Uw profiel is aangemaakt

U heeft een e-mail ontvangen met een activatielink. Vergeet niet binnen 24 uur uw profiel te activeren. Veel leesplezier!

Waarom we niet vertellen

home

Hinke Hamer

Bijna iedereen heeft wel geheimen, maar kunnen zij ook kwaad? Andreas Wismeijer onderzocht de relatie tussen gezondheid en geheimen en schreef er een boek over.

Andreas Wismeijer: 'Soms is het echt beter een geheim voor jezelf te houden'. (Werry Crone)

Wetenschappelijk onderzoek naar geheimen vond voor het eerst plaats in de jaren zeventig. De Amerikaanse hoogleraar psychiatrie Irvin Yalom onderzocht geheimen op hun inhoud. En wat bleek? Bijna alle geheimen hadden met seks te maken.

Hoogleraar communicatiewetenschappen Anita Vangelisti en psychologe Anita Kelly, beiden ook Amerikaans, voerden soortgelijke studies uit in de jaren negentig en kwamen allebei ook tot de conclusie dat de meeste geheimen met seks te maken hadden.

Om een lang verhaal kort te maken: uit alle studies die tussendoor en daarna zijn uitgevoerd, blijkt dat verreweg de meeste van onze geheimen met seks te maken hebben. Op de tweede plaats relationele problemen, op de derde plaats geheimen rond een ziekte.

Psycholoog Andreas Wismeijer heeft wel een verklaring voor de onbetwiste nummer één. „Seks is té intiem om over te praten.”

Van Wismeijer (Rotterdam, 1975) verscheen gisteren het boek ’Geheimen: de psychologie van wat we niet vertellen’. Hij schreef het boek samen met journaliste Mirre Bots, die interviews hield met geheimhouders en opbiechters. Wismeijer zelf verzorgde de psychologische theorieën en achtergronden. Anders dan de populaire, paars-rode voorkant van het boek doet vermoeden, is zijn verslag gestoeld op wetenschappelijke bevindingen. Want hoe ongrijpbaar geheimen ook zijn, een beetje psycholoog weet ze best te vangen.

Wismeijer studeerde psychologie in Tilburg en vertrok daarna voor een postdoctorale opleiding naar Barcelona. Aanvankelijk slechts voor korte tijd, maar aangetrokken door de liefde en het land bleef hij er plakken. Na zes jaar zat hij er nog steeds.

In Spanje had hij vrienden bij de vleet en bracht hij veel zaterdagavonden door aan flinke tafels met veel eten. Maar hoewel er tal van interessante mensen waren om mee van gedachten te wisselen, werd er nooit écht gepraat, viel Wismeijer op. „Open gesprekken werden zelden gevoerd. Als ik wilde vertellen over hoe het er thuis aan toe ging, of als ik om advies vroeg rond problemen op mijn werk, liep ik tegen een muur op.” Dus belde Wismeijer wat vaker naar Nederland. Daar waren wél vrienden en familieleden met wie de gesprekken dieper gingen. De geslotenheid moest typisch Spaans zijn, besloot hij.

Zijn frustratie deelde hij met de Tilburgse hoogleraar Ad Vingerhoets, met wie hij ondanks de afstand contact had onderhouden. Was de ’mate van blootgeven’ geen interessant onderwerp voor een proefschrift? Vingerhoets had toevallig eerder wat artikelen verzameld over geheimen. En zo kwam het dat Wismeijer door de Spanjaarden op een idee was gebracht en in de Spaanse zon met Nederlandse data aan de slag ging.

Naar geheimen was nauwelijks onderzoek gedaan, bleek al snel. Met het bepalen van de wetenschappelijke methode zou je immers al snel op grenzen stuiten. Wismeijer: „Je kunt moeilijk aan mensen vragen: ’schrijf je grootste geheim op’.” Hij vermoedt zelfs dat psychologen voorheen huiverig waren voor het onderwerp. „Het is moeilijk af te bakenen. En waar moet je beginnen?”

Zelf begon Wismeijer aan de keukentafel van hoogleraar Vingerhoets, die zijn promotor werd. Gesprekken gingen er gedetailleerd aan toe. „Was vreemdgaan een emotioneel belastend geheim? Of was het wel een geheim, maar was het niet emotioneel belastend? Stiekem roken? En wat maakt een geheim schadelijk?”

Wismeijer promoveerde en zijn onderwerp bleek populair. Al gauw stonden geïnteresseerden rijen dik voor zijn werkkamer op de Tilburgse universiteitscampus, klaar om hun diepste geheimen uit de doeken te doen. Hoe geheimenonderzoek zo’n aantrekkingskracht kon hebben? „Iedereen heeft geheimen. Heel anders is dat met onderzoek naar depressies of psychoses – daarmee heeft niet iedereen ervaring. Er ís iets met geheimen, intuïtief wringt en knelt het.”

Het kwam niet altijd gelegen, al die mensen in de rij voor Wismeijers werkkamer. Zeker niet als ze van heinde en verre op de stoep stonden, tien minuten voor Wismeijer college moest geven. Blijkbaar was er behoefte aan een plek waar mensen met hun geheimen terechtkonden. Zo ontstond het idee voor de website www.geheimenvan.nl, die Wismeijer bouwde, samen met zijn collega Alexander Waringa van het Academisch Trainingscentrum.

De website heeft wat weg van een forum bij een damesblad, maar Wismeijer vindt die kwalificatie te licht. „Schrijven over een geheim helpt om afstand te creëren en je gedachten te structureren”, zegt hij. De site bestaat nu twee jaar en sindsdien hebben heel wat anonieme schrijvers hun geheimen toevertrouwd. Sommige geheimen leidden tot uitgebreide discussies en zelfs hulpverleners zijn er actief. De site voorziet in een behoefte. Wismeijer: „Ik heb al verschillende mails gehad van mensen die me bedanken voor het bouwen van de site. Sommige bekentenissen, al is het enkel aan een website, maken veel los.”

Een geheim kan immers zwaar aan een mens hangen. En toch heeft het niet vertellen van geheimen een functie. „Geheimen zijn belangrijk bij het onderhouden van sociale relaties”, legt Wismeijer uit. „Sommige dingen moet je voor jezelf houden om uitstoting uit de groep te voorkomen. Want als een geheim boven tafel komt, is er altijd een risico op afwijzing. Afwijzing doet pijn – fysieke pijn zelfs. En dat wil je niet, dus houd je dingen voor jezelf.”

Wismeijer gaat nog een stap verder: „Evolutionair gezien kan een geheim je overlevingkans in de groep verhogen. Als je die ene bessenstruik geheimhield, was jij de enige die ervan profiteerde.”

Maar geheimhouding heeft ook een keerzijde. Het maakt dat je gedachten aan je geheim doorlopend moet onderdrukken, uit angst dat je je mond voorbij praat. Maar dat maakt juist dat die gedachten steeds vaker opduiken. „Dat kan leiden tot een vicieuze cirkel, soms met piekeren, somberheid en eenzaamheid tot gevolg.”

Wismeijers boek behandelt het onderwerp genuanceerd. „In damesbladen lees je vaak dat geheimen niet goed voor je zijn. Dat je ze vooral moet opbiechten”, zegt de psycholoog. Anders is dat in ’Geheimen: de psychologie van wat we niet vertellen’. Een pleidooi voor het één of het ander is het boek niet – of een geheim nou relationele problemen betreft, of een ziekte, of tóch seks. Aan elke eventuele bekentenis gaat een kosten-batenanalyse vooraf. „En soms is het écht beter om een geheim voor jezelf te houden.”

Trouw.nl is vernieuwd. Vanaf nu is onbeperkte toegang tot Trouw.nl alleen voor (proef)abonnees.

Deel dit artikel

Advertentie

Wilt u dit artikel verder lezen?

Maak vrijblijvend een profiel aan en krijg gratis 2 maanden toegang tot Trouw.nl.

Het e-mailadres bij dit profiel is nog niet bevestigd. Een link om te bevestigen kun je vinden in je inbox.
Ben je de link kwijt? Vraag hier een nieuwe aan.

Ongeldig e-mailadres

Wachtwoord is niet correct

tonen

Wachtwoord komt niet overeen

tonen

U moet akkoord gaan met de gebruiksvoorwaarden

Wij gaan vertrouwelijk om met uw gegevens. Lees onze privacy statement.