Uw profiel is aangemaakt

U heeft een e-mail ontvangen met een activatielink. Vergeet niet binnen 24 uur uw profiel te activeren. Veel leesplezier!

Walter van Oel tussen inspiratie en genade

Home

Merel Ligtelijn

Walter van Oel exposeert in het Museum Jan van der Togt in Amstelveen nieuw werk geïnspireerd op zijn rondreis door China en Tibet. De tocht, fotografisch vastgelegd door Johan Koelen, stond in het teken van de Dalai Lama en 'het hogere ontmoeten'. Resultaat: ruim dertig schilderijen en objecten van een transcendentale schoonheid.

Van Oel (1942) die zijn hele leven keihard werkte, reisde de laatste vijftien maanden alleen 'meditatief'. In die periode van geestelijke bezinning zag hij niemand behalve zijn vrouw. ,,Ik wilde pas naar buiten treden als ik niet meer weg te branden zou zijn. Het is nu zover. Men zegt dat ik tot de wereldtop behoor.'' De laatste maanden schilderde Van Oel als in trance. Onafgebroken, dag en nacht. ,,Ik kan niet anders. Het proces van inspiratie is gelijk aan het proces van genade: het voltrekt zich aan je. Creativiteit begint natuurlijk pas met die input van boven. Al dat andere, van die dames op leeftijd die ik aquarelles heb gegeven, is niets meer dan expressie. Dus, ik móet me wel open stellen. Wat dat betreft is de menselijke vrijheid heel gering.''

Jarenlang was de natuur Van Oels onderwerp. Toen hij in 1987 erg ziek werd, begon hij vooral bloemen te schilderen: ,,Ik wilde de energie die de natuur ons biedt naar buiten brengen. Maar toen men mij opeens wilde gaan lanceren als de tweede Kees Verwey, kreeg ik er geen bloem meer uit. Vreselijk. Mijn werk werd toen geleidelijk geabstraheerder, abstract uiteindelijk. Het was het begin van een nieuwe periode.''

Tekens, kruizen, noppen, grillige en rechte lijnen markeren nu zijn werk. Grote doeken, vaak minstens twee bij twee meter, beschildert hij met duizelingwekkende vormpatronen. De kleuren zijn fel, vol en contrasterend. Schilderijen als mandala's, vurige zoektochten door het oneindige, afdalingen in de duistere spelonken van het onderbewustzijn. Van Oel: ,,Veel lijnen, hè? Horizontaal staat voor de onvolkomen, dierlijke mens. Verticaal is waar we naartoe gaan. Op het kruispunt ertussen kan de mens gestalte krijgen. Het menselijk streven is dàt punt te bereiken.''

'Tibetaanse Nacht' is gitzwart met grillige, felle kleurbanen. Het representeert weliswaar de moord in een klooster op drieëneenhalf duizend Tibetanen, maar de kleurbanen verwijzen juist apert naar de 'zuivere energie van de vermoorde monniken': ,,Hun ziel en kracht overwinnen op dit doek. De totale output ervan is dus positief.''

Wat die 'totale output' betreft: Van Oel werkt, zegt hij, als een van de eersten 'geestelijk milieuhygienisch'. Ofwel: zijn werk brengt rust en stilte en heeft een positieve geestelijke invloed op de kijker. Steeds meer past hij ook puur goud toe. ,,De kier tussen de werelden is goud, wist je dat? De werking van dit materiaal is helend, dat is heel belangrijk. Met de snelheid van het licht vindt informatie-uitwisseling plaats tussen kijker en kunstwerk, dus ik zou graag willen dat eens onderzocht wordt hoe je de uitwerking van kunst concreet kunt meten. Krijg je er migraine van? Angstgevoelens?''

Want kunst, vindt Van Oel, moet gelukkig maken, louteren. ,,Net als de Dalai Lama ben ik bezig met bewustzijn, vrede en harmonie. Herinner je je dat gedonder laatst in dat ziekenhuis? Een schilderij op zaal had een averechtse invloed op het genezingsproces van het zieke kind dat er tegenaan moest kijken. Het werk is weggehaald, maar de kunstenaar is toen een juridische procedure begonnen om zijn positie te verdedigen. Dat kan toch niet! En laatst kreeg iemand van de provincie een prijs voor zijn schilderij met een realistisch afgebeelde verkrachtingsscène, onbegrijpelijk. Wat je schildert ben je in feite zelf, denk ik dan altijd. Ja, Goya schilderde in zijn tijd vuurpelotons, maar dat waren gebeurtenissen waar niemand van wist. Hij was een voorloper.''

,,Mijn werk ligt volgens kunstcriticus Frans Duister op de bodem van de ziel der mensheid'', zegt Van Oel. Papoea's die zevenduizend jaar terug dezelfde symbolen gebruikte als hij nu, een vaas in China versierd met tekens die hij thuis in een schilderij had gebruikt. ,,Alles is met elkaar verbonden'', weet Van Oel. ,,In mijn werk ben ik introvert, een solist. Ik ga nooit naar exposities, reproduceer niets, vergelijk niet, dus alles komt uit mezelf. Mijn hart denkt - iets wat iedereen zou moeten leren. Tijdens mijn ziekte deed ik aan transcendente meditatie en kreeg een visioen dat, zo las ik later, door verschillende anderen in de eeuwen vóór mij is ervaren: Ik zat op een roze wolk en at stukken goud. De boodschap? Dat ik dat goud ook geestelijk moet eten.''

Deel dit artikel