praktijk.

Een Israëlische boer passeert op een tractor, Arabische schoolkinderen haasten zich naar school, verderop bewerken Thaise gastarbeiders het land.

Toeristen, pelgrims, Israëlische tsabariem (geboren en getogen Joodse Israëliërs) en Russische emigranten kruisen het pad. Duizenden wandelaars hebben het traject inmiddels al afgelegd.

De Nederlandse pastoor Sjaak de Boer, van de Engelstalige rk parochie Church Of Our Saviour in Den Haag, wist zich onder een oude olijfboom het zweet van het gezicht. „Ik was al eens naar Santiago de Compostela gelopen, dus leek het pad van de Baas me een logisch vervolg.”

Van heiligheid, stilte en verdieping is volgens de geestelijke in Israël weinig te merken. De reden waarom Jezus tegen de religieuze en politieke praktijken tekeerging, is nog volop aanwezig. In Israël zijn mensen op allerlei manieren met hun heiligste overtuigingen bezig, maar vaak wordt religie een doel in plaats van een instrument.”

Er valt een stilte .

„Dit is nu juist het moment voor reflectie”, legt De Boer uit. „Je ziet letterlijk links en rechts joden, christenen en moslims grote offers brengen voor hun overtuiging en wij lopen er aan voorbij. Wat begrijpen we er eigenlijk van? Wat is er nog heilig voor jezelf? Is er nog iets waar we warm voor lopen en wat doen we daar dan mee? Zo’n wandeltocht brengt je weer een beetje op die weg met God. Niet op zoek naar God. Je herkent hem af en toe in de natuur, in de gesprekken met reisgenoten, in de getuigenis van de vele vrijwilligers in synagogen, moskeeën en kerken die al jarenlang belangeloos goed werk doen.”

In het Arabische dorpje Kana waar Jezus zijn eerste wonder verrichtte door water in wijn te veranderen, blokkeren de toeristenbussen de ingang. Ze brengen het verplichte tien minuten bezoek aan de Franciscaner huwelijkskerk om daarna pijlsnel naar de volgende bezienswaardigheid te reizen.

Maar na een wandeltocht van 25 kilometer over het Jezuspad zijn een douche, een warme maaltijd en een rustplaats voor de vermoeide voeten van de wandelaar geen overbodige luxe. Dat hebben de inwoners van Kana ook begrepen. Kleine pensions schieten er als paddenstoelen uit de grond. Sami en Soead hebben hun woning omgetoverd tot ’Kana bed & breakfast’. Hun acht kinderen zijn het huis uit, ze verhuren nu 35 eenvoudige bedden, verdeeld over zeven kamers. Voor zo’n 20 euro per nacht vind je hier een bed met douche en ontbijt, inclusief een vers geperst glaasje druivensap op het terras. Soead serveert haar makabis (groente in het zoetzuur) en makloebe (rijst met vis), die de gasten samen met de eigenaren nuttigen. ’s Avonds rookt Sami met de bezoekers de waterpijp. Het is voor iedereen een interessante ervaring om naar elkaars verhalen en ervaringen te luisteren.

Anna Landis: „Of dat verbroedering is of een manier van geld verdienen? Het is een aardige manier voor toeristen om mensen thuis in hun eigen omgeving te leren kennen. Als toerist logeer je meestal in grote hotels aan het meer van Galilea en heb je nauwelijks contact met de lokale bevolking.” Ze bevestigt dat een bijeffect van het Jezuspad is dat de economie van de plaatselijke gemeenschap een steuntje in de rug krijgt.

„Kleine bedrijfjes, die meer afgelegen liggen, krijgen de kans om zich te ontwikkelen. Tegelijkertijd heeft het pad de potentie om Israëlische Joden en Arabieren bijeen te brengen. Het is een multiculturele inspanning van de lokale en internationale medewerkers.”

Halverwege het traject, achter de McDonalds, loopt de Romeinse weg, bezaaid met achteloos weggeslingerde McNuggetdoosjes . Niets op deze plaats wijst er op dat deze Via Maris, de Zeeweg, een van de belangrijkste handelsroutes in Palestina van de eerste eeuw was, die Europa met Azië verbond.

De zijde- en wierookroutes vanuit Iran en China liepen langs deze weg naar de kust van Klein-Azië. Apostel Paulus die op weg was naar Damascus om christenen te vervolgen, hoorde hier de woorden ’Saulus, Saulus, waarom vervolgt gij Mij?’ en bekeerde zich.

Afgezien van de markeringspunten, zijn er op het Jezuspad geen borden met uitleg of verwijzing naar de geschiedenis en de gebeurtenissen in de Bijbel. Zonder toelichting van een gids of zelfstudie van het gebied is het Jezuspad zoals elk ander pad; een aardige wandelroute voor de gemiddelde wandelaar.

Het Jezuspad is nog maar voor een deel aangelegd, tot het meer van Galilea. Het is volgens Anna en David Landis de bedoeling dat het zich in de toekomst tot Jeruzalem en mogelijk Bethlehem zal uitstrekken.

Net voor het eindpunt biedt de Arbelberg een spectaculair uitzicht op het meer van Galilea tegen de ondergaande zon.

De gedachte van pastoor De Boer over een universeel verlangen naar echt geloof, hoop en liefde voor alle mensen blijft even in de lucht hangen. Dan doemen de grauwe wolkenkrabbers van Tiberias op.

Lees verder na de advertentie
(Trouw)
(Trouw)
. (FOTO ALON LEVITE)
(Trouw)

Trouw.nl is vernieuwd. Ter kennismaking mag u nu gratis onze artikelen lezen.

Deel dit artikel

Advertentie