Uw profiel is aangemaakt

U heeft een e-mail ontvangen met een activatielink. Vergeet niet binnen 24 uur uw profiel te activeren. Veel leesplezier!

Voor de werknemers van de bond zijn de verleidingen groot

Home

MATTY VERKAMMAN

AMSTERDAM - De vreemdste vakbond van Nederland, de VVCS, heeft er weer een rel bij. De contract-begeleiders Sigi Lens en Peter Gerards - zelf ooit actief als spelers in de marge van het profvoetbal - zijn door het bestuur van de VVCS op staande voet ontslagen. Voorzitter Theo van Seggelen beweert het waterdichte bewijs in handen te hebben waaruit zou blijken dat het al langere tijd met argusogen gevolgde duo zich aan een transfer wilde verrijken; of al heeft verrijkt - dat is vooralsnog onduidelijk.

Grof geld verdienen aan de handel in voetballers, dat is in het topvoetbal zeker ook na de afschaffing van het transfersysteem, voor allerlei makelaars en zaakwaarnemers het voornaamste doel. De laatste jaren gaat aan de top een onvoorstelbare hoeveelheid geld om. Het zijn met name bij de grote zaken lang niet alleen de spelers die hun zakken vullen. In dit vaak bizarre wereldje van haat en nijd en van onderlinge beschuldigingen, spekken de managers hun bankrekeningen bij een geslaagde transfer soms met tonnen tegelijk. Opeenvolgende VVCS-besturen weten maar al te goed met welke verleidingen ook hun werknemers te maken hebben. Officieel hebben die werknemers zich echter tevreden te stellen met hun vakbondssalaris. Zo zou het moeten zijn en zo wil ook Van Seggelen het nog altijd zien. Helaas is de praktijk al lange tijd anders.

Toen de VVCS op 1 januari 1961 werd opgericht, had het NVV als vakbondskoepel al snel sympathie voor deze belangenorganisatie, die toen in hoofdzaak nog met semi-beroepsvoetballers had te maken. De Haagse voetballers Karel Jansen en Theo Timmermans (beiden ex-ADO) maakten zich sterk voor een betere rechtspositie voor de spelers. Het betaald voetbal was in Nederland nog maar net begonnen (in 1954 werd officieel van start gegaan) en hoe gering de vergoedingen toen ook nog waren, de clubleiders waren in veel gevallen van mening dat bij de betalingen een feodale verhouding tussen clubs en spelers normaal was. De clubs smeten bijvoorbeeld onophoudelijk met forse boetes. Het NVV waardeerde de VVCS-strijd van het eerste uur. Naast de onlangs overleden voorzitter Theo Timmermans en secretaris Karel Jansen, werd het eerste bestuur gevormd door de internationals Noud van Melis (Eindhoven), Gerard Kerkum (Feyenoord), Roel Wiersma (PSV) en de minder vooraanstaande voetballers Abel Alting (GVAV), Wim Anderiesen jr. (Ajax) en Piet Beekman. Deze mensen deden zo veel goed werk voor de voetballers, dat de VVCS al spoedig door het NVV als echte vakbond, de allerkleinste weliswaar, werd binnen gehaald.

Met rechtgeaard vakbondswerk heeft met name Karel Jansen de VVCS in de loop der jaren gezicht gegeven. In de jaren zeventig begon hij echter oppositie van concurrerende begeleiders te ontmoeten. Waar Jansen zich nog lang sterk bleef maken voor typische vakbondsbegrippen als 'scholing en vorming' van de leden, lieten de topspelers van Ajax en Feyenoord zich gaandeweg liever begeleiden door zaakwaarnemers die op het grote geld uit waren. De bekendste in dit gezelschap was lange tijd Cor Coster, de schoonvader van Johan Cruijff.

Het is dezer dagen vooral Rob Jansen, de zoon van Karel, die benadrukt dat de affaire-Lens/Gerards een klap in het gezicht van zijn vader is. Rob Jansen zegt het verschrikkelijk te vinden dat de VVCS als het vakbondsmonument van zijn vader opnieuw wankelt. Dat is een cynisch geluid. Het is niet het minst Jansen junior geweest die de laatste jaren de schepping van zijn vader heeft aangetast. Rob Jansen besloot met zijn Sport Promotion BV commercieel te gaan. Tot aanvankelijke afschuw van de FNV, bedacht Rob Jansen financiële sluiproutes voor de topspelers naar het Antilliaanse belastingparadijs. Uiteindelijk bleek alles nog net legaal te zijn, maar het was duidelijk dat Sport Promotion wel buitengewoon ver van de VVCS was afgedreven. Dat was trouwens al eerder duidelijk geworden. Altijd had de VVCS hardnekkig gestreden tegen het transfersysteem, maar bij de allergrootste transfers van bijvoorbeeld Dennis Bergkamp en Wim Jonk, was Rob Jansen wel de spin in het web.

Het ontslag op staande voet voor Sigi Lens en Peter Gerards past in allerlei negatieve ontwikkelingen die de VVCS al zo lang teisteren. Jarenlang was de jurist en (CDA-)politicus Jimmy Janssen van Raay een der belangrijkste figuren binnen de VVCS. Het staat vast dat allerlei juridische kwesties rond voetballers Janssen van Raay geen windeieren hebben gelegd. Dat kreeg hij luid en duidelijk te horen toen hij zich enkele jaren geleden kritisch uitliet over de familie Jansen, in het bijzonder over Rob. Toen werd de erevoorzitter van de VVCS door de Jansens ineens getypeerd als “een varken dat in zijn eigen stront wentelt”.

Terwijl de VVCS veel te veel een familiebolwerk van de Jansens werd, zetten ook andere kopstukken van deze vakbond hun organisatie te kijk. Martin Snoeck, ooit na Karel Jansen de tweede man bij de VVCS, ging op zeker moment aan de slag bij Feyenoord. Nog altijd wordt over die periode te Rotterdam-Zuid met ergernis gesproken. De voormalige vakbondsman smeet bovenal met declaraties waar iedereen steil van achterover sloeg. Een andere VVCS'er die veel ogen op zich gericht wist, was Ger Lagendijk. Hij manifesteerde zich aanvankelijk als de zuivere vakbondswerker. Later deelde hij als korstondig interim-manager van Feyenoord forse boetes uit aan de spelers (!) en kwam hij terecht in het wereldje van de makelaardij, waar het grote voetbalgeld de kern van alles is.

In deze sfeer van ongeloofwaardigheid past de affaire-Lens/Gerards perfect. Intussen siert het Theo van Seggelen dat hij zich tegen dit soort uitwassen strijdbaar opstelt. Mogelijk vecht de huidige VVCS-voorzitter tegen windmolens, maar zijn houding is net zo sympathiek als die van de jonge Karel Jansen.

Deel dit artikel