Uw profiel is aangemaakt

U heeft een e-mail ontvangen met een activatielink. Vergeet niet binnen 24 uur uw profiel te activeren. Veel leesplezier!

Vluchteling in huis? Goedheid alleen is niet genoeg

Home

Jeannine Julen

© Maartje Geels

Zou u een vluchteling in huis nemen? De bed-bad-brooddiscussie riep deze vraag bij menigeen op. Henny van den Nagel (75) vangt al jaren vrouwen zonder geldige papieren op. En ze weet inmiddels: goedheid alleen is niet genoeg.

Excuses voor mijn rare woonkamer hoor", zegt Henny als ze de volgestouwde ruimte binnenschuifelt. Tussen de antieke meubels staan vuilniszakken, Albert Heijntassen en een schuin geparkeerde, ouderwetse kinderwagen. Allemaal gevuld met kleding en speelgoed. "Het zijn spullen voor het opvanghuis." Ze gaat zitten en neemt een sigaret tussen haar vingers.

Terwijl de woonkamer langzaam blauw kleurt van de rook vertelt Henny over de vrouwen - vaak nog meisjes - die ze sinds een aantal jaar opvangt. In het opvanghuis dat ze daartoe oprichtte, maar ook bij haar thuis in Utrecht. Ze noemt ze niet bij naam. Treedt ook nooit in detail. "Te riskant", zegt ze dan. Of: "dan worden ze traceerbaar". Maar uit de beetjes die ze wel loslaat, soms nog met verdichte steden en plaatsen van herkomst, blijkt dat hun zoektocht naar een verblijfsvergunning geen gemakkelijke was.

Niet achterover leunen
Neem het meisje uit Eritrea, uitgebuit door een Iraans gezin uit Amsterdam, dat haar onderdak en een verblijfsvergunning had beloofd. Een jaar lang werkte ze als prostituee in Athene om een reis naar West-Europa te bekostigen. Maar het enige wat ze in Amsterdam mocht doen was poetsen. Geld kreeg ze niet, schoon ondergoed evenmin en aan eten werd ook niet altijd gedacht. Ze vluchtte, maar deed geen aangifte. Uit angst voor represailles.

Of het meisje uit Turkije dat als tiener door haar moeder gedumpt werd bij familie in Nederland. Ze zou naar school gaan, de Nederlandse taal leren, had de familie beloofd. Niets van dat alles, want ze mocht nergens heen. Uiteindelijk liep ze weg. Via verschillende opvanghuizen kon ze toch naar school. Maar na haar achttiende moest ze naar een asielzoekerscentrum in Venlo. Geen onderwijs, veel bedreigingen. Van mannen die vonden dat ze een hoofddoek op moest of zich anders moest kleden. Ze wilden met haar trouwen of haar aanranden.

"Soms lig ik in bed en realiseer me dat de wereld voor veel vrouwen een verschrikkelijk oord is", zegt Henny. Het is om die reden dat de feministe - zo omschrijft ze zichzelf met trots - tien jaar geleden Huize Agnes oprichtte voor vrouwen en kinderen zonder geldige verblijfspapieren. Ze was al 65 toen ze het idee kreeg. Maar Henny is niet het type dat graag achterover leunt. Ze is vief, veert tijdens het gesprek voortdurend op uit haar fauteuil om iets voor haar blonde poedel te doen. En in de vele anekdotes die ze deelt, klinkt door dat ze graag helpt. Niet vanwege religieuze motieven, benadrukt ze. "Ook al ben ik wel zo opgevoed." Ze moest tijdens haar pensioen dus vooral iets te doen hebben. En dat 'iets' moest spannend zijn, en leuk, raakvlakken hebben met haar achtergrond als verpleegkundige, had ze zichzelf opgelegd.

Lees verder na de advertentie
Soms lig ik in bed en realiseer me dat de wereld voor veel vrouwen een ver­schrik­ke­lijk oord is

Overstelpt
"Eigenlijk wilde ik naar Addis Abeba, de hoofdstad van Ethiopië. Daar heb je een ziekenhuis waar meisjes en vrouwen geopereerd worden die fistels hebben, openingen tussen de vagina en de urinebuis of de vagina en de darmen. Soms doordat ze besneden zijn, maar ook doordat ze verkracht of mishandeld zijn. Ik wilde daar als verpleegkundige heen om te gaan helpen." Maar dat vond haar dochter geen goed idee. Veel te gevaarlijk, en bovendien: Henny's eerste kleinkind was onderweg. Dus bedachten moeder en dochter een opvanghuis als alternatief.

Kort nadat Huize Agnes in oktober 2006 de deuren had geopend, werden Henny en haar vrijwilligers overstelpt met aanvragen. Er was onderdak voor zeven vrouwen; veel meer hadden zich al aangemeld. Henny besloot daarom een kamertje bij haar thuis beschikbaar te stellen voor vrouwen die niet in het opvanghuis terecht konden. Wel pas nadat ze uitgebreid met ze had gesproken. In totaal bood ze vier vrouwen onderdak. En ook nu is de kamer op de tweede verdieping bezet. Het meisje uit Turkije - ze heeft nog altijd geen papieren - woont al vier jaar bij haar in.

Gaat het goed? Over het algemeen wel. Al hebben Henny en haar huisgenote van de week toch nog een pittig gesprek gehad. De aanleiding lijkt klein. "Ze liet de deur keihard dichtvallen. Dat was per ongeluk, dat weet ik ook wel. Maar ik zei er toch wat van." Want, zegt Henny, als je besluit iemand in huis te nemen moet je van tevoren niet alleen goede afspraken maken, je moet ook weten wat jouw ergernissen zijn, je eigenaardigheden en wat je wel en niet wilt tolereren.

Milieufreak
"Ik lees er weleens over in de krant of zie het op televisie. Mensen die iemand in huis nemen en dat vooral doen uit goedheid. Maar goedheid is niet genoeg." Ze zwaait driftig met haar handen en leunt naar voren. "Ik ben bijvoorbeeld een ontzettende milieufreak. Dus bij mij mogen ze maar vijf minuten douchen, één keer per dag. Want ik weet hoe dat gaat. Afrikanen douchen het liefst een half uur lang, twee keer per dag. Dan erger ik me mateloos."

En ook de verwarming is een belangrijk punt op de lijst van afspraken. "Deze vrouwen komen vaak uit landen waar geen verwarming is of stromend water. Ze hebben geen idee wat elektriciteit of water kost." Weggaan en de verwarming aanlaten. Of het raam open doen terwijl het huis met 21 graden wordt verwarmd; het mag allemaal niet van Henny.

Deze vrouwen komen vaak uit landen waar geen verwarming is of stromend water. Ze hebben geen idee wat elektriciteit of water kost

© Maartje Geels

En dan zijn er nog culturele verschillen te overbruggen. Henny eet bijvoorbeeld niet meer samen met de vluchtelingen die ze in huis neemt. Snert, boerenkool of stamppot, daar konden de vrouwen uit China die bij haar logeerden niet aan wennen. En Henny kon weer niet wennen aan hun etenstijden.

"Chinezen eten direct warm als de kinderen van school komen. Dat is soms om vier uur al. Ik doe dat juist op z'n Nederlands. Drie keer per dag, maar dan op vreemde tijden: om elf uur ontbijt, twee uur lunch en acht uur avondeten."

Geen huur
Misschien nog wel het allerbelangrijkst is het creëren van een gelijkwaardige relatie, zegt Henny. De vrouwen die bij haar in huis woonden, betaalden geen huur. Dat wilde Henny niet. Soms hadden ze geen geld, zaten nog volop in de procedure, of verbleven maar kort bij haar. In plaats daarvan deden ze boodschappen, lieten ze haar oude hondje uit of hielpen in het huishouden. "Dan hoeven ze niet steeds dankbaar te zijn. Dat is niet goed, want anders durven zij nooit te zeggen wat beter kan of wat ze liever anders zien." En ongelijkheid zorgt ook voor spanning. "Gaat het een keer fout, dan kan ik denken: doe ik zoveel voor haar, bied ik haar onderdak, dan krijg ik dit!"

Zo'n streven naar een gelijkwaardige relatie met vluchtelingen zou ook het kabinet ten goede kunnen komen, zegt Henny. Want ze bed, bad en brood aanbieden is een nobel begin, maar helpt eigenlijk weinig. "Zij zwerven na het ontbijt weer ongewild op straat. En wij, de samenleving, hebben er last van. Omdat ze een kort lontje kunnen hebben of omdat ze misschien ziektes met zich meedragen."

Met een groep bij het onderwerp betrokken Utrechters brainstormde Henny een week of drie geleden, toen het kabinet nog vol in beraad was, over een oplossing in haar eigen stad. Hun antwoord: zelfbeheer. "Bied ze een gebouw aan, maar zorg ervoor dat ze alles zelf regelen. Ze houden het zelf schoon, zorgen zelf voor eten en bepalen zelf wie er woont en wie niet. Misschien kunnen ze zelfs nog een winkeltje beginnen waardoor inkomsten krijgen. Zo krijgen ze eigenwaarde en kunnen ze ook iets betekenen voor de samenleving."

Dan hoeven ze niet steeds dankbaar te zijn. Dat is niet goed, want anders durven zij nooit te zeggen wat beter kan of wat ze liever anders zien

Trauma's
Teruggaan is voor een grote groep uitgeprocedeerden geen oplossing, weet Henny. Ze kent de verhalen van de vrouwen uit haar opvanghuis. Van het meisje uit China. Haar oom liet haar achter op Schiphol, terwijl hij haar documenten nog had; waarschijnlijk om voor veel geld door te verkopen. Of van het meisje uit Guinee dat in een detentiecentrum terechtkwam, daar negen maanden verbleef en vervolgens op straat werd gezet met de boodschap dat ze haar eigen terugreis moest regelen. Ze had geen geld, alleen een treinkaartje.

En daarbij, zegt Henny: zonder papieren had de Guinese overheid haar vast niet toegelaten. "Als je niet kunt bewijzen wie je bent word je teruggestuurd. Soms gaan mensen wel vier of vijf keer een detentiecentrum in. Terwijl de overheid weet dat ze niet terug kunnen."

Ze zucht. Het Guinese meisje had ze zo in huis genomen als het kon. Als ze daar plaats voor had. Ondanks al haar trauma's. Want zolang die het leven van alledag niet belemmeren, kan het prima. "Maar ik neem niet iemand in huis van wie ik weet dat-ie hele dagen depressief op de bank blijft liggen." Ook het Turkse meisje dat nu bij haar woont, had last van haar verleden. Ze durfde niet alleen over straat. Bang voor familieleden die eerwraak wilde plegen, in de vorm van mishandeling of zelfs moord.

"Maar die angst heeft ze overwonnen. Ze gaat gewoon naar buiten. En deze week doet ze zelfs examen voor haar opleiding als doktersassistent." Henny glundert als ze het vertelt. Eigenlijk glundert ze altijd als ze het heeft over de vrouwen die ze heeft kunnen helpen. Zo vertelt ze blij dat het stateloze Chinese meisje uiteindelijk toch een verblijfsvergunning kreeg. En dat het Guinese meisje dat in eigen land niet erkend werd na een paar weken onderdak vond in haar opvanghuis. Alleen over de Eritrese die bij een Iraans gezin terechtkwam en werd uitgebuit, laat ze niets los. "Ligt te gevoelig", is het enige wat ze erover kwijt wil.

Erg betrokken
In januari droeg ze de dagelijkse leiding van het opvanghuis over. Ze lacht. "Ik word er te oud voor." Zelfs bij de fondsen waarvan ze geld kreeg, begon men zich zorgen te maken of ze het fysiek nog wel aankon. Maar nog steeds is ze erg betrokken. Die vuilniszakken vol kleding brengt ze binnenkort naar het opvanghuis, een paar deuren verderop.

Waarom ze er toch mee door blijft gaan? Haar schijnbaar toch wel invloedrijke christelijke opvoeding steekt weer de kop op: "Ken je de zeven werken van barmhartigheid? De doden begraven doen we dan wel in Nederland, maar we zijn er nog lang niet. Soms, als ik uitgenodigd word om ergens een lezing te geven, vraag ik weleens: 'Zou u het doen? Een vluchteling in huis nemen?' Bijna altijd valt het stil."

Reageren? Zou u een vluchteling in huis nemen? Of doet u dat al? We zijn benieuwd naar uw verhaal, liefst in maximaal 150 woorden, op tijdpost@trouw.nl.

Ik neem niet iemand in huis van wie ik weet dat-ie hele dagen depressief op de bank blijft liggen

Trouw.nl is vernieuwd. Vanaf nu is onbeperkte toegang tot Trouw.nl alleen voor (proef)abonnees.


Wilt u dit artikel verder lezen?

Maak vrijblijvend een profiel aan en krijg gratis 2 maanden toegang.

Het e-mailadres bij dit profiel is nog niet bevestigd. Een link om te bevestigen kun je vinden in je inbox.
Ben je de link kwijt? Vraag hier een nieuwe aan.

Ongeldig e-mailadres

Wachtwoord is niet correct

tonen

Wachtwoord komt niet overeen

tonen

U moet akkoord gaan met de gebruiksvoorwaarden


Wij gaan vertrouwelijk om met uw gegevens. Lees onze privacy statement.

Deel dit artikel

Advertentie
Soms lig ik in bed en realiseer me dat de wereld voor veel vrouwen een ver­schrik­ke­lijk oord is

Deze vrouwen komen vaak uit landen waar geen verwarming is of stromend water. Ze hebben geen idee wat elektriciteit of water kost

Dan hoeven ze niet steeds dankbaar te zijn. Dat is niet goed, want anders durven zij nooit te zeggen wat beter kan of wat ze liever anders zien

Ik neem niet iemand in huis van wie ik weet dat-ie hele dagen depressief op de bank blijft liggen