Uw profiel is aangemaakt

U heeft een e-mail ontvangen met een activatielink. Vergeet niet binnen 24 uur uw profiel te activeren. Veel leesplezier!

Vrijzinnigen moeten orthodoxe aanvallen pareren

Home

ANNE VAN DER MEIDEN

Er zijn van die golfbewegingen in ons kerkelijk leven waarin zo nu en dan de vrijzinnigen de rol van zondebok spelen. De laatste weken hebben we met enkele staaltjes daarvan kennis kunnen maken.

Den Heyer, de gereformeerde hoogleraar uit Kampen met zijn omstreden opvatting over de verzoening, is tot vrijzinnige verklaard. Zelfs door J. van der Graaf van de Gereformeerde Bond, als ik het goed heb begrepen. Erger kan niet. Vrijzinnig zijn is zelfs nog veel erger dan rooms, zegt Van der Vlist van de SGP in zijn oproep aan het meisje Van den Broek, de toekomstige vrouw van prins Maurits, om hervormd te worden (Trouw 6 februari).

Herhaaldelijk is de vrijzinnigheid de laatste tijd, ook blijkens citaten in deze krant, in verband genoemd met de pedofilie-affaire, de teloorgang der normen en waarden en de al te grote vrijheid van de theologen. En passant wordt dan Den Heyer als afschrikwekkend voorbeeld genoemd van hoe ver de vrijzinnigheid de kerk verwijderen kan van het 'hart van de leer', namelijk het leerstuk der juridische verzoening, de zogenaamde 'satisfactie theorie': Gods toorn moet gestild worden door het bloed van Christus. Ik ga niet in op de strijd rond de verzoening, maar heb slechts één vraag aan de orthodoxe theologen. Als het zo'n hartszaak is, waarom zegt Jezus er zelf dan vrijwel niets over en waarom staat het 'leerstuk' niet in het Apostolicum, de geloofsbelijdenis die elke zondag in de orthodoxe kerken wordt voorgelezen?

Protesteren

Ik meen oprecht dat het tijd wordt dat de geïnstitutionaliseerde vrijzinnigen, in de Nederlands Hervormde kerk, de Remonstrantse Broederschap, de Nederlandse Protestanten Bond en een deel van de Doopsgezinden eens luid en duidelijk protesteren en zelfs waarschuwen tegen deze domme insinuaties en propagandistische trukjes van de rechterzijde van gelovig Nederland.

Er zijn voorlopig drie kernzaken waarin duidelijkheid moet komen.

De eerste is dat kerkmensen van rechtse signatuur in de regel beslist niet weten wat de vrijzinnigen voorstaan. Men kan zeggen dat dit vooral aan de vrijzinnigen zelf ligt, maar er is een sterke afkeer om ook maar iets te leren van de vrijzinnigen. Er is veel literatuur voorhanden en de bronnen zijn toegankelijk, maar orthodoxen leven kennelijk veel liever met een schrikbeeld. Alles wat ook maar enigszins bedreigend overkomt is jeugdbedervend, leidt tot afbraak van vormen en waarden en doet dominees ontsporen.

Op dit ogenblik is het de verzoeningsleer. Morgen is het (weer) de opstanding en ik heb nog een paar items die in aanmerking komen: de goddelijkheid van Jezus, de wonderen, de wederkomst en de hemel en de hel. Eenmaal op gang gekomen zal niets meer de opkomende vloed tegenhouden en vindt de grote afrekening plaats.

De tweede kernzaak waarin duidelijkheid moet komen is het vrijzinnige erfgoed dat tal van erfgenamen heeft gevonden in de kerken. Er zijn theologen te noemen die goed bekend staan en veel gelezen worden in de vrijzinnige geloofsgemeenschappen. Ze horen er echt bij, maar ze verlaten de bolwerken van de kerken niet. Ze houden de titel vrijzinnig ver van zich af, uit vrees van 'besmetting' en gezichtsverlies.

Maar het valt niet te ontkennen dat zowel in de midden-orthodoxie als in de Gereformeerde kerken en in de Rooms Katholieke kerken grote groepen zijn die een belangrijk deel van de vrijzinnige kenmerken dragen.

Koudwatervrees

Het derde punt waarover duidelijkheid moeten komen is dat in kerkelijk Nederland een enorme koudwatervrees is voor de gedachte dat geloven een proces is dat permanent in staat van verandering verkeert. In de enkele mens en in geloofsgemeenschappen. De lijfspreuk van de befaamde kardinaal Ottaviani: “Semper idem”, altijd dezelfde (de leer en de kerk) is een communicatief lachertje. Er is niemand die gelooft “als de vaderen”. Dat station is gepasseerd.

Met bewonderenswaardige ijver proberen de stuurlui van het Samen-op-Wegproces een rechtstreekse discussie en confrontatie over de leer - en dan niet alleen de verzoeningsleer - buiten de SOW-processen te houden. Er zijn echter altijd waterdragers en houthakkers van de waarheid die, wat zij noemen, de kernvragen stellen. Dat zijn de mannen bij de overgang van de rivier de Jordaan, van Gilead naar Efraïm (Richteren 12), de keurmeesters, die u vragen 'Sjibboleth' te zeggen. Dat is Gileads dialect. Kunt u dat niet zeggen: kop er af. Sjibboleth is rechtzinnig, Sibboleth is Efraïms dialect en dat is vrijzinning.

Het gedrag van de vrijzinnigheid is soms verbazingwekkend reactief, vele malen reactiever dan de vrijzinnige instituties doen vermoeden. Het ligt niet in de aard van de vrijzinnigen bij de overgang van de Jordaan te gaan staan en de orthodoxen aan te houden en te vragen: Zeg eens Sibboleth. Dat kunnen ze niet. Ze zeggen Sjibboleth. Kop er af? Nee, ze beginnen gezellig samen een opvangcentrum voor gespreksgroepen bij de rivier en praten met elkaar onder erkenning van elkaars fundamentele verschillen.

Het ontbreekt ook aan een duidelijke stellingname in de SoW-processen. Vrijzinnig zijn is iets totaal anders dan vertellen wat men niet gelooft. Het is helder stellen dat men hervormd is en wil zijn, misschien ook wel gereformeerd, maar dat men met de oude leer der kerk, de klassieke items in de dogmatiek niet (meer) uit de voeten kan omdat dit niet de items zijn waar het in het christelijk geloof om draait.

Als Van der Vlist vrijzinnig erger vindt dan rooms zal hij zich moeten verantwoorden, zeker voor de hervormde leden van de SGP. De kernvraag die nu aan de Gereformeerde Bond en de verontruste gereformeerden moet worden gesteld is duidelijk: is er een volwaardige, gelijkwaardige en erkende plaats voor het vrijzinnig geloofsbeleven in de nieuwe kerk? Niet een gedulde, maar een bewust gekozen plaats. Is er volledige ruimte voor mensen die niet geloven in uw kern-items, maar er andere prioriteiten, theologisch en ethisch op na houden. Is er straks een plaats voor vrijheid in de prediking, voor een jukloze leeropvatting, voor een Sjibboleth-loos interkerkelijk verkeer.

Sjibboleth-loos

Is het waar, zoals vaak beweerd is, dat de vrijzinnigen als volwaardig erkend worden en vrijzinnigen de brandstapel niet behoeven te vrezen? Is het gegarandeerd, dat aan de theologische faculteiten die we straks nog hebben de vrijzinnige geloofsovertuiging een evenwaardige plaats zal krijgen? Is de vrijzinnigheid zelf niet veelkleurig? Zeker, maar dat is de orthodoxie ook.

Het is niet moeilijk zo'n drie of misschien meer stromingen alleen al in de Gereformeerde Bond, de middenorthodoxie, de gereformeerde kerken en ook in de vrijzinnigheid te beschrijven. Dat is de werkelijkheid van de geloofssituatie in ons land, die allang niet meer 'gedekt' wordt door de institutionele grenzen.

Leerpluizerij

Het gaat mij niet om leerpluizerij, maar om intermenselijke en kerkelijke eerlijkheid, voor er ongelukken gebeuren. Ligt die vrijheid die ik bedoel vast? Is er een solide non-agressie-pact? Dat is nodig voor een vruchtbaar verdergaan. Vrijzinnigen moeten een beetje eerlijker en duidelijker de orthodoxe aanvallen op leeruitgangspunten pareren. Dan krijgt de nieuwe kerk eindelijk het gezicht van de geloofswerkelijkheid in ons land: een onderdak voor een pluriformiteit van leer en ethiek.

Deel dit artikel