Uw profiel is aangemaakt

U heeft een e-mail ontvangen met een activatielink. Vergeet niet binnen 24 uur uw profiel te activeren. Veel leesplezier!

Vulkaan Tambora zorgde voor jaar zonder zomer

Home

Dick de Mildt

De ontploffing, in april 1815, van de vulkaan Tambora op het Indonesische eiland Soembawa was de krachtigste uitbarsting sinds mensenheugenis en zij kostte aan tienduizenden het leven.

Wereldwijd leidde ze door de gigantische uitstoot van vulkaanstof in het jaar daarop tot ernstige klimaatverstoring. In ’het jaar zonder zomer’, zoals 1816 wordt genoemd, daalde de gemiddelde temperatuur met een halve graad Celsius, wat resulteerde in misoogsten, hongersnoden en sociale onrust.

In juli 1816 beschreef ex-kapitein Cornelius de Jong van Rodenburgh van zijn landgoed te Vught de gevolgen voor Nederland aan familieleden aan de Kaap: „De zomer is buiten voorbeeld nat, koud en slecht. Alle lage weilanden staan onder water en ook vele akkers, zoo hier als elders, hetwelk eene zoo ongewone duurte geeft als niemand heugd. Het vat aardappelen, gemeenlijk van 3 tot 5 stuivers in prijs kost nu 24 en 28 stuivers; zij worden in de stad bij den tel, bij het getal, verkocht en kosten ruim 1 duit het stuk. De koeijen heeft men meest over al op de stallen moeten halen en weinig is er te voederen. (...)

Nooit, ten minste bij geen menschengeheugen, is er zulk een zomer beleefd. Niet alleen dagelijksch ruw weder, regen, wind, gure koude, zonder warmte, maar ook de rivieren zijn uit hunne oevers getreden en rigten de schromelijkste verwoestingen aan.(...) Onzen zwager van Beresteyn heeft nu in Julij reeds al een geruimen tijd zijn vee op stal en zit zonder voeder, daar zelfsch de loonakker ... onder water staat. Alle mijne buren in het rond zitten onder en velen hebben rogge, haver en boekweit moeten afmaaijen tot voeding van de beesten.”

In een terugblik, het jaar daarop, schrijft De Jong aan zijn kinderen:

„Indien er een gelijken zomer als die van verleden jaar gevolgt was, dan ook was de hongersnood menschelijker wijze onvermijdelijk geweest. Het nijpenste gebrek heerschte allerwegen, menschen die 3 gulden in de week wonnen waren letterlijk behoeftig. Hun ontbrak het nodige en niemand zal zeggen hoe veel menschen er door ellende en gebrek bezweken zijn.(...)

Deel dit artikel