Uw profiel is aangemaakt

U heeft een e-mail ontvangen met een activatielink. Vergeet niet binnen 24 uur uw profiel te activeren. Veel leesplezier!

Voortaan fiets ik kalm tegen Hollandse heuvels op

Home

Gerwin van der Werf

© ANP XTRA

Nederland is plat, maar niet overal. Gerwin van der Werf reist met zijn racefiets naar een aantal plekken waar de weg heel even flauwtjes richting hemel wijst. Vandaag doet hij, als laatste, de Holterberg. Samen met zijn vrouw.

Ik ben één keer zo hard gevallen dat mijn fiets doormidden brak. Eigenlijk was het geen val, maar een frontale botsing. Ik veranderde van weghelft om een fietspad in te slaan, hoorde nog de piepende banden van de Volkswagen waar ik een fractie van een seconde later vol op reed. Ik vloog over de motorkap, sloeg met mijn schouder in de voorruit en gleed op straat. 

Lees verder na de advertentie

Ik stond snel op een plukte wat stukjes glas uit de stof van mijn koersshirt. De chauffeur stapte uit, traag als in een boze droom, verbijstering in zijn ogen. Ik zal zijn woorden nooit vergeten, noch de verbazing in zijn stem: “Jongen, wat deed je nou?”

Ik zei sorry en vroeg of hij erg was geschrokken. We laadden de twee helften van mijn fiets in zijn auto. Het was 2 graden boven nul. De volgende dag kocht ik een nieuwe fiets.

Ik zal zijn woorden nooit vergeten, noch de verbazing in zijn stem: “Jongen, wat deed je nou?”

Dit is drie jaar geleden gebeurd. Elke keer als ik langs die rotonde fiets denk ik eraan. Vorige week fietste ik met gymleraar Michiel onder een viaduct door, ergens langs de Ringvaart bij Schiphol. We reden stevig door, we zwegen als zenboeddhisten. “Hier was het!” riep hij plotseling. “Hier! Precies hier!” “Huh wat?” vroeg ik, ruw gewekt uit mijn trance. Had hij hier voor het eerst een meisje gezoend of zo? Onder de snelweg? “Hier ben ik gevallen, twee jaar geleden! Zes hechtingen.”

Toen begreep ik zijn reactie. Je herkent de plek waar je op het asfalt lag meteen, al heb je nooit geweten waar het precies was. De plek is gemarkeerd, je hebt er een kruisje gezet. “Kom heelhuids thuis!” zegt mijn vrouw altijd als ga fietsen, en nooit klinkt het plichtmatig. Ik vraag me de laatste dagen af of de vrouw van Michele Scarponi het hem ook nog nariep, de dag dat hij tegen dat bestelbusje reed.

De heuvel

Bij mijn laatste excursie naar een Hollandse heuvel, de Holterberg in Overijssel, ben ik in gezelschap van een minder ervaren, maar voor mij wel bijzondere renner: mijn vrouw Margriet. Doorgaans drijft ze liever de spot met mijn bezeten gefiets dan dat ze applaudisseert. 

Natuurlijk is dat soms ergerlijk, maar het is ook goed. Scepsis is gezonder voor je relatie dan bewondering als het gaat om je hobby’s. Bewondering oogst je maar onder je fietsvrienden, thuis dien je te worden uitgelachen om je ambitie de Holterberg binnen anderhalve minuut op te rijden. Maar voor deze gelegenheid wil ze graag meerijden.

Prettig voor mij is dat Margriet veel minder hard fietst dan ik, dus ik hoef vandaag niet moe te worden. Zij heeft er vrede mee dat ik beter kan fietsen, omdat zij beter kan roeien. Zo is het gebrek aan talent eerlijk verdeeld. Roeien is een mooie sport. Dit even terzijde. Bij het roeien kan je niet vallen. 

Scepsis is gezonder voor je relatie dan bewondering als het gaat om je hobby’s

Je kunt wel omslaan, dat gaat heel traag, het lijkt wel slowmotion, je hebt tijd om te denken ‘nou, daar ga ik dan’ en het eindigt ermee dat je door zacht, liefderijk water wordt omsloten. Je klimt terug in de boot en roeit met een nat pak verder. Het is gans wat anders dan met dertig kilometer per uur op het asfalt smakken of aangereden worden als overstekend wild.

We fietsen over de Sallandse heuvelrug, van de Lemelerberg in het noorden tot de Markelose berg in het zuiden. Qua klimmen stellen de heuveltjes niets voor, maar mooi zijn ze wel. De uitgestrekte heidevelden op het hoogste punt van de heuvelrug zijn roestbruin, bomen lijken met hun grillig gevormde takken naar je te willen grijpen. 

De strafste klim van het gebied is de Motieweg, het is een rustige bosweg die vanuit het westen tegen de Holterberg oploopt, het is zo’n rechte weg die eruitziet alsof er helemaal geen heuvel is. De klim heeft niet het karakter van het Kopje van Bloemendaal, met zijn rammelende klinkers, of van de Eyserbosweg met zijn moordende helling of de donkere, in het bos verzonken Oude Holleweg. Maar goed, de weg loopt omhoog, en nog aardig steil ook.

En nu omhoog...

Vlak voor de beklimming begint het te gieten, maar ik ga nu geen regenjas meer aantrekken, ik ben al op snelheid. Margriet vindt het wel best, dus eenzaam sprint ik het heuveltje op. Mijn wielen maken een slurpend geluid op de natte weg, het lijkt op pesterig lachen. Halverwege ben ik moe en wil ik niet meer, maar halverwege ben je er al bijna dus ik rijd hard door en red het in anderhalve minuut. 

’t Kon minder, zou men in deze streek zeggen. Ik stap zwaar hijgend af om te schuilen onder een spar, wat niet erg goed werkt. Even later komt Margriet boven. “Viel wel mee toch?” zegt ze. “Ja, viel best mee”, zeg ik. We eten appeltaart tot het buiten weer droog is.

Na een tocht van negentig kilometer zijn we terug in het dorpje Lemele. Margriet heeft nog nooit van haar leven zo’n eind gefietst, haar bovenbenen trillen als ze afstapt. Ik zie de vermoeide maar tevreden blik in haar ogen.

Ik ben vaak lui, warrig, somber, en ik maal over de dingen waarvan ik vind dat ik er niet goed genoeg in ben

Die tevredenheid herken ik. Na een seizoen over Hollandse heuveltjes knallen ben ik er wel uit. Alle redenen om te wielrennen die ik heb geopperd (en alle redenen welke je nog meer kan bedenken) komen ten slotte hierop neer: ik fiets om tevreden te zijn. Tevreden met mezelf. Nu ik dat zo opschrijf klinkt het oubollig en tragisch tegelijk: dat ik iets moet doen dat an sich tamelijk nutteloos is en waar ik niet eens in uitblink om een tevreden mens te kunnen zijn.

Misschien klopt het beter als ik het zo zeg: in evenwicht. Een man in evenwicht. Ik ben vaak lui, warrig, somber, en ik maal over de dingen waarvan ik vind dat ik er niet goed genoeg in ben. Als ik fiets nemen mijn benen het malen over van mijn hoofd, ik verlaat me volledig op hen, mijn hart en longen doen de rest. Dan is alles in orde, dan ben ik in evenwicht. Wie in evenwicht is, valt niet. Voortaan fiets ik kalm tegen Hollandse heuvels op. Niet meer dat kinderachtige gejakker. Die heuvels zijn mijn demonen, ze slapen en ik mag ze niet wakker maken. Gewoon rustig doorfietsen, niet vallen. Dan is alles goed.

De app

Met de app Strava worden op de smartphone sportprestaties bijgehouden via GPS-gegevens. De Motieweg (Holterberg) is door 11.000 renners beklommen. Het steilste stuk van de Motieweg is zeshonderd meter lang en stijgt met 7 procent. Olympisch kampioen op de 1.500 meter schaatsen Mark Tuitert reed hier in 0:58 naar boven.

De route

Er zijn veel mooie fietsroutes over de Holterberg, maar de meeste paden zijn onverhard en te smal voor racefietsen. De hoofdweg die dwars over de Sallandse Heuvelrug leidt, is een absolute must voor wielrenners. Kom alleen niet in het weekend - of ga anders heel vroeg weg, want dan zit de weg vol auto’s en motoren.



Het e-mailadres bij dit profiel is nog niet bevestigd. Een link om te bevestigen kunt u vinden in uw inbox.
Bent u de link kwijt? Vraag hier een nieuwe aan.

Wachtwoord is niet correct

tonen

Wachtwoord komt niet overeen

tonen

U moet akkoord gaan met de gebruiksvoorwaarden


Deel dit artikel

Advertentie
Ik zal zijn woorden nooit vergeten, noch de verbazing in zijn stem: “Jongen, wat deed je nou?”

Scepsis is gezonder voor je relatie dan bewondering als het gaat om je hobby’s

Ik ben vaak lui, warrig, somber, en ik maal over de dingen waarvan ik vind dat ik er niet goed genoeg in ben