Uw profiel is aangemaakt

U heeft een e-mail ontvangen met een activatielink. Vergeet niet binnen 24 uur uw profiel te activeren. Veel leesplezier!

Voorwaartse besmetting

home

SYBE I. RISPEN

Hij heeft nog nooit in een gevechtsvliegtuig gezeten en kent vijandige ruimteschepen alleen van films als Independence Day. De beschermheer die ervoor moet zorgen dat de afzonderlijke planeten in ons zonnestelsel verschoond blijven van invasies door leven van elders, zit gewoon op de vierde verdieping van het NASA-hoofdkwartier in Washington D. C. Hij is microbioloog. Hij heet Michael Meyer en is hoofd van het Planetary Protection Program van de Amerikaanse ruimtevaartorganisatie.

Zijn opdracht luidt: verhinder dat micro-organismen van de aarde meeliften met een van de sondes die de komende jaren naar Mars zullen afreizen. Want zo ongeveer het allerlaatste wat wetenschappers bij het zoeken naar leven op die planeet hopen te vinden, zijn geëmigreerde microben, afkomstig van de aarde zelf. Omgekeerd bekijken Meyer en zijn mensen ook hoe de organismen die de sondes mogelijk in het Mars-zand zullen vinden, het best naar aarde terug zijn te brengen. Zónder dat daarbij onze planeet besmet raakt.

In 1971 sloegen twee Russische sondes te pletter op mars. In 1976 landden de twee Amerikaanse Vikings. Komt de zorg voor het exporteren van aards leven naar Mars eigenlijk niet een beetje aan de late kant?

Meyer: “Nee hoor: al in 1967 heeft de commissie voor ruimteonderzoek COSPAR een internationaal verdrag opgesteld waarin staat beschreven aan welke biologische veiligheidseisen alle expedities naar andere planeten moeten voldoen. Dit om te voorkomen dat er een zogeheten voorwaartse of terugwaartse besmetting tussen de planeten kan optreden. Die regels schrijven voor dat sondes die naar een andere planeet gaan, alleen in een soort operatiezaal in elkaar mogen worden gezet. Ook moeten de onderdelen regelmatig een schoonmaakbeurt krijgen met alcohol, om mogelijke bacteriën te doden. Hittebestendige gedeelten dienen in ovens gesteriliseerd te worden.”

“Die regels zijn in elk geval bij de Amerikaanse Mars-missies Viking-1 en -2 gehanteerd en ik vermoed dat de Russen dat net zo hebben gedaan. De conclusie van een onderzoek waaraan ik vier jaar geleden heb meegewerkt was dan ook dat de kans dat er leven van aarde op Mars terecht is gekomen vrijwel zeker gelijk is aan nul. De eisen van COSPAR waren zelfs zo streng, dat ze een jaar of tien geleden wat zijn versoepeld. Zo hoeven sondes die in een omloopbaan om een andere planeet blijven, tegenwoordig niet meer gesteriliseerd te worden.”

- Vervolg op pagina 16

Voorwaartse... VERVOLG VAN PAGINA 15

Wat is de kans dat er met een van de sondes aardse organismen levend op Mars aankomen?

Meyer: “De Global Surveyor gaat de oppervlakte van de planeet bestuderen vanuit een vrij hoge omloopbaan, dus daar hoef je je niet zoveel zorgen om te maken. Maar de Mars Pathfinder zal op Mars zelf rondrijden, dus daar ligt de kans op besmetting anders. Met de veiligheidseisen die we hanteren gaan we ervan uit dat er maximaal tienduizend bacteriën op de robot achter zullen blijven. Dat lijkt misschien veel, maar in een theelepeltje zand zitten al snel meer dan een miljoen micro-organismen.”

“Over een echte besmetting hoeven we ons denk ik niet te veel zorgen te maken. Elk organisme dat het tot Mars heeft gehaald, kan een gerieflijke tijd wel vergeten: op Mars is het overdag een graad of 20 onder nul, 's nachts dalen de temperaturen zelfs tot min 80 graden. En bij een luchtdruk die zo'n honderd keer lager is dan op aarde, is het onmogelijk dat de organismen die aan de oppervlakte terecht komen de beschikking hebben over water in vloeibare vorm, en leven zoals wij dat kennen heeft vloeibaar water nodig. In de atmosfeer van Mars zitten alleen sporen van waterdamp.”

“Overigens zullen er bij de toekomstige missies die in de Mars-grond zullen boren, op zoek naar water, strengere normen gehanteerd worden. De recente ontdekking van mogelijk leven op Mars, zullen aan die strengere regels niets veranderen, want die waren al vanuit het idee gemaakt dat er leven op Mars bestaat.”

Hoe moeilijk is het eigenlijk om een monster waarin mogelijke sporen van leven op Mars zitten, terug naar aarde te brengen? Als we al mensen heen en weer naar de maan kunnen sturen, dan moet dat toch erg eenvoudig zijn?

Meyer (lachend): “Het is natuurlijk moeilijker om mensen de ruimte in te sturen dan micro-organismen. Als je ziet wat voor enorme plannen het Mars Study Team in Houston bedenkt om mensen veilig op Mars neer te zetten: je moet ervoor zorgen dat ze genoeg eten en drinken hebben, je moet ze een elektriciteitscentrale meegeven, iets bedenken zodat ze niet bevriezen en er rekening mee houden dat er genoeg brandstof wordt aangemaakt om weer terug naar aarde te vliegen.”

“ Bij micro-organismen is het allemaal wat minder groot maar toch nog steeds een hele uitdaging. Als de sonde eenmaal op Mars staat, moet je bijvoorbeeld weten hoe je dat ding een monster in een container kunt laten stoppen, zonder dat er sporen van mogelijk levende organismen aan de buitenkant achterblijven. En hoe zorg je ervoor dat wat er in die container zit, goed verzegeld is? Als je dat allemaal hebt gehaald, dan moet het hele zaakje terug naar aarde, waarbij je de condities in de container zo constant mogelijk wilt houden. Hier op aarde wil je uiteraard dat er niet per ongeluk iets uit de container vrij komt. Technisch gezien is het allemaal te doen, maar gemakkelijk zal het toch niet worden.”

Trouw.nl is vernieuwd. Vanaf nu is onbeperkte toegang tot Trouw.nl alleen voor (proef)abonnees.

Deel dit artikel

Advertentie

Wilt u dit artikel verder lezen?

Maak vrijblijvend een profiel aan en krijg gratis 2 maanden toegang tot Trouw.nl.

Het e-mailadres bij dit profiel is nog niet bevestigd. Een link om te bevestigen kun je vinden in je inbox.
Ben je de link kwijt? Vraag hier een nieuwe aan.

Ongeldig e-mailadres

Wachtwoord is niet correct

tonen

Wachtwoord komt niet overeen

tonen

U moet akkoord gaan met de gebruiksvoorwaarden

Wij gaan vertrouwelijk om met uw gegevens. Lees onze privacy statement.